Sterke Erven Logo
7

CO2 footprint en dierenwelzijn gaan prima samen

704 min
CO2 footprint en dierenwelzijn gaan prima samen. Dat stelt Kris van Daele van fokkerij organisatie Aviagen. Hij deed deze uitspraak woensdagavond 18 oktober tijdens de Pluimveeweb thema-avond Fokkerij en Broederij in Handel (NB).
„Kuikens direct na uitkomst uit het ei vochtrijk voer verstrekken, kan interessant zijn”, zegt verkoopdirecteur Erwin Prinzen van Pas Reform Hatechery Technologies. Hij gaf een presentatie over vroege voeding in de broederij. Al is het volgens Prinzen niet zeker dat het verstrekken van vroege voeding bij kuikens in de broederij bij alle rassen van alle leeftijden altijd voldoende voordelen biedt. Ook past het volgens hem niet bij iedere vleeskuikenhouder of elk marktsegment. „Doordat de markt continue veranderd, willen we broederijen, die dit willen toepassen, flexibele oplossingen bieden zodat ze wel of niet kunnen kiezen voor vroege voeding in de uitkomstkasten.”
Vervolgens vertelde vleeskuikenhouder Patrick Wetemans over zijn ervaringen met het houden van reguliere en trager groeiende vleeskuikens. „Bij trager groeiende vleeskuikens is het lastiger de voeropname en groei op peil te houden. Aangezien de kuikens maximaal 50 gram per dag mogen groeien, is het onmogelijk je positief te onderscheiden. Reguliere kuikens hebben de laatste week nog wel eens een eindspurt qua groei, waardoor je een zeer goede ronde draait.”
Na de presentaties van Prinzen en Wetemans was het tijd voor de stellingencarrousel. Over de stelling ‘Trager groeiend heeft de Nederlandse markt verrijkt’ van Hubbard waren de meningen verdeeld. Er zijn vleeskuikenhouders die zeer tevreden zijn met de overstap naar trager groeiend doordat ze hier beter mee konden draaien of hierdoor minder pluimveerechten nodig hebben, zei een vleeskuikenhouder. Volgens een andere vleeskuikenhouder zijn ook de prijzen van traag groeiers sterk gedaald waardoor de marges nu klein zijn. Meerdere vleeskuikenhouders stoorden zich eraan dat ze maar voor één of twee broederijen en voerfabrikanten kunnen kiezen in concepten. Discussieleider Paul van Boekholt van Hubbard was het ook met de stelling eens.
Met de stelling
Duurzaamheid/CO2 footprint en dierenwelzijn gaan prima samen, volgens discussieleider Kris van Daele van Aviagen. Hier was een groot deel van de bezoekers het mee eens. „Fokkerij organisaties verlagen de voederconversie van kuikens gemiddeld anderhalf punt per jaar. Daardoor is er 400.000 hectare minder grond nodig om gewassen te telen. Dit is een gebied zo groot als de provincies Utrecht en Zeeland samen. Omschakeling naar trager groeiende rassen speelt vooral in Nederland”, vertelt Van Daele.
Over de stelling ‘Pluimveehouders zijn onvoldoende bewust van brandrisico’s’ waren de meningen wisselend. Pluimveeweb had Jan Verhoijsen van LTO/NOP uitgenodigd om dit actuele thema in te gaan. Voor een aantal pluimveehouders geldt dit zeker, volgens een pluimveehouder. „Ik laat installatiewerkzaamheden door een erkend bedrijf doen, niet door een Pool die dat veel goedkoper kan. Ook heb ik een elektrakeuring laten doen om brand te voorkomen”, zei een vleeskuikenhouder. Volgens veel bezoekers is er op leghennenbedrijven meer kans op brand dan op vleeskuikenbedrijven. „Vleeskuikenstallen worden iedere zeven