Sterke Erven Logo

De uitdaging van Sam de Visser

02 min
Sam de Visser heeft op zijn bedrijf in Biddinghuizen 110 hectare gediepploegde grond. Hij teelt daarop consumptieaardappelen, uien, tarwe, suikerbieten en snackpeen. „De oorspronkelijke grond was heel zwaar, meer dan 60 procent afslibbaar. Er lag gemiddeld 85 centimeter klei met daaronder 25 centimeter puur zand.” Met het diepploegen haalde De Visser het zand omhoog en mengde dat met de klei. Eerst was het bovenin wat te schraal. Met de rotorspitter mengde hij het verder. De klei moet nog wat verweren. Gemiddeld zal de grond nu rond de 20 procent afslibbaar zijn.

Als serieus probleem noemt De Visser vrijlevende aaltjes. Die kunnen, afhankelijk van het seizoen, behoorlijk schade aanrichten. „Aaltjes kunnen je de helft van de uien kosten. In dat gewas is het vaak een combinatie van stuiven, koude en andere invloeden. Als dan de aaltjes erbij komen is dat net een tik te veel. Soms heb je jaren geen last en dan vreten ze hele bunders uien weg.”

Ook de stuifschade verschilt sterk van jaar tot jaar. Gerst gezaaid als antistuifdek kan tot eind april kapotwaaien en de suikerbieten daarin vervolgens ook. De Visser wil bij alles naar het geheel kijken. „Met Veldleeuwerik kijken we ook vaak naar de bodem. Daar moet het uiteindelijk vandaan komen. Als je dat niet goed doet heb je altijd ook ziektes te pakken.” Hij volgt met interesse buren die met groenbemesters en andere maatregelen bezig zijn. „Je kunt de grond natuurlijk kaal houden. Dan heb minder aaltjes, maar ook geen opbrengst.” Met Topbodem hoopt de akkerbouwer te leren over de beste maatregelen in deze situaties.

Tekst:

Beeld: Susan Rexwinkel

Tags
AkkerbouwConsumptieaardappelenTopbodem