Sterke Erven Logo

Waarschijnlijk geen nieuwe derogatie voor Nederland, gevolgen afzet varkensmest

03 min
De Europese Commissie beoordeelt de Nederlandse derogatie-aanvraag als onvoldoende. Nederland mag daarom deze week geen presentatie houden in het nitraatcomité, en dat betekent praktisch gezien dat Nederland waarschijnlijk geen derogatie krijgt voor 2022. Het verlies van derogatie kan de afzet van varkensmest naar akkerbouwers in de toekomst bemoeilijken.

De Europese Commissie is onvoldoende overtuigd dat Nederland met het ingediende Zevende Actieprogramma Nitraatrichtlijn alle doelen ten aanzien van de waterkwaliteit op tijd zal gaan halen. Vooral bij de kwaliteit van het oppervlaktewater zijn nog vraagtekens. En als er niet voldoende zicht op is dat die doelen op tijd worden gehaald, kan Nederland de volgende stap in de derogatie-aanvraag niet zetten.

Nitraatcomité

Want de procedures in Brussel zijn strikt. Om derogatie te krijgen, moet een land bij het Nitraatcomité vier keer een presentatie houden over zijn plannen om de waterkwaliteit te verbeteren. Dat comité komt vier keer per jaar bij elkaar.

Nederland had zijn eerste presentatie gehouden in september, en zou aanstaande woensdag, 15 december, zijn tweede presentatie houden, met daarin de plannen van het Zevende Actieprogramma Nitraatrichtlijn. Maar die presentatie heeft de Europese Commissie nu van de agenda gehaald.

Dat betekent dat alles drie maanden opschuift; Nederland zou zijn vierde presentatie dan pas in september volgend jaar kunnen houden, en daarna horen of het derogatie krijgt over 2022. En dat is rijkelijk laat; tegen die tijd is het uitrijdseizoen al zo goed als voorbij. In de praktijk zou dat betekenen dat Nederland voor volgend jaar geen derogatie krijgt.

Afzet varkensmest mogelijk moeilijker

Wageningen Economic Research (WEcR) maakte eerder dit jaar een analyse van de mestmarkt. Daaruit blijkt dat en eventueel verlies van derogatie voor ontwrichting van de mestmarkt kan zorgen. Het wegvallen van derogatie betekent dat op alle landbouwgrond in Nederland een stikstofgebruiksnorm van 170 kilo per hectare geldt. Met derogatie ligt de stikstofgebruiksnorm voor zand- en lössgronden in Limburg, Noord-Brabant, Overijssel, Gelderland en Utrecht op 230 kilo per hectare en voor de rest van Nederland op 250 kilo per hectare. WEcR verwacht toenemende druk op de mestmarkt bij een stikstofgebruiksnorm van 170 kilo per hectare op alle landbouwgronden. Bedrijven, die nu nog deelnemen aan derogatie zullen hun bemesting aan moeten passen, om te voorzien in de stikstofbehoefte van de gewassen. Met de huidige normen, zal dat leiden tot een forse toename van het gebruik van kunstmest.

Tegelijkertijd moet een aantal melkveehouders opzoek naar kanalen om de mest die overblijft af te zetten. Omdat de nationale plaatsingsruimte voor stikstof uit dierlijke mest onveranderd blijft, heeft dit direct invloed op de mestmarkt. Veel akkerbouwers hebben, vanwege het organisch stofgehalte, een voorkeur voor rundveemest. Dit bemoeilijkt de afzet van varkensmest naar de akkerbouw.

Lees het hele bericht over het mogelijk wegvallen van de derogatie op Melkvee.nl.

Tags
VarkensDierlijke mestMestafzetOndernemerschapPolitiekRegelgeving