Disproportionele gevolgen van de nieuwe hygiënecode voor kleinschalige pakstations
'Nieuwe hygiëneregels onbetaalbaar voor kleinschalige pluimveehouders'

„De nieuwe hygiënecode voor eieren is 28 mei aangekondigd en op 15 juni ingegaan. Dat is een ongelooflijk korte termijn, en deze regel heeft (weer) geen rekening gehouden met kleinschalige pakstations. Dat zijn er niet veel, maar ze bedienen wel een aantal boerenklanten en voor geen van deze boeren is naleven van de nieuwe code haalbaar. Bovendien zijn veel analyses gericht op residuen van antibiotica en antiparasitaire middelen die bij de kleinschalige houders, die op extensieve wijze gezonde buitenkippen houden, helemaal niet spelen. Waarom de keuring niet afstemmen op de risico’s?" Zo schrijft Van Ormondt in de brandmail.
Afgelopen vrijdag publiceerde de Gezondheidsdienst voor Dieren een onderzoek in opdracht van Avined een onderzoek naar de hygiëne status van de kleinschalige pluimveehouderij, wijst Van Ormondt op. „Het GD-onderzoek laat zien dat de diergezondheidstatus van pluimvee in de kleinschalig gehouden legsector niet minder is dan de diergezondheidsstatus in de grootschalige intensieve houderij, terwijl het dierenwelzijn vaak juist beter is doordat de kippen een gevarieerd buitenleven hebben. Het onderzoek toont aan dat antistoffen tegen laag pathogene aviaire influenza (LPAI), de milde variant van het vogelgriepvirus, niet zijn aangetroffen; dat de meeste kippen volgens de regels worden gevaccineerd voor Newcastle Disease virus; dat mycoplasma gallicepticum (Mg) weinig voorkomt en dat Salmonella geheel niet is aangetroffen. Kortom, deze kleine sector heeft - ondanks gebrek aan regels- zichzelf vanuit intrinsieke motivatie regels opgelegd en handelt professioneel."
Eigen passende regelgeving
„Als Caring Farmers hebben we actief meegewerkt aan het onderzoek. We willen ten slotte al jaren dat deze kleine sector erkend gaat worden als subcategorie met een eigen set aan passende regelgeving. Deze resultaten geven hopelijk ook het ministerie het vertrouwen om verder met ons in gesprek te gaan over het organiseren van een aparte sector."
„De hygiëne code voor pakstations én het rapport mobiele slacht voor pluimvee laten beiden zien, dat beleid gemaakt is voor grootschalige bedrijven en dat kleinschalige bedrijven de dupe zijn, en keer op keer worden vergeten. Kun je ons laten weten hoe je de kleine pakstations overeind wilt houden? Door een uitzonderingspositie of een vergoeding van de kosten", vraagt Van Ormondt aan Hugo van Kasteel. Daarnaast wil Caring Farmers graag met een breed consortium van LVVN een gesprek hebben over de toekomst van de kleinschalige pluimveehouderij.
Gevolgen disproportioneel
„De nieuwe Hygiënecode Eieren 2026 legt pakstations een grotere verantwoordelijkheid op voor het aantonen van de voedselveiligheid van aangeleverde eieren. Hoewel het belang van voedselveiligheid buiten discussie staat, dreigen de gevolgen voor kleine pakstations, die eieren sorteren en verpakken van kleinschalig extensief gehouden pluimveekoppels, disproportioneel uit te pakken", zegt coördinator Hanneke van Ormondt van stichting Caring Farmers geïrriteerd.
„Een belangrijk punt van zorg is de eis dat voor koppels die niet deelnemen aan het Monitoring Kritische Stoffen-programma (MKS) van IKB Ei een analysecertificaat beschikbaar moet zijn. Op dit moment is nog onvoldoende duidelijk hoe deze bepaling moet worden geïnterpreteerd. Als dit betekent dat voor ieder afzonderlijk koppel analyses moeten worden uitgevoerd op residuen van diergeneesmiddelen en andere kritische stoffen, dan worden juist de kleinste spelers in de sector geconfronteerd met kosten die niet in verhouding staan tot hun omvang. Waar dergelijke kosten in de grootschalige sector over miljoenen eieren kunnen worden verdeeld, moeten kleinschalige pakstations deze terugverdienen op vaak slechts enkele duizenden eieren per koppel."
„Daarbij wringt het dat de gevraagde analyses zich grotendeels richten op risico's die juist samenhangen met intensieve productiesystemen. Kleinschalig en extensief gehouden pluimvee gebruikt doorgaans weinig tot geen antibiotica en aanzienlijk minder antiparasitaire middelen. Het is daarom moeilijk uit te leggen waarom juist deze bedrijven mogelijk worden geconfronteerd met dezelfde onderzoeksverplichtingen als bedrijven waar met name antiparasitaire middelen structureel worden ingezet", zegt Van Ormondt.
