Sterke Erven Logo

69 gewassen komen in aanmerking voor vroege bemesting

04 min
In totaal mag er voor 69 gewassen vroege bemesting aangevraagd worden. Dit zijn bijna alle soorten. Dat schrijft minister Piet Adema van Landbouw, Natuur- en Voedselkwaliteit in een brief aan de Tweede Kamer.

De definitieve ontwerplijsten voor vroege teelten en rustgewassen worden uiterlijk 14 februari gepubliceerd, zodat de regelgeving op 15 februari in kan gaan. Dit is een dag voor de start van het uitrijdseizoen voor de zogenoemde 'vroege teelten'. Dit zijn gewassen die vroege bemesting nodig hebben omdat dit voor de ontwikkeling van de plant beter is. Het gaat bijvoorbeeld om aardappelen, granen, verschillende soorten kolen, veld- en tuinbonen en luzerne.

Implementatie

Beide lijsten zijn onderdeel van het Besluit gebruik meststoffen (Bgm). In verband met de implementatie van het Zevende Actieprogramma Nitraat wordt de regeling Bgm gewijzigd. Dit betekent dat er op alle percelen landbouwgrond op zand- en lössgronden een rotatieschema geldt waarbij eens in de vier jaar een rustgewas wordt toegepast, de zogeheten 1:4 rotatie rustgewassen.

Ook is de uitrijdata van mest gewijzigd. Op bouwgrond mag dit vanaf 16 maart. Dit is een maand later dan voorheen. De gewassen die op de lijst met 'vroege teelten' staan, mogen vanaf 16 februari bemest worden. Ook het uitrijden van vaste strorijke mest is vanaf half februari toegestaan.

Ontwerplijst vroege teelten

  1. - Aardappelen
  2. - Andijvie
  3. - Anijs
  4. - Asperge
  5. - Blauwmaanzaad
  6. - Bloemkool, productie-
  7. - Boerenkool
  8. - Bonen, veld-
  9. - Bonen, tuin-
  10. - Boomkwekerij gewassen
  11. - Bol- en knolgewassen in de sierteelt (m.u.v. tulp)
  12. - Bospeen
  13. - Broccoli
  14. - Chinese Kool, productie-
  15. - Dille
  16. - Echinecea
  17. - Erwten
  18. - Fruitteelt
  19. - Gras-klaver
  20. - Grasland
  21. - Graszaad
  22. - Graszoden
  23. - Haver
  24. - Kapucijners (en grauwe erwten)
  25. - Kervel
  26. - Knoflook
  27. - Komijn
  28. - Koolrabi
  29. - Linzen
  30. - Lupine
  31. - Luzerne
  32. - Mais geteeld overeenkomstig de biologische productiemethode
  33. - Meerjarige bloemisterij gewassen
  34. - Paksoi
  35. - Peterselie
  36. - Peulen
  37. - Plantuien
  38. - Prei (zaai en productie)
  39. - Pronkbonen
  40. - Raapstelen
  41. - Rabarber
  42. - Radijs
  43. - Rode kool, productie-
  44. - Rode bieten/Kroten
  45. - Selderij, productie-
  46. - Schorseneren
  47. - Sjalotten
  48. - Sla, productie-
  49. - Snij- en trekheesters
  50. - Snijrogge
  51. - Savooiekool, productie-
  52. - Spinazie, productie-
  53. - Spitskool, productie-
  54. - Suikerbieten
  55. - Suikermais onder folie
  56. - Tijdelijk grasland
  57. - Valeriaan
  58. - Vaste planten
  59. - Venkel
  60. - Vlas (vezel-, olie-)
  61. - Voederbieten
  62. - Waspeen, productie-
  63. - Wintergranen
  64. - Winterkoolzaad
  65. - Witte kool, productie-
  66. - Zaaiuien
  67. - Zomerbosui
  68. - Zomergranen
  69. - Zomerkoolzaad

Ontwerplijst rustgewassen

  1. - Afrikaantjes (Tagetes)
  2. - Beemdlangbloem
  3. - Blauwmaanzaad
  4. - Bloemmengsel (randen)
  5. - Boekweit
  6. - Bruine bonen
  7. - Korte (groente)teelten, of vroeg geoogste gewassen of in voorkomend geval een combinatie van beiden, gevolgd door een vroeg ingezaaid onbemest vanggewas (inzaai voor 1 september)
  8. - Dahlia
  9. - Droge erwten
  10. - Engels raaigras
  11. - Festulolium
  12. - Gerst, winter-
  13. - Gerst, zomer-
  14. - Granen, overig
  15. - Gras-klaver
  16. - Grasland, blijvend
  17. - Grasland, natuurlijk
  18. - Grasland, tijdelijk
  19. - Graszaad
  20. - Graszoden
  21. - Haver
  22. - Italiaans raaigras
  23. - Karwijzaad
  24. - Klaver, rode
  25. - Klaver, witte
  26. - Kolen (rode kool/witte kool/spruitkool)
  27. - Koolzaad
  28. - Koolzaad, winter (ook boterzaad)
  29. - Koolzaad, zomer (ook boterzaad)
  30. - Kruiden, zaadgewassen
  31. - Lelie (1e jaar van meerjarige teelt)
  32. - Lijnzaad niet van vezelvlas (olievlas)
  33. - Lupinen, niet bittere-
  34. - Luzerne
  35. - Miscanthus (olifantsgras)
  36. - Narcis (eerste jaar van meerjarige teelt)
  37. - Peterselie, productie
  38. - Pioen (1e jaar van meerjarige teelt)
  39. - Quinoa
  40. - Raapzaad
  41. - Raketblad (Solanum sisymbriifolium)
  42. Rand, grenzend aan blijvend grasland of een blijvende teelt, hoofdzakelijk bestaand uit blijvend gras
  43. Rand, grenzend aan blijvend grasland of een blijvende teelt, hoofdzakelijk bestaand uit tijdelijk gras
  44. - Rand, grenzend aan bouwland, hoofdzakelijk bestaand uit blijvend gras
  45. - Rand, grenzend aan bouwland, hoofdzakelijk bestaand uit tijdelijk gras
  46. - Rietzwenkgras, anders dan voor industriegras
  47. - Rietzwenkgras, industriegras
  48. - Rogge (geen snijrogge)
  49. - Roodzwenkgras
  50. Rustgewas mengsel, waarbij het mengsel voor minimaal twee derde uit een of meer rustgewassen uit deze lijst bestaat
  51. - Snijrogge
  52. - Soedangras/Sorghum
  53. - Soja
  54. - Spelt
  55. - Tarwe, winter-
  56. - Tarwe, zomer-
  57. Teelten voor zaaizaad en vermeerdering, bijvoorbeeld spinazie, bloemzaadgewassen, groenbemesters (zoals rietzwenkgras, Engels raaigras, Italiaans raaigras, gekruist raaigras en Westerwolds raaigras, bladrammenas, gele mosterd en Japanse haver).
  58. - Teff
  59. - Timothee
  60. - Triticale
  61. - Tuinbonen
  62. - Veldbeemdgras
  63. - Veldbonen
  64. - Vezelhennep
  65. - Vezelvlas
  66. - Vogelakkers
  67. - Westerwolds raaigras
  68. - Zonnekroon

Beeld: Ruth van Schriek

Bron: Tweede Kamer

Tags
AkkerbouwDierlijke mestKunstmestRegelgevingPolitiek