Goede resultaten met focus op graslandmanagement en transitieperiode
Jeroen Beker uit Brummen is scherp op secuur werken

Tien jaar geleden bouwde de familie Beker een nieuw bedrijf in Cortenoever bij Brummen in het kader van het project ‘Ruimte voor de Rivier'. Ze bouwden een woning, een 0+6+0 ligboxenstal, een jongveestal en een machineberging, De koeien worden gemolken door vier melkrobots en als ligboxvulling kozen ze voor diepstrooisel met biobedding.
Op het bedrijf is 150 ha grond in gebruik: 20 ha mais, 90 ha grasland en 40 ha kruidenrijk grasland in de uiterwaarden. Goed graslandmanagement staat centraal, van inkuilen tot voeren. Het produceren van veel, hoogwaardig ruwvoer is de sleutel voor goede resultaten. Een voerefficiency van 1,32 per kg meetmelk laat zien kwalitatief goed voer goed benut wordt en omgezet in melk.
‘We maaien de eerste snede niet te vroeg, begin mei is vaste prik. Daarna maaien we strak iedere 4 weken. Het liefst maai ik met 3,5 week, in plaats van met 4 weken, als dat zo uitkomt. We streven naar goede hoeveelheid VEM en smakelijk voer in de kuil’, verklaart Beker.
De melkveehouder investeerde drie jaar geleden in een bandhark. Vooral bij droog weer blijft hiermee de voederwaarde van het eiwitrijke blad bij met name de klaverpercelen intact. De hark raapt het gewas op zonder schade te veroorzaken. Ook raapt de bandhark het gras schoner bij elkaar.
Secuur werken
Niet alleen het maaien gebeurt volgens een vast ritme, ook is de melkveehouder secuur op het inkuilproces. Bij het inkuilen is het doel om het gras binnen twee dagen te maaien en in te kuilen. De kuilen moeten strak en vast aangereden zijn. ‘We doen behalve het sleepslangen en mais hakselen alles zelf. Die flexibiliteit vinden we prettig.’
De laatste jaren voert Beker in het najaar vers gras op stal. ‘We willen het najaarsgras goed benutten. Het stalvoeren is arbeidsintensief en wij merken dat het een uitdaging is om de melkproductie dan op niveau te houden. Door over te gaan op vers gras, haal je de constante weg en daar reageren de koeien op. Mede daardoor weet ik nog niet of we hier volgend jaar mee doorgaan.’
Scherp op transitieperiode
Het ureumgetal was in 2025 15, in 2024 18. Het ‘Het aandeel ruw eiwit van het totale rantsoen was in 2024 155 per kg ds. ‘De jaren daarvoor was dat hoger, zo’n 162 gram. We willen wel meer structureel toe naar 155 gram. Een laag ureum, hoge gehaltes en hoge producties zijn wel facetten waar we alert op zijn.’
De 220 melkkoeien op het Brummense bedrijf produceren gemiddeld 11.500 liter op jaarbasis met 3,80% eiwit en 4,60% vet.
Met ruim 4 stuks jongvee per 10 melkkoeien streeft het bedrijf naar een hoge leeftijd en een laag vervangingspercentage. Gezonde, oude koeien produceren efficiënt, is de gedachte. De afvoerleeftijd is ruim zeven jaar met 65.000 liter gemiddeld. Maar liefst 38 koeien passeerden de 100.000-liter-grens en zeven de 10.000 kg vet-eiwit. De tienjarige Irma werd afgelopen november tijdens de beste boerenkoeverkiezing 2025 verkozen tot parel van de Veluwe in de rubriek koeien met een levensproductie van meer dan 100.000 kg melk. ‘We zijn maar gestopt met tegeltjes en oorkondes ophangen’, grapt Beker.
De oorzaak van een hoge levensduur is volgens hem onder andere dat ze scherp zijn op de transitieperiode. ‘We streven naar probleemloze koeien en daarbij ligt de basis bij een goede transitie.’
In de stal heeft Beker twee droogstandsgroepen: een far-off voor de eerste weken van de droogstand en een close-up groep waar ze twee weken voor afkalven op stro komen en waar de koeien afkalven. Het idee is dat op deze manier de koeien probleemloos aan een nieuwe lactatie kunnen beginnen. De droogstandsgroepen zijn heel bewust vóórin de stal gebouwd, zodat bij binnenkomst automatisch direct oog is voor deze groepen.
Beker: ‘Door veel focus te leggen op de transitieperiode voorkomen we problemen bij de opstart aan begin van de lactatie. Droge koeien krijgen slechts twee keer een wisseling in rantsoen. We zorgen er op deze manier voor dat een koe makkelijk en gezond kan produceren en hierdoor oud kan worden. Het is goud waard om de droge koeien op deze manier te huisvesten.’
Efficient bemesten
Goed management komt dus tot uiting op het land en in de stal. In de stal met vier melkrobots zorgen de diepstrooiselboxen, de ruimte, het licht en de efficiënte looplijnen voor koecomfort. ‘We voeren twee keer per dag, hebben een aanschuifrobot, coating op de voergang en maken iedere dag de waterbakken schoon. Dat vinden we belangrijk en blijven we consequent doen. Ook is Beker consequent in het bemesten. Na 1 augustus past hij geen drijfmest meer toe en de kunstmeststrooier staat altijd ‘zuinig’ afgesteld.
Het grootste deel van de percelen wordt met de sleepslang bemest. In het voorjaar mengt hij daar 10% water bij, de 2e en 3e snede zoveel mogelijk.
‘Ik houd rekening met het opbrengend vermogen van de grond. Lichtere gronden bemest ik minder en onder de bomen gaat de kunstmeststrooier uit. De 25 ha grasklaver bemesten we minder, omdat de klaver zelf al zorgt voor extra stikstof in de bodem.’
Op scheurgrond past Beker geen drijfmest toe. ‘Op die manier kan ik op de andere percelen iets meer toedienen. De drijfmest goed en nauwkeuring verdelen vind ik belangrijk. Hiermee voorkomen we dat de mest inefficiënt benut wordt of uitspoelt naar de bodem en het water.’
Beker allround kampioen bij VK-Oost
Jeroen Beker scoort meerjarig bovengemiddeld goed met de uitstoot van CO2, het stikstofbodemoverschot én ammoniak, zo blijkt uit een uitgebreide analyse van VK-Oost over 10 jaar praktijkdata.
Beker is door VK-Oost gehuldigd als kampioen, tijdens de Inspiratiebijeenkomst van VK-Oost.
Het rapport 'De oogst van 10 jaar praktijkdata' is gratis te downloaden.
Beeld: VK-Oost

Over VK-Oost
Bij VK-Oost leren ondernemers van elkaar in studiegroepverband in een uitdagend leerprogramma dat ieder jaar door VK-Oost wordt georganiseerd. Tevens kunnen leden naar eigen wens deelnemen aan projecten en pilots van VK-Oost, waaraan we samenwerken met partners, experts en overheden. Opgedane kennis is direct toepasbaar op het eigen bedrijf. Bij VK-Oost is de verzamelde (kringloop)data bij leden een belangrijke pijler.
VK-Oost leert met de vier thema’s Kringlopen, Rendement, Ondernemerschap en Verbinding om samen te werken aan een vruchtbare toekomst:









