Sterke Erven Logo

RIVM en NVWA onderzoeken zoönosen in de melkveehouderij

02 min
Het RIVM en de NVWA starten in januari een onderzoek naar ziekteverwekkers in de melkveehouderij die ook mensen ziek kunnen maken. Dat meldt de dierenartsenorganisatie KNMvD.

De onderzoekers willen weten welke zogeheten 'zoönotische ziekteverwekkers' aanwezig zijn op melkveebedrijven. Vervolgens wordt gekeken naar de risicofactoren, zodat ingeschat kan worden hoe eventuele infecties voorkomen en bestreden kunnen worden. Eerder zijn in soortgelijke onderzoeken verricht in de varkens- en leghennensector en in de vleesveehouderij, aldus de KNMvD.

Er wordt gekeken naar diverse ziekmakende bacteriën: Campylobacter, Salmonella, Listeria, ESBL-producerende bacteriën, MRSA, STEC, Cryptosporidium en Clostridium difficile.

Voor het onderzoek zijn 200 melkveebedrijven nodig. Die worden geselecteerd via een steekproef. Inspecteurs van de NVWA bezoeken deze bedrijven en verzamelen mest- en stofmonsters in de stallen. Samen met de veehouder wordt een vragenlijst ingevuld over het bedrijf.

Onderzoek op mensen

Niet alleen het vee wordt onderzocht op mogelijke ziekteverwekkers. Het RIVM vraagt ook veehouders en hun gezinsleden en medewerkers of zij willen participeren. Deelnemers wordt gevraagd om twee ontlastingsmonsters en een neusswab af te nemen en op te sturen. Zo kan worden onderzocht of de genoemde bacteriën en parasieten ook bij mensen op het bedrijf voorkomen.

Tevens wordt het microbioom van de deelnemers bepaald. Dat is de verzameling van alle bacteriën die in de darm leven. Het microbioom van deze groep melkveehouders zal vervolgens worden vergeleken met een vergelijkbare groep mensen uit de algemene bevolking.

Indien gewenst, kunnen de veehouders de uitslagen ontvangen van de onderzoeken op hun bedrijf. De uitslagen hebben geen consequenties voor de onderzochte dieren of de deelnemende bedrijven, schrijft de KNMvD.

Beeld: Ingrid Zweers Agrio Archief

Bron: KNMvD

Tags
MelkveeDiergezondheid