Sterke Erven Logo
19

Nieuw-Zeelandse sector op hoog niveau

1904 min
Nieuw-Zeeland staat vooral bekend om zijn melk en lamsvlees. Het land heeft echter ook een volwassen varkenshouderijsector. Met 40.000 zeugen is de sector klein, maar de resultaten liggen op een Nederlands niveau, laten de cijfers zien van Waratah Farms Ltd in Otorohanga. Dit is met 1.300 zeugen het grootste varkensbedrijf van het Noordereiland. Lees donderdag in de nieuwste uitgave van Pig Business het gehele artikel.
Waratah Farms ligt in het hart van de Waikato regio. Volgens velen het centrum van de landbouwindustrie op het Noordereiland in Nieuw-Zeeland. Het zijn vooral melkveebedrijven en schapenhouderijen die je ziet.
Waratah Farms is een van de grote boerderijen in de omgeving van het dorpje Otorohanga.
Naast 1.000 melkkoeien huisvest het bedrijf 1.300 zeugen, heeft het ruim 10.000 vleesvarkensplaatsen en 365 hectare grond. Het bedrijf is eigendom van Bindi Ground en werd vijftig jaar geleden met enkele zeugen opgezet.
Waratah Farms wordt geleid door algemeen-manager Martin Ellis (links) en de uit Denemarken afkomstige Torben Kristensen (bedrijfsleider varkenshouderij).
Een waarschuwingsbord bij de ingang van de boerderij met regels om verspreiding van ziekten te voorkomen, geeft aan dat Waratah Farms dezelfde voorzorgsmaatregelen neemt als in Nederland, terwijl Nieuw-Zeeland juist door de geïsoleerde geografische ligging en de strikte invoerregels nauwelijks varkensziekten kent. Er is een aparte oprit om wagens te ontsmetten en bezoekers moeten zich melden bij het kantoor.
Waratah Farms teelt een groot gedeelte van het brijvoer zelf op 365 hectare land. Het graan wordt opgeslagen in de grote silo’s samen met andere ingrediënten, zoals gerst of zelfs beendermeel, die ze aankopen.
In andere silo’s zitten restproducten van de melkfabrieken.
Het voer wordt gemalen in een eigen molen met een capaciteit van 16 ton per uur.
Torben Kristensen stelt het rantsoen met ondersteuning van een onafhankelijke voerdeskundige samen. Niet alleen voor het eigen bedrijf, maar ook voor andere varkenshouders in de wijde omgeving. Zij krijgen dezelfde samenstelling als de varkens op Waratah Farms. „Wat goed is voor ons, is ook goed genoeg voor anderen”, is de redenering van Torben.
Het brijvoer wordt via een nieuwe geautomatiseerde Big Dutchman-voerinstallatie aan de varkens gevoerd.
Net als in Nederland is groepshuisvesting vanuit dierwelzijn in Nieuw-Zeeland een verplichting. Weliswaar vanaf 2015, maar op Waratah Farms voldoen ze al aan deze eisen. De zeugen zijn gehuisvest in groepen in afdelingen van 10 tot 12 zeugen per groep. De zeugen blijven hun hele leven zoveel mogelijk bij elkaar, maar het absoluut navolgen van indeling op pariteit heeft geen prioriteit.
Een belangrijk welzijnsaspect op Waratah Farms is de installatie van de laatste innovatie op het gebied van kraamhokken, waar de zeug vrij kan rondlopen en de biggen door betere toegang tot de moeder een hoger speengewicht krijgen. De Combi Flex van Vissing Agro uit Denenmarken heeft een afmeting van 240 bij 240 centimeter. Door het goede fokmateriaal van Duroc en Yorkshire liggen de resultaten op een Europees hoog niveau: gemiddeld ongeveer 26 tot 27 biggen per zeug per jaar. Genetisch kunnen de zeugen 30 biggen per jaar krijgen. Zeker de F1 zeugen. Het geboortegemiddelde ligt op 12,5 biggen per worp en ze spenen gemiddeld 11,5 biggen per zeug per worp. Overigens heeft Waratah Farms een aparte locatie waar ze sperma produceren voor andere varkenshouders in Nieuw-Zeeland.
Waratah Farms heeft de Yorkshire foklijn vooral vanwege de moederkwaliteiten, het gemiddelde groeigewicht per dag en de magerheid. Duroc is voor hen belangrijk voor spierdikte of spier/vet verhouding en de goede voederconversie. De resultaten bij de vleesvarkens liggen ook op een goed niveau. In de eerste vier weken, week 4 tot 8, is de groei 475 gram per dag. In week 8 en 12 bedraagt de groei 650 gram per dag en in de laatste fase is dit opgelopen tot 1.000 gram per dag. De vleesvarkens worden afgeleverd op een gewicht van 65 tot 70 kg. Juist door het lagere slachtgewicht worden de beren niet gecastreerd.
De biggenafdelingen verschillen niet veel van Europese of Nederlandse maatstaven.
Biggen en vleesvarkens worden niet geselecteerd op gewicht, maar in sociale groepen ingedeeld. Dit om teveel stress en verspreiding van ziekten te voorkomen en het is minder arbeidsintensief.
De vleesvarkens krijgen voldoende ruimte in stallen met veel daglicht en frisse lucht. Af en toe krijgen ze een handvol hooi. Ze liggen er rustig en droog bij en ogen zeer gezond.
Waratah Farms is een van de weinige boerderijen in Nieuw-Zeeland die zijn eigen mest scheidt.
De dunne fractie wordt op het weiland voor de melkkoeien gebracht en de dikke fractie is voor de akkerlanden. De dikke fractie wordt in een sleufsilo opgeslagen.
In één van de sleufsilo’s worden de resten van kadavers gedumpt om samen met vaste mest te verteren en dit wordt na vertering weer op het land gebracht. Dit is volgens Nieuw-Zeelandse regels.

Beeld: Reinout Burgers

Tags
VarkensOndernemerschapBuitenland
Lees meer in het vakblad
In Vakblad Pig Business lees je wat speelt in jouw sector, met kennis, verhalen en duiding voor de praktijk.