Sterke Erven Logo

Deense rode stier R David absolute topper op basis van aanhoudingscijfer

02 min
Maar liefst 63 procent van de dochters van R David is vijf jaar na de eerste kalving nog op de bedrijven aanwezig. Uit de aanhoudingspercentages op verschillende meetmomenten na de eerste kalving berekent de NVO voor elke stier een aanhoudingscijfer. Met 117 torent de Deense rode stier boven al zijn concurrenten uit.

Zodra er minimaal honderd dochters van een willekeurige stier langer dan een jaar geleden gekalfd hebben, krijgt de betreffende stier een zogenoemd ‘aanhoudingscijfer’. De Nederlandse Veeverbeteringsorganisatie (NVO) berekent voor de meeste fokkerijorganisaties – CRV en Alta willen de aanhoudingspercentages voor dit doeleinde niet vrijgeven – voor elke stier zo’n aanhoudingscijfer.

Minimaal honderd dochters

Het aanhoudingscijfer stijgt in waarde naarmate het aantal metingen toeneemt. De aanhoudingspercentages worden op vaste momenten, 12, 24, 36, 48 en 60 maanden na de eerste kalving berekend en worden pas meegenomen als er minimaal honderd dochters nog aanwezig hadden kunnen zijn. Klik hier voor de verdere achtergronden.

Prince en Maik hoogste Holsteins

Als vermeld voert de Deense rode stier R David de ranglijst aan (klik hier voor de lijst). Opvallend is dat de nummer twee ook uit Scandinavië komt, de Noorse roodbonte Skjenaust noteert een aanhoudingscijfer van 114. De hoogste Holstein-stieren zijn New Farm Britt Prince en Hoekland Maik met 113. Waarbij moet worden aangetekend dat Prince nog onvoldoende dochters heeft op 60 maanden na de eerste kalving voor een geldige meting. Afgaande op zijn aanhoudingspercentage op 48 maanden is een verdere stijging van zijn aanhoudingscijfer in de toekomst niet ondenkbeeldig.

Tekst:

Tags
MelkveeFokkerij
Lees meer in het vakblad
In Vakblad Melkvee lees je wat speelt in jouw sector, met kennis, verhalen en duiding voor de praktijk.