Sterke Erven Logo

'Fosfaatgehaltes in ruwvoer niet leidend voor excretie'

03 min
Afgelopen week gaf het CBS een raming van de fosfaatproductie in 2014. Op basis van deze cijfers is de fosfaatproductie in de melkveehouderij gestegen. Naast een hogere melkproductie, kunnen ook hogere gehaltes fosfaat in het voer leiden tot hogere excreties als daar niet voor gecorrigeerd wordt. Toch klopt de stelling niet dat een hoger fosforgehalte in kuilgras en vers gras automatisch zorgt voor een hogere fosfaatproductie. Dit zegt BLGG in een persbericht.

Door het goede groeiseizoen is er in 2014 veel stikstof en fosfaat geleverd door de bodem aan het gewas. Daardoor waren zowel de droge stofproductie als de gehaltes ruw eiwit en fosfor hoger dan de voorgaande jaren.

De gehaltes in het ruwvoer zijn volgens BLGG echter niet leidend voor de excretie. Gerard Abbink, productmanager bij BLGG legt uit: „De hogere gehaltes fosfor en stikstof maken het mogelijk om te besparen op aankoop van eiwit. De gehaltes in het rantsoen zijn bepalend voor de prestaties van de koe, en voor de berekende excretie.”

Volgens Abbink kunnen veehouders en hun adviseurs, bij hogere gehaltes stikstof en fosfaat in het ruwvoer, het aandeel aanvullende eiwitrijke voeders verlagen. „Uiteindelijk gaat het op een melkveebedrijf om efficiëntie. De aankoop van dure voeders is niet nodig als het ruwvoer voldoende bevat.”

Eerste snee 2015

Volgens BLGG laten zal eerste snede van 2015 weer aanzienlijk lagere gehaltes aan stikstof en fosfor laten zien. Uit de vele vers grasmonsters die BLGG analyseert blijkt dat er dit jaar per kilo droge stof minder ruw eiwit (180 gram in 2015 en 192 gram in 2014) en fosfor (4,4 gram in 2015 en 4,6 gram in 2014) in het voer zit als gevolg van de relatief droge, koude, maar zonnige voorjaarsdagen. „Daardoor zit er ook erg veel suiker in het gras. Melkveehouders die al vers gras voeren via zomerstalvoedering of beweiding zullen dit terugzien in het ureumgehalte van de melk”, geeft Abbink aan.

Lager eiwit mogelijk

Uit diverse projecten omtrent kringloopwijzer blijkt dat 20 procent van de bedrijven nog gemiddeld 16 procent ruw eiwit in hun rantsoen gevoerd hebben. Volgens BLGG is 15 procent voldoende voor een goede melkproductie. Abbink: „Daar valt dus nog wat winst te behalen. Benut het eigen ruwvoer, en voer niet overbodig bij. Dan is de invloed van hogere gehaltes in het ruwvoer beperkt, en haal je als melkveehouder het beste rendement.”

Tekst:

Beeld: Agrio archief

Tags
MelkveeAgribusinessVoerGrasMaisFosfaatrechtenRegelgeving