Sterke Erven Logo

Nieuw aaltje rukt op

02 min
De beschikbare kennis over aaltjes is nog lang niet uitgekristalliseerd. Vootal omdat er nog steeds nieuwe soorten bijkomen, waaronder het wortelknobbelaaltje Meloidogyne minor. Dat bleek tijdens de Landelijke Aaltjesdag half november in Lelystad.
Nieuwkomer Meloidogyne minor wordt vooral aangetroffen op sportvelden, golfterreinen en weilanden, maar het wortelknobbelaaltje kan ook forse schade toebrengen op lichte grond in aardappelen. 'Het aaltje werd in 1997 voor het eerst aangetroffen in Groot-Brittannië en Ierland. Drie jaar later ook in Nederland. De tweede vondst was in 2005 in aardappelpercelen met als jarenlange voorvrucht gras', aldus Albert Wolfs van HLB. Inmiddels komt het aaltje voor in Drenthe, Noord-Holland en Limburg.


Weinig bekend over waardplantreeks

Van Meloidogyne minor is nog maar weinig bekend over de waardplantreeks. Volgens Wolfs heeft het wortelknobbelaaltje veel waardplanten zoals grassen, raaigrassen en granen. Volgens de onderzoeker zouden maïs en Tagetes patula (afrikaantje) geen waardplanten zijn. 'Nadeel van maïs is dat andere aaltjes zich wel vermeerderen. Tagetes staat leuk, maar je kunt een jaar niet oogsten', merkt hij op.

Snel signaleren belangrijk

Een snelle signalering van het aaltje is belangrijk, maar vaak wordt aaltjesschade niet herkend. De schade vertoont in aardappelen een gigantische wortelontwikkeling met veel knobbels die doen denken aan Meloidogyne chitwoodi. 'Op een aangetaste plek blijft de groei achter, terwijl het wortelstelsel aanzienlijk is en later veel knobbels bevat. Ook de knolsymptomen hebben wat weg van Meloidogyne chitwoodi of Meloidogyne fallax. Daarnaast is vanwege de verminderende groei sprake van opbrengstderving', legt Wolfs de gevolgen van Meloidogyne minor uit.
Om het aaltje zo goed mogelijk te beheersen is bemonstering de basis.

Tags
AkkerbouwConsumptieaardappelenBladschimmelsPlantgezondheid