Sterke Erven Logo

Drenthe werkt aan stappenplan na uitspraak leliezaak

03 min
Provincie Drenthe is bezig met een juridische en praktische uitwerking van de uitspraak van de Raad van State rondom de lelieteelt op 2 april. Er wordt ingezet op een stappenplan. Het provinciaal bestuur gaat daarvoor het gesprek aan met verschillende partijen en ook de landsadvocaat. ‘Er zal uitvraag worden gedaan om een duiding van de uitspraak te geven, met aandacht voor interpretatieverschillen en concrete gevolgen voor de provincie als bevoegd gezag, voor de Natura 2000-activiteit en de agrarische sector in brede zin’.

Op vier punten is de uitspraak voor Provincie Drenthe wel duidelijk, zo wordt er geschreven in een brief aan Provinciale Staten. ‘De door ons gehanteerde afstandsgrens van 250 meter is niet wetenschappelijk onderbouwd. Wij moeten de telers van lelies een voortoets vragen om significante effecten uit te sluiten. Als significante effecten niet kunnen worden uitgesloten, dan is er sprake van een natuurvergunningplicht en is het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen bij lelieteelt een overtreding waartegen moet worden gehandhaafd. En wij mogen de landelijke handhavingsstrategie toepassen en in een geval als dit betekent dat dat wij een voortoets mogen afdwingen met een waarschuwing.’

Toch is er over veel punten met de uitspraak ook niet beslist. ‘Zo gaat de Raad van State niet in op de vraag of een individuele teelt een project is of, zoals ons standpunt is, dat er sprake is van voortgezet agrarisch gebruik. Ook wordt niet ingegaan op het bestaan van een referentiesituatie voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen.’

Nog meer handhavingsverzoeken hangen in de lucht

Het juridische spoor is belangrijk omdat er sinds 2 maart opnieuw handhavingsverzoeken zijn ingediend. De eerste betreft drie kadastrale percelen en daar vindt volgens Provincie Drenthe controle plaats. De tweede komt opnieuw van Meten=Weten. Daarbij wordt de provincie gevraagd om bij achttien telers te handhaven. Ook wil Drenthe nog een aantal juridische zaken voorleggen aan de rechter. ‘Dat betreft onder meer de vraag of een individuele teelt wel een project is, of dat agrarisch gebruik van een landbouwperceel als één voortgezet project moet worden gezien. Ook de vraag of en in hoeverre er voor lelieteelt met een referentiesituatie kan worden gewerkt (zoals wel bij stikstof) kan dan worden voorgelegd.’

Praktische gevolgen worden met alle betrokkenen besproken

De praktische uitvoering van de uitspraak is nog niet heel concreet. Er worden verschillende gesprekken gevoerd. Zo wordt overlegd met HLB in Wijster en Proefboerderij Valthermond over het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, over welke stappen zijn genomen in het kader van verduurzaming/minder milieubelasting en op welke wijze voortoetsen en eventueel passende beoordelingen kunnen worden opgesteld. Ook wordt er gesproken met teler een gesprek met telers met de insteek wat de uitspraak in de praktijk betekent, welke oplossingsrichtingen zij zien en of zij überhaupt een voortoets kunnen opstellen voor de beoogde bedrijfsactiviteiten.

Provincie Drenthe gaat daarnaast met Meten=Weten en Natuurbeschermingswacht bespreken hoe die partijen de uitspraak zijn. Tot slot wordt de uitspraak ingebracht in het Interprovinciaal Overleg (IPO), om samen met andere provincies op te trekken richting de Rijksoverheid. De navraag voor duiding door de landsadvocaat is ook een belangrijk onderdeel om te komen tot een stappenplan.

Binnen enkele weken hoopt Drenthe de eerste voortgang al te kunnen delen.

Beeld: Susan Rexwinkel

Bron: Provincie Drenthe

Tags
AkkerbouwBloembollenPlantgezondheidDrenthe