Sterke Erven Logo
10

Praktijkproeven naar viruspreventie in pootgoed: ruggen afdekken met doek en stro

1003 min
Agrifirm en HZPC hebben gezamenlijk een demonstratieproject aangelegd met luizengaas en stro als viruspreventie in de teelt van hoogwaardig uitgangsmateriaal. Met deze proef hopen de initiatiefnemers virusaantastingen door bladluizen te beperken en daarmee de aardappelteelt verder te verduurzamen.

Op zes locaties in Groningen, Friesland, Flevoland en Noord-Holland zijn in pootgoedpercelen proefveldjes aangelegd die zijn afgedekt met stro of met vier verschillende soorten doek. Er zijn steeds vier ruggen afgedekt met doek of stro. Op twee van deze locaties zijn daarnaast ook grotere praktijkproeven neergelegd, waarin twaalf ruggen over een lengte van dertig tot veertig meter zijn afgedekt. De doeken blijven het hele groeiseizoen, dus tot het moment van loofdoding, liggen.

Praktische uitvoerbaarheid

Dat het afdekken van aardappelruggen met doek of stro werkt tegen virusaantastingen is bekend, vertelt Cornelis de Haas, accountmanager akkerbouw bij Agrifirm. „Wat we nu vooral willen onderzoeken, gaat daarop verder: Hoe gedraagt het gewas zich onder het doek, werkt het phytophthoramiddel door het doek heen.” In de grote praktijkproef willen de initiatiefnemers ook kijken naar de praktische uitvoerbaarheid. „Hoe makkelijk werkt het, wat doet de wind met het doek, wat is het effect op eventuele wildschade en hoe haal je het er weer af.” Ook de NAK wordt met het oog op de veldkeuring bij het project betrokken.

Doel van de proef is om de aardappelteelt verder te verduurzamen. „Dat willen de akkerbouwers ook heel nadrukkelijk”, zegt De Haas. „Zij hebben ook een hekel aan insecticiden. Als we op deze manier de eerste en tweede generatie, de stammen, kunnen vermeerderen zonder al te veel virusdruk is dat winst. Het beperkt het risico voor de teelt en de akkerbouwers hoeven minder vaak te spuiten.”

Gaaskassen

Vroeger werden miniknollen geteeld in gaaskassen. Het nadeel hiervan was dat het een arbeidsintensieve klus was: Het opzetten en afbreken van de gaaskassen kostte veel tijd. Vooral nadat het aantal hectares miniknollen per teler steeds groter werd, werd het niet meer rendabel. Nu de virusdruk in pootaardappelen toeneemt en de ‘standaard’ preventiemaatregelen als gezond uitgangsmateriaal, selectie, minerale olie en de wekelijkse inzet van luisbestrijders en/of pyrethroïden niet altijd afdoende is om Y-virus buiten de deur te houden, kijkt de sector nadrukkelijk naar alternatieven.

Bij maatschap Werkman in Breede (GR) is vandaag de praktijkproef aangelegd.
Het doek is elastisch en is losjes over de ruggen gelegd. Zo houden de aardappelen de ruimte om te groeien. „Het doek groeit met het gewas mee omhoog.”
Het doek is water- en zonlicht doorlatend.
Aan de zijkanten en de kopse kanten is het doek ingegraven.
Bij Werkman liggen drie rassen onder de doeken. „We willen ook kijken wat het effect is op de rassen, zoals phytophthoraresistentie en wat is het verschil tussen vroege en latere rassen.”
Ook ligt er een referentieblok, een object met mineralie olie en een object met minerale olie + gemulched stro.
Het doek werd tegens teeltvervroegend, doordat de warmte langer blijft hangen.
Phytophthora wordt dan ook een uitdaging, erkent De Haas. „Onder het doek zal bij vochtige omstandigheden een hogere druk zijn door de warmte. Als dit weer aanhoudt, hebben we nog een groot probleem.”

Beeld: Agrifirm

Tags
AkkerbouwPootaardappelenPlaaginsectenFrieslandGroningenNoord-Holland