Sterke Erven Logo

‘Bewaar weegbonnen, vrachtbrieven en facturen van afgevoerde fritesaardappelen’

03 min
Akkerbouwers die hun als gevolg van de coronacrisis overgebleven fritesaardappelen afvoeren moeten de weegbonnen, CMR-vrachtbrieven en facturen die betrekking hebben op de afvoer van de aardappelen. Met deze documentatie kunnen ze later aantonen dat de aardappelen niet tot frites(producten) zijn verwerkt in de aardappelverwerkende industrie, maar een alternatieve bestemming hebben gekregen in bijvoorbeeld veevoer. Dat adviseert BO Akkerbouw.

BO Akkerbouw, het ministerie van LNV en RVO werken momenteel aan de uitwerking van de compensatieregeling voor fritesaardappelen. Duidelijkheid over de invulling van de regeling en de controle er op is er dus nog niet. BO Akkerbouw verwacht echter dat de genoemde documenten noodzakelijk zijn als bewijsstukken om in aanmerking te kunnen komen voor compensatie. Daarnaast verwacht de brancheorganisatie dat de regeling ingaat met terugwerkende kracht en dat telers dus niet hoeven te wachten met het afvoeren van de aardappelen. Aan handelaren, verwerkers en transporteurs vraagt BO Akkerbouw om de gevraagde documentatie aan telers af te geven.

Hoogendijk: 'Zonde van de tijd'

Directeur André Hoogendijk: „Alle betrokken partijen werken keihard aan het uitwerken van de regeling. We zien dat bedrijven in de sector nu wachten op de regeling. Het is echter zonde van de tijd en de kosten als er aardappelen blijven liggen die nu wel afgevoerd kunnen worden. Met dit advies verwachten we dat de afzet richting bijvoorbeeld veevoer door kan gaan.”

Heel concreet adviseert BO Akkerbouw telers om van elke partij aardappelen die wordt afgevoerd ten minste de weegbon, de CMR-vrachtbrief en de factuur te bewaren. Hiermeer kan de teler aantonen hoeveel aardappelen van het bedrijf zijn afgevoerd; naar welke locatie de aardappelen zijn vervoerd; hoeveel er voor de aardappelen is betaald en welke uiteindelijke bestemming de aardappelen hebben gekregen.

Van veevoer tot voedselbank

De geaccepteerde bestemmingen voor het afvoeren van aardappelen bestaan in ieder geval uit veevoer, huisdiervoer, Nederlandse voedselbanken, alcohol, bio-ethanol, zetmeel en buitenlandse consumptie. Aardappelen die verwerkt worden tot frites(producten) in Nederland of andere landen komen niet in aanmerking, voegt BO Akkerbouw daar aan toe. Voor de afvoer naar diervoeders wordt gebruik gemaakt van handelaren en verwerkers die GMP+ gecertificeerd zijn of werken volgens de NAO hygiënecode-GMP.

Het ministerie van landbouw heeft vorige week een compensatieregeling aangekondigd voor fritesaardappelen. De uitwerking van deze regeling wordt ter goedkeuring aan de Europese Commissie voorgelegd. De definitieve regeling wordt gepubliceerd in de Staatscourant. Daarnaast bereidt RVO zich voor op de uitvoering.

Beeld: Fenneke Wiepkema

Bron: BO Akkerbouw

Tags
AkkerbouwBelangenbehartigingPolitiekConsumptieaardappelenRegelgevingZuid-Holland