Risicogebaseerde aanpak
Een risicogebaseerde aanpak zou volgens Caring Farmers veel logischer zijn. Voor extensieve houderijsystemen ligt het volgens Caring Farmers voor de hand om de aandacht te richten op risico's die daadwerkelijk relevant zijn, zoals PFAS, dioxinen en andere bodem- en milieuverontreinigingen. Dat zijn risico's die samenhangen met de omgeving waarin dieren worden gehouden en niet met de schaal van het bedrijf.
„Kleinschalige pluimveehouders zijn niet aangesloten bij IKB Ei en daarmee nemen zij ook niet deel aan het MKS-programma. Dat is niet omdat zij voedselveiligheid onbelangrijk vinden, maar omdat de kosten, administratieve verplichtingen en de opzet van deze systemen zijn ontwikkeld voor de reguliere commerciële pluimveesector. Voor bedrijven met enkele honderden leghennen zijn deze systemen praktisch niet haalbaar."
Gespannen voet
„De huidige formulering van de hygiënecode staat op gespannen voet met initiatieven vanuit Caring Farmers om de kleinschalige pluimveesector verder te professionaliseren. Binnen die beweging wordt juist gewerkt aan betere voedselveiligheid, transparantie en vakmanschap, onder andere door het voorstel om de grens voor kleinschalige houderijen te verhogen van 250 naar 1.000 leghennen. Het doel daarvan is om bedrijven voldoende schaal te geven om professioneel te kunnen werken, zonder de voordelen van een extensieve, lokale en diervriendelijke bedrijfsvoering te verliezen."
„Tegen die achtergrond voelt deze hygiënecode als een stap in de tegenovergestelde richting. In plaats van ruimte te bieden aan de verdere ontwikkeling van een kleinschalige en lokale sector, dreigen nieuwe verplichtingen juist de bedrijven te treffen die investeren in dierenwelzijn, korte ketens, biodiversiteit en een lagere milieubelasting. De combinatie van onduidelijke eisen, hoge analysekosten en extra administratieve lasten maakt het risico reëel dat lokale afzetketens verdwijnen of nooit tot ontwikkeling komen", vindt Van Ormondt.
„Dat zou een opmerkelijke uitkomst zijn. Juist de bedrijven die aansluiten bij maatschappelijke wensen rond lokaal voedsel, dierenwelzijn en een toekomstbestendige landbouw worden dan het hardst geraakt door regelgeving die onvoldoende onderscheid maakt tussen intensieve en extensieve productiesystemen. Een dergelijke uitwerking is moeilijk anders te kwalificeren dan als disproportioneel", zegt Van Ormondt geïrriteerd.
Tussencategorie
Caring Farmers pleit al sinds 2021 voor een nieuwe tussencategorie: tot 1000 kippen met een passende set aan regelgeving. Het ministerie doet hier vooralsnog niets aan. Naar schatting telt NL zo’n 180 kleinschalige kippenhouders met minder dan 249 kippen. Dit aantal is noodgedwongen, want bij 250 kippen voldoe je aan dezelfde regels als een pluimveebedrijf met 300.000 kippen, inclusief alle verplichte keuringen en dergelijke „We zijn hierbij bijzonder: er zijn weinig boeren die om regels vragen, maar onze boeren hebben liever wél regels dan nu verplicht in de hobbyhoek zitten zonder regels", zegt Van Ormondt.
Deze zoektocht startte in 2021 omdat toen in diverse agrarische media werd geopperd dat de kleinschalige sector zou bijdragen aan de verspreiding van vogelgriep, en onder alle regels van de grootschaligen zouden moeten vallen. Caring Farmers heeft uiteindelijk in 2025 het Netwerk Kleinschalige Pluimveehouderij opgestart voor kennisdeling, verbetering van dierenwelzijn en gezamenlijke lobby. Hier zitten ruim 100 kipcaravanhouders en andere kleinschalige boeren bij aangesloten. Netwerk Kleinschalig Pluimvee - Caring Farmers
Tom Schotman
Opgegroeid op een vleeskuikenbedrijf in het Achterhoekse Vragender. Schrijft sinds augustus 2013 voor Pluimveeweb.nl, vakblad Pluimveeweb, Pigbusiness.nl, vakblad Pig Business en de regionale agrarische vakbladen van Agrio.
Beeld: Ellen Meinen
Bron: Caring Farmers

