Groningse melkveehouders gaan warmte melk en mest hergebruiken

Naast het gebruik van deze restwarmte binnen het melkveebedrijf, worden ook andere doelen nagestreefd. Het gaat om emissiereductie uit de (gekoelde) mest, een beter stalklimaat en het verbeteren van mestkwaliteit. Bij het project worden de melkveehouders begeleid door L’orèl Consultancy. Zij helpen bij het inregelen van alle meetapparatuur en bij het monitoren van de mestkoelingsinstallaties.
Combineren
De melkwarmte is bij een gemiddelde melkveehouder te weinig om de spoelinstallatie, kalvermelk, kantine en woning van warmte te voorzien in de koudste maanden. Maar in deze wintermaanden is er wel genoeg warme mest voorradig. Het combineren van deze technieken is nieuw.
Verschillende situaties
Bij melkveehouder Wouter Schep uit Holwierde wordt deze techniek toegepast in nieuwbouw stal, met een nieuwe melkput en wachtruimte. Bij Jan Pieter van Tilburg wordt het getest in een bestaande mestkelder. Wanneer de techniek goed werkt bij beide bedrijven, kan het nagenoeg op alle mestkelders worden toegepast.
Tegelijkertijd wordt met het koelen van de mest en het hergebruiken van de warmte van de melk en de mest onderzocht wat de effecten zijn op de hoeveelheid ammoniak- en methaanemissie.
Het project loopt tot en met april 2019. Begin maart zullen de installaties volop draaien en in mei wordt een open dag georganiseerd.
Erin Veenink
Erin studeerde af in 2016 aan de School voor Journalistiek, niet wetende dat ze ooit als landbouwjournalist aan het werk zou gaan. Na enkele jaren als radio- en televisieverslaggever te hebben gewerkt, lonkte toch het schrijven en kwam ze terecht op de redactie bij Agrio. Haar interesse in zowel landelijke als lokale politiek komt hier niet ongelegen. Een voorliefde voor de agrarische sector heeft ze al lang. Dit werd aangewakkerd tijdens de zomervakanties in Denemarken, waar ze werkte bij een melkveehouderij met Jersey koeien van haar oom en tante.
Beeld: Susan Rexwinkel
Bron: Provincie Groningen


