Sterke Erven Logo

NCM: mestexport redelijk stabiel, mestbewerking kan worden opgeschaald

02 min
Het Nederlands Centrum voor Mestverwaarding (NCM) verwacht dat het exportvolume aan mest de komende jaren redelijk stabiel blijft, zoals het de laatste jaren was. 40 procent van de ondernemingen die over mestbewerkingsinstallaties beschikt, wil uitbreiden.

Dan gaat het vooral om uitbreidingen in capaciteit. Maar op de congresdag in Zwolle, die het NCM vorige week donderdag met andere betrokken partijen organiseerde, werd eens temeer duidelijk dat de vergunningverlening de bottle neck is.

Varkensmest 30 procent totaal

Het aandeel varkensmest op de totale mestexport in tonnen is ongeveer 30 procent. Meer dan de helft van het totale volume in tonnen stikstof bestaat uit pluimveemest. Vijf procent van het totale mestexportvolume betreft rundveemest. In 2022 waren er 202 mestbewerkingsinstallaties in bedrijf die in totaal 13 miljoen ton van de markt haalden.

Tot en met 2025 groeit deze capaciteit naar verwachting met 1,2 miljoen ton. Bijna de helft van het totale volume wordt bewerkt in Noord-Brabant, gevolgd door Gelderland, waar ongeveer 22,5 procent van het totale volume wordt bewerkt.

Renure wetgeving

Vanwege de export van mest en de halvering van de fosfaatexcretie, was er de laatste jaren geen fosfaatoverschot meer. Maar door de gefaseerde afbouw van de (stikstof) derogatie, ontstaat er de komende jaren toch weer een overschot op de mestmarkt. Tenzij de Renure kunstmestvervanger wetgeving wordt ingevoerd. Invoering daarvan zou, volgens de berekeningen van het NCM, de disbalans op de mestmarkt weer opheffen.

Tags
VarkensDierlijke mestPolitiekRegelgeving