Sterke Erven Logo

LTO uit zorgen over nieuwe fosfaatbepaling in brief aan minister

02 min
LTO Nederland pleit voor een aanpassing van de voorgestelde klassenindeling van de gewijzigde fosfaatbepaling van grasland en bouwland. Een heel aantal melkveebedrijven worden namelijk fors gekort op hun fosfaatgebruiksruimte. Dit kan tot gevolg hebben dat bedrijven opeens niet meer voldoen aan de Wet grondgebonden groei melkveehouderij.

Dit schrijft de land- en tuinbouworganisatie in een brief in minister Schouten. LTO wil dat de minister nog voor het eind van dit jaar tot een andere klassenindeling voor de nieuwe fosfaatbepaling komt. Dit moet zorgen voor een neutralere overgang. Lukt dan niet, dan doet de organisatie een dringend beroep op Schouten om met een overgangsregeling te komen.

Van Pw-getal naar P-Al en P-CaCl2

Tot op heden wordt de gebruiksruimte van fosfaat voor bouwland altijd bepaald aan de hand van het Pw-getal. Door veranderde regelgeving is de fosfaatgebruiksruimte voor zowel grasland als voor bouwland gelijk getrokken en wordt het gebaseerd op twee fosfaatbepalingen; de hoeveelheid plantbeschikbaar fosfaat (P-CaCl2 of P-PAE) en de bodemvoorraad fosfaat (P-Al). Daarmee wordt zowel rekening gehouden met de bodemvoorraad als de plantbeschikbaarheid van het fosfaat. De wijziging gaat in per 1 januari 2021.

Niet alleen de fosfaatbepaling van gras- en bouwland wijzigt. Ook komt er een nieuwe klasse-indeling die bepaalt of de fosfaattoestand in de grond tot de categorie ‘arm’, ‘laag’, ‘neutraal’, ‘ruim’, of ‘hoog’ behoort. Aan de hand daarvan wordt de fosfaatgebruiksruimte bepaald.

Advies Commissie Deskundigen Meststoffenwet

Het ministerie ging af op het advies van het CDM (Commissie Deskundigen Meststoffenwet). Het CDM beoordeelde dat de veranderingen per bedrijfstype, regio en/of grondsoort gering zouden zijn. Het CDM heeft geen daadwerkelijke doorrekeningen gedaan. LTO stelt nu dat uit verschillende doorrekeningen blijkt dat een aantal bedrijven onevenredig hard getroffen worden door de aanpassingen. „Uit recente berekeningen van vele individuele boeren, ondersteund door een totaalanalyse van Eurofins Agro, blijkt dat met name voor bouwland op kleigronden in bepaalde regio’s de fosfaatbemestingsruimte ongewenst zeer sterk daalt in de beoogde nieuwe situatie. Voor het grasland lijkt de plaatsingsruimte juist voornamelijk in het noordoosten te dalen.”

LTO geeft aan dat zij al in gesprek is met medewerkers van het ministerie van LNV om de situatie te beoordelen.

Beeld: Susan Rexwinkel

Tags
MelkveePolitiekRegelgeving