Sterke Erven Logo

Daling stikstofbemesting op melkveebedrijven zet door

02 min
Nederlandse melkveebedrijven zijn de afgelopen 18 jaar minder stikstof gaan gebruiken, terwijl het stikstofgebruik van akkerbouwbedrijven vrijwel stabiel bleef. Dat blijkt uit voorlopige cijfers van Wageningen Social & Economic Research op basis van het Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid (LMM).

Akkerbouwbedrijven gebruikten in 2024 gemiddeld 221 kilo stikstof per hectare. Daarmee ligt het niveau ongeveer in lijn met eerdere jaren. Volgens de onderzoekers verschuift de samenstelling van de bemesting wel. Het gebruik van kunstmest neemt af, terwijl het aandeel dierlijke mest en overige organische meststoffen (zoals compost) juist groeit. In 2024 bestond 43 procent van de gebruikte stikstof uit kunstmest en 47 procent uit dierlijke mest.

Melkveehouders sturen op eiwitopbrengst gras en maïs

Op melkveebedrijven is ondanks een intensieve bemesting van grasland sprake van een dalende trend. Daar werd in 2024 gemiddeld 322 kilo stikstof per hectare gebruikt. Volgens Wageningen Social &Economic Research hangt dat samen met veranderingen in de bedrijfsvoering en de bemestingspraktijk.

Melkveehouders richten zich vooral op een hoge eiwitopbrengst van gras en maïs en bemesten grasland vaak meerdere keren per jaar. Ongeveer twee derde van de gebruikte stikstof op melkveebedrijven is afkomstig uit dierlijke mest. Het aandeel kunstmest bleef in de onderzochte periode vrijwel stabiel. Op melkveebedrijven worden organische meststoffen vrijwel niet gebruikt.

Bemestingsstrategie melkvee en akkerbouw verschillen

Bij de berekening van het stikstofgebruik gaat Wageningen Social & Economic Research uit van de nettoproductie van dierlijke mest. Daarbij zijn gasvormige verliezen uit stal en opslag al in mindering gebracht. Het totale mestgebruik op bedrijfsniveau wordt vervolgens berekend via een balans van productie, beginvoorraad, eindvoorraad, aanvoer en afvoer van meststoffen.

De onderzoekers benadrukken dat akkerbouw en melkveehouderij verschillen in bemestingsstrategie. In de akkerbouw ligt de nadruk op gerichte precisiebemesting per gewas en wordt vooral in het voorjaar bemest. In de melkveehouderij draait bemesting om een continue productie van gras en maïs gedurende het groeiseizoen.

De cijfers over 2024 zijn voorlopig. Het LMM volgt de effecten van mestbeleid sinds 1992. Voor trendanalyses wordt gebruikgemaakt van gegevens vanaf 2006, toen het meetnet werd aangepast naar een vaste groep deelnemende bedrijven.

Beeld: Ellen Meinen

Tags
MelkveeVoerBodemDierlijke mestKunstmest