Sterke Erven Logo

Weer stijging NVWA tarieven

03 min
De dienstverlening van de NVWA wordt in 2024 (weer) verhoogd. Volgens een in opdracht van ministerie van LNV gehouden onderzoek door Wageningen Economic Research (WER) blijft het aandeel van de NVWA-tarieven in de totale kostprijs van de diverse bedrijven beperkt. Echter, een gemiddeld vleesvarkensbedrijf dat al zijn varkens exporteert, wordt geconfronteerd met een extra onkostenplaatje van ruim 6.000 euro

Op 1 januari 2024 verhoogt de NVWA weer haar tarieven. Uit onderzoek door WER blijkt dat het aandeel van de NVWA-tarieven in de totale kostprijs van bedrijven (varkenshouders, maar ook varkenshandelaren en slachthuizen) beperkt is. Deze wordt verder beperkt indien bedrijven in staat zijn de gevolgen van deze tariefswijziging door te berekenen aan hun afnemers.

Opbouw

De NVWA wordt bekostigd vanuit twee geldstromen. De ministeries van LNV en VWS betalen 79 procent van de totale NVWA-kosten. De overige 21 procent is afkomstig van derden/bedrijven. Deze betalingen worden via tarieven bij het bedrijfsleven in rekening gebracht. De tarieven voor 2024 zijn wederom naar boven toe aangepast. Daarbij zegt LNV dat is rekening gehouden met inflatiecorrectie, stijging van personeelskosten, wijzigingen in het benodigde aantal uren, wijzigingen in te factureren eenheden en een verdere afbouw van de generieke demping.

Beperkt

In een in opdracht van ministerie van LNV gehouden onderzoek concludeert Wageningen Economic Research (WER) dat de gevolgen van de (hogere) tarieven die de NVWA in rekening brengt, in relatie met de omzet, inkomen of kostprijs van de bedrijven of sectoren zeer beperkt zijn. Bij een aantal sectoren kan de stijging van de NVWA-tarieven bijdragen aan verlies van concurrentiepositie door een stijging van de kostprijs.

Gevolgen

Indien een gemiddeld zeugenbedrijf met 671 zeugen alle 20.733 biggen zou exporteren en de kosten van de NVWA volledig ten laste van het bedrijfsresultaat zouden komen dan daalt het inkomen van de zeugenhouder met 2.811 euro. Dit zou bij een gemiddeld inkomen een daling van 2,7 procent betekenen. Voor een gemiddeld vleesvarkensbedrijf dat 9.728 vleesvarkens per jaar verkoopt, allemaal voor de export zouden de extra kosten 6.206 euro bedragen. Dit is een daling van het gemiddeld inkomen van 5,6 procent. De onderzoekers verwachten dat de vleesvarkenshouder deze kosten niet hoeft te dragen of worden gecompenseerd door een hogere opbrengstprijs. Indien extra kosten bij export niet vergoed worden door hogere opbrengstprijzen dan volgt afzet van de vleesvarkens binnen Nederland.

Beeld: Agrio archief

Bron: Ministerie LNV

Tags
VarkensOndernemerschapPolitiekRegelgevingFinancieel