Sterke Erven Logo

Waterschade: ‘Eerst schade taxeren, daarna rooien’

02 min
De vele regen van de afgelopen weken heeft grote gevolgen voor de aardappelteelt in Zeeland en West-Brabant. Hoewel de precieze omvang van de schade nog niet duidelijk is, schat ZLTO dat in de zwaarst getroffen gebieden in Zeeland tien tot vijftig procent van de aardappeloogst als verloren kan worden beschouwd. Het belangrijkste advies voor aardappeltelers is om niet zomaar te gaan rooien, maar eerst de schade in beeld te brengen.

Grote delen van Zeeland kregen de afgelopen weken te maken met forse regenval: op veel plekken viel in tien dagen tijd 170 tot 180 millimeter regen. „Tussen 8 en 18 september zijn enkele forse buien gevallen, waarbij soms wel 50 tot 60 millimeter in korte tijd viel”, zegt Hendrik Jan ten Cate, voorzitter van de ZLTO-afdeling Tholen. „Walcheren, Tholen, Sint Philipsland en de kop van Schouwen-Duiveland werden het hardst getroffen, alhoewel er lokaal grote verschillen zijn. In Zeeuws-Vlaanderen valt de situatie over het algemeen mee.”

Kwaliteitsproblemen

De regen leverde volgens Ten Cate vooral problemen op in de aardappelteelt, waar het water tussen de ruggen bleef staan. „Hierdoor kreeg de plant geen zuurstof meer en stikten de aardappels. Misschien dat er bij uien ook kwaliteitsproblemen gaan optreden, maar die worden pas zichtbaar in de bewaring. Maar het is op een uienperceel makkelijker om het water af te laten, waardoor de schade beperkter is.”

Volgens de ZLTO-voorzitter is op veel plekken al sprake van rotte aardappelen. „Iedere aardappelteler in de genoemde gebieden heeft - afhankelijk van zijn precieze locatie - in meer of mindere mate te maken met waterrot. Veel akkerbouwers dachten aanvankelijk dat de schade zou meevallen, maar komen daarop terug.”

Lees de volledige reportage in de Stal&Akker van zaterdag 30 september

Tekst:

Beeld: Fenneke Wiepkema

Tags
AkkerbouwConsumptieaardappelenUienPootaardappelenBladschimmelsPlantgezondheid