Sterke Erven Logo

Loofklappen geeft meer kans op Erwinia

02 min
De eerste resultaten van het vierjarige Deltaplan Erwinia zijn bekend. Aardappelonderzoekers Henk Velvis en Kees Kristelijn startten vorig jaar met een risicoanalyse bij elf mini-knollentelers en twintig pootaardappeltelers met de rassen Kondor en Spunta. Hieruit blijkt dat achtergebleven bacteriën op mechanisatie een besmettingsbron zijn.
Velvis en Kristelijn brachten de risico's in kaart door jaarrond de bedrijven te controleren op de besmetting van Erwinia's. Mini-knollen bleven tijdens het poten en gedurende de veldperiode vrij van de bacteriën. In monsters van de loofklapper werden de bacteriën voor het eerst aangetroffen. Hieruit blijkt dat de loofklapper mogelijk de eerste besmetting veroorzaakt in de teelt van mini-knollen. Bij de teelt van pootaardappelen, klasse S, bleek zowel de pootmachine als de loofklapper een bron van besmetting te zijn.


70 procent besmet

Bij 70 procent van de monsters van de loofklapper en het loof werd een besmetting aangetoond. Ook het machinaal rooien verhoogt het risico op Erwinia. Velvis en Kristelijn vonden gezonde monsters in partijen die met de hand werden gerooid. Daarentegen bleek bij sommige telers 70 tot 80 procent van de machinaal gerooide monsters na het inschuren besmet te zijn met Erwinia.
Komend jaar wordt het rooi- en inschuurproces per fase nauwkeurig gevolgd op aanwezigheid van de hardnekkige bacterie.

Toepassingen bedenken

Nu het tweede jaar van het onderzoekstraject van start is gegaan, verwachten de aardappelonderzoekers bevestiging van hun eerste bevindingen. Vervolgens gaan ze praktische toepassingen bedenken die leiden tot vermindering van het probleem. Hiernaast gaan beiden zich richten op de versmering en besmetting in de bewaring.
De aardappelonderzoekers zetten vooralsnog hun vraagtekens bij de bron van de besmetting. In onkruid, regen, bodemleven en grond werd tot nu toe niets gevonden. Vandaar dat de verwachting is dat Erwinia's in de wintermaanden niet in de bodem kunnen overleven.

Bacterie in de schil

Uit de risico-analyse bleek dat de Erwinia-besmetting zich niet alleen bevindt in het naveleinde. Aardappelen die na onderzoek van het naveleinde als negatief werden getoetst, bleken toch te zijn besmet. De bacteriën bevonden zich veelal in de schil van de aardappel. Tot vorig jaar werden de bacteriën aangetoond met de Elisa-methode. Omdat deze methode vals positieve reacties gaf ten opzichte van de nieuwere PCR-methode, is vanaf 2009 overgestapt op de laatstgenoemde onderzoeksmethode.

Tags
AkkerbouwConsumptieaardappelenPootaardappelen