Sterke Erven Logo
6

Mengteelten als natuurlijke oplossing tegen ziekten en plagen

604 min
De tweede bijeenkomst van Focus on Farming van dit jaar stond in het teken van Agroecologie en Technologie. Eén van de sprekers was Wijnand Sukkel, onderzoeker duurzame landbouw aan Wageningen UR. Tijdens de veldbijeenkomst vertelde hij over de grote meerwaarde van mengteelten in de strijd tegen ziekten en plagen. >Lees verder bij de foto’s
De eiwittransitie leidt er toe dat WUR Open Teelten kijkt naar de mogelijkheden om meer proteïnegewassen te telen op eigen bodem. Door deze teelt te combineren met tarwe snijdt het mes aan twee kanten, zegt Sukkel. „We telen meer eiwithoudende gewassen op eigen bodem en erwten binden stikstof waar de tarwe weer gebruik van maakt.” Daarnaast neemt door deze mengteelt de verspreiding van ziekten en plagen af, waardoor akkerbouwers minder hoeven te spuiten. Ook neemt het aantal natuurlijke vijanden tegen veel voorkomende plagen toe. In deze proef wordt onderzocht welke rassen het beste te combineren zijn. „Niet elke combinatie is mogelijk.” Bij mengteelt zijn de stroken relatief smal, minder dan 1 meter breed. Dat leidt er toe dat de verschillende gewassen in één keer geoogst moeten worden. Als de stroken breder zijn, hoeft dat niet. Maar dan valt het stikstofvoordeel weg.
In dit veld met pompoenen wordt gekeken naar de effecten van niet kerende grondbewerking in rotaties met rooivruchten. Dit onderzoek loopt al tien jaar. Voorlopige conclusies: de grond is weerbaarder tegen wateroverlast en -tekorten. Ook de organische stofgehaltes en de bodemvoorraden aan stikstof zijn hoger, zegt Sukkel.
De combinatie van aardappelen en gras draagt bij aan een lagere phytophthora- en luizendruk. Doordat de grasklaver laag blijft, drogen de aardappelplanten goed op. Zet je er in plaats van gras graan neer, dan blijven de aardappelen vochtiger, waardoor de risico’s op phytophthora groter zijn. Ziektes zullen door de strokenteelt minder snel overspringen naar de andere planten, is de ervaring van Sukkel. Grasklaver wordt gebruikt als rustgewas. Het heeft bovendien als voordeel dat de grasstroken gebruikt kunnen worden als rijbaan voor de trekkers en kippers. „Zo ontstaat er minder bodemverdichting in de stroken voor de aardappelteelt.”
WUR Open Teelten onderzoekt welke gewascombinaties kunnen leiden tot voordelen voor beide partijen. Een bekend voorbeeld hiervan is peen in combinatie met uien in strokenteelt (met stroken die 3 meter of breder zijn). De wortelvlieg heeft een hekel aan uiengeur. Deze wetenschap wordt in de praktijk ook gebruikt: peentelers zetten potjes met uienolie langs de perceelsranden om de wortelvlieg te weren. In dit onderzoek kijken de onderzoekers verder: wat doet deze combinatie bijvoorbeeld voor de biodiversiteit? Of voor de overdracht van valse meeldauw?
Bij WUR Open Teelten wordt ook onderzoek gedaan naar agroforestry: wat kunnen houtige en eenjarige gewassen voor elkaar betekenen. De fruitteelt loopt er momenteel tegen aan dat de bomen bijna niet meer schoon zijn te houden als gevolg van de voortdurende verschraling van het middelenpakket. Bovendien staan fruitbomen over het geheel vrij dicht bij elkaar, wat leidt tot een makkelijke overdracht van ziekten en plagen van de ene boom naar de andere. Door de fruitteelt te combineren met akkerbouw staan de bomen veel verder uit elkaar en ontstaat er een ander microklimaat met minder ziekteoverdracht tot gevolg.
Praktische vraag bij de mengteelt blijft: hoe krijg je het mechanische allemaal rond. Hoe ga je bijvoorbeeld aan het werk met je veldspuit in deze relatief smalle stroken van verschillende gewassen. Volstaat het afsluiten van de doppen in bepaalde banen of moet je meer doen? Met de huidige technieken is al veel meer mogelijk, zegt Sukkel. „Je kunt ook met een standaard apparaat overgaan op rijenbespuiting in plaats van volvelds. Dat scheelt enorm in het middelengebruik.” Zeker in een jong gewas of bij herbicide in de rij leidt een rijenbespuiting tot kostenbesparing.

Beeld: Ellen Meinen

Tags
AkkerbouwPlaaginsectenBladschimmelsOnkruidenBodemvruchtbaarheid