Sterke Erven Logo

Niet veel minder stoppers door nieuw Brabants beleid

02 min
Het aangepast agrarisch beleid van het College van Gedeputeerde Staten (GS) van Noord-Brabant zal niet leiden tot veel minder stoppende veehouders. Wel zal het beleid vertragend werken. Dit blijkt uit een onderzoek van Connecting Agri&Food, in opdracht van het provinciebestuur, over de effecten van het landbouwbeleid van de provincie.

Het aantal Brabantse pluimveehouders dat waarschijnlijk besluit te stoppen bedraagt tot 2022 circa 5 procent en tot 2028, 6 procent. Zowel bij het huidige beleid als de voorgestelde beleidsaanpassingen. Het aantal stuks pluimvee blijft naar verwachting nagenoeg gelijk.

Dit komt omdat de Brabantse pluimveebedrijven gemiddeld genomen goede jaren achter de rug hebben en de leghennenhouders in verband met het verbod op de legbatterij in 2012 de keuze hebben gemaakt om te stoppen of te investeren en door te gaan.

Vleeskuikens

De bedrijven met stallen die zijn aangepast of nieuw hebben gebouwd, dienen in de loop naar 2028 wel opnieuw te worden aangepast. Het aantal vleeskuikenbedrijven zal, met name in de grotere grootteklassen, nagenoeg gelijk blijven. Met het huidige beleid zullen enkele vleeskuikenbedrijven in de kleine diergroottecategorieën overwegen te stoppen.

Beeld: Susan Rexwinkel Agrio archief

Tags
PluimveePolitiekRegelgevingOndernemerschapNoord-Brabant