Sterke Erven Logo

Bij nieuw landbouwbeleid staat stikstofreductie op één

05 min
Het nieuwe kabinet wil vooral stikstof reduceren om Nederland ‘van het stikstofslot’ te halen. Maar om niet het wiel opnieuw uit te hoeven vinden grijpt het terug naar instrumenten uit het kabinet-Schoof, en naar die uit Rutte-IV.

Het landbouwbeleid van de komende vier jaar staat vooral in het teken van stikstofreductie en natuurherstel. Dat geldt ook voor andere sectoren, maar het landbouwhoofdstuk in het nieuwe regeerakkoord is veel specifieker over hoe dat moet gebeuren.

Dat dat hoofdstuk ‘Landbouw, natuur en stikstof’ heet is al een teken aan de wand. In de vier pagina’s van dat hoofdstuk komt het woord ‘stikstof’ twintig keer voor. Mest, het onderwerp van die andere grote landbouwcrisis, slechts twee maal; een keer als mestproductieplafonds, bij het voornemen om ook voor kalveren en geiten dier- of fosfaatrechten in te voeren, en een keer bij experimenteerruimte voor innovaties, waarvoor in de mestwetgeving ruimte moet worden gemaakt.

Maar Nederland ‘moet en kan’ van het stikstofslot af, vindt het nieuwe kabinet. Niet in de laatste plaats omdat het de agrarische sector ook in onzekerheid houdt. „Als we Nederland van het stikstofslot halen, kunnen ondernemers weer ondernemen, krijgen PAS-melders, interimmers en boeren weer perspectief“, stelt het regeerakkoord. Maar ook kunnen we dan „woningen bouwen en kunnen we de natuur en biodiversiteit […] herstellen.“

Voortbouwen op Schoof

Om dat te bereiken zet het nieuwe kabinet de weg voort die het huidige kabinet al heeft ingeslagen. De stikstofdoelen die Schoof’s ministeriële stikstofcommissie voor 2035 had vastgesteld (42 tot 46% reductie voor de landbouw ten opzichte van 2019, en 50% reductie voor de sectoren industrie en mobiliteit) blijven overeind, al komen er tussendoelen voor 2030. En het kabinet-Jetten zet een stok achter de deur; als het stikstofdoel van 2035 niet wordt gehaald, kan worden gekort op dier- of fosfaatrechten bij landbouwbedrijven.

Andere maatregelen lijken uit het regeerakkoord van twee jaar geleden te komen: de KDW moet zo snel mogelijk vervangen worden door een juridisch houdbaar alternatief dat uitgaat van de feitelijke staat van de natuur, er komt een nieuwe vergunningverlening gebaseerd op doelvoorschriften, en er wordt zo snel mogelijk, bij een geborgd reductiepakket, een rekenkundige ondergrens ingevoerd.

Daarnaast gaat het kabinet-Jetten door met de door minister Wiersma ingezette maatwerkaanpak om PAS-melders en interimmers te legaliseren.

Teruggrijpen op Rutte IV

Maar ook grijpt het nieuwe kabinet terug op het laatste kabinet-Rutte - niet toevallig een kabinet waar D66, VVD en CDA ook in zaten, toen nog samen met de ChristenUnie. Naast een generieke stikstofaanpak komt ook de gebiedsgerichte aanpak weer terug, vooral rondom overbelaste Natura 2000-gebieden als de Veluwe en de Peel, en met doelsturingsnormen per gebied.

Het Transitiefonds wordt in ere hersteld en gevuld met 20 miljard euro. Daarmee wil het kabinet boeren helpen „de omslag naar een toekomstbestendige landbouw te maken“. Daarbij kijkt de nieuwe regering naar het ‘trappetje van Remkes’; boeren die hun bedrijf niet op dezelfde plek op dezelfde manier kunnen voortzetten, worden ondersteund om het bedrijf aan te passen, te extensiveren, te verplaatsen, of in het uiterste geval uit te worden gekocht. Dit betreft dan vooral boeren rondom die Natura 2000-gebieden.

Aan de andere kant krijgt de landbouw de ruimte ‘op plekken waar dat kan’. Daar trekt het nieuwe geld en grond (in de vorm van een nationale grondbank) voor uit.

En verder:

Beeld: Fred van Assendelft

Tags
BiologischMelkveeAkkerbouwVarkensPluimveePolitiekRegelgevingZuid-Holland