Sterke Erven Logo
8

‘Kijk uit met groenbemestermengsels’

803 min
Ga je als akkerbouwer vergroenen alleen om de premie te ontvangen of toch voor je nageslacht? Innoseeds en Joordens presenteerden donderdagmiddag naar aanleiding van het nieuwe GLB bovenstaande vraag en hun ideeën over een gezonde bodem in het Limburgse Neer.Bekijk de foto's.
Herstel je bodem op tijd: na uitmergeling kost het vruchtbaar maken van 10 centimeter grond 2000 jaar. Gaan we door op deze voet, dan hebben we in 2050 de helft over van wat we nu aan nog vruchtbare grond hebben. De akkerbouw moet gericht zijn op meer organische stof in de grond; voor het vastleggen van nutriënten, extra ziektewering, bodemstructuur, vochthuishouding en vasthouden van mineralen. En hoe meer organische stof, hoe vroeger de bodem opdroogt en hoe eerder zaaien mogelijk is.
Het GLB is gebaseerd op emotie, vinden de deskundigen van Joordens en Innoseeds. Het EU-beleid is volgens hen gericht op verfraaiing van het landschap en leefbaarheid voor insecten (‘voor wie de bemesters in mengsels vaak te laat zullen bloeien’), meer dan op bodemverbetering en afname nematoden.
Pas op met te gebruiken mengsels, waarschuwen de bedrijven. ‘Zo kan gele mosterd je bodem verbeteren, maar het vermeerdert ook het wortelknobbelaaltje, net als Italiaans raaigras en Japanse haver. Je dient dus precies te weten wát de verschillende soorten zaad in je groenbemestermengsel doen.’
Nederland was al gewend groenbemesters te zaaien als bodemverbeteraar en voor nematodenbestrijding. Nu moeten we door het GLB mengsels gebruiken; dat klinkt vooral leuk, maar kán schade aanrichten in plaats van goed doen. Kortom: het is belangrijk om een mengsel op maat te gebruiken; verlies niet je doel uit het oog in ‘enge’ rotatie en let op de bodemweerbaarheid. Weet dat gele mosterd niet de meeste humus levert. ‘Investeer in de toekomst van de bodem’, hameren de bedrijven op de noodzaak ervan.
Het verplichte gebruik van mengsels kan een prijsopdrijvend effect hebben, vooral op het kleinere spul als klaver, wikken etcetera’, weet Peter Jan Jongenelen van Joordens te vertellen. Op de bekende grotere soorten als mosterd en rammenas zal dit niet direct het geval zijn.
Innoseeds: ‘Gebruik nematodenresistente mengsels binnen de regelgeving van het GLB. In Nederland kan een mengsel 97-3 procent zijn' (In Duitsland bijvoorbeeld mag één component maximaal 60 procent van het mengsel zijn, dit maakt de keuze vele malen ingewikkelder).
Biofumigatie is het in de grond werken van vers materiaal/groenbemesters. De precieze cijfers en resultaten van biofumigatie zijn er in Nederland niet, maar in Duitsland zijn volgens Joordens significante resultaten vastgelegd.
Biofumigatie betekent een normale teelt van een groenbemester, bemesting met van 80 kg N, en zwavel. Als zo’n 60 procent bloeit, maaien en kneuzen van biomassa, bij voorkeur ’s morgens. Direct inwerken van gehakselde massa met ploeg of spitmachine en dichtrollen. Aansluitend een regenbui van minimaal 10 millimeter. Bladrammenas en zwaardherik zijn goede groenbemesters voor biofumigatie. De aardappelcysteaal neemt met 40 procent af met biofumigatie. Volgens Duits onderzoek zijn bruine en Ethiopische mosterd de meest ideale te gebruiken groenbemsters. Biofumigatie levert bij Verticillium dahlia zelfs 80 procent reductie van deze schimmelaantasting De methode verstikt, dus doodt, het bodemleven. Ook het goede bodemleven krijgt een tikje maar herstelt volgens de experts snel. Biofumigatie op zware klei gaat niet werken vanwege de grove bovenlaag, ‘maar voor zandgronden is het een ideale methode’. In Nederland wordt tot voor kort nog 5.500 hectare onder metamnatrium gezaaid in akkerbouw- en bollenteelt.

Beeld: Ruth van Schriek

Tags
AkkerbouwConsumptieaardappelen