In de buurt van Westendorp (GD) rooit Bas Westerveld van het gelijknamige akkerbouwbedrijf een perceel aardappelen. „We hebben lang moeten wachten op voldoende droog weer, maar nu kon het. Nog langer wachten is voor ons geen optie, want dan komen we in de knel met het voorjaarswerk”, vertelt Bas.
Bas Westerveld bekijkt samen met medewerker Henrie Sloëtjes wat er nog aan aardappelen in de ruggen zit. Veruit de meeste knollen zijn vergaan. De intacte knollen zijn echter nog opvallend hard. Her en der zit er een kiem aan.
Het rooien gaat redelijk, al zijn de laagst gelegen hoeken en kopakkers voorlopig te nat: die worden overgeslagen. De rooisnelheid ligt zo rond 3 á 4 km/uur.
Om de aardappelen enigszins ‘schoon’ in de kipper te krijgen, staan er drie medewerkers op de rooier om rotte, versmeerde en door engerlingen aangevreten knollen eruit te halen.
Na vier hectare rooien is er zo’n 30 ton op de wal gehaald, ofwel zo’n 7,5 ton per hectare. Behalve voor de goede knollen, wordt er ook gerooid om aardappelopslag te voorkomen.
Veruit de meeste knollen zijn volledig weggerot. Dat is zowel te zien als te ruiken. Achter de rooier zijn veel grijzige vlekken te zien: de ingedroogde massa van rotte knollen.
De oogst wordt op de thuislocatie nog een keer goed uitgelezen, vervolgens in kisten gedraaid en daarna voor een droogwand gezet.
De uiteindelijke bestemming van de aardappelen is nog niet duidelijk. „Mogelijk kan het nog in de vlokken en anders zoeken we een andere bestemming. We zien wel waar belangstelling is”, aldus Bas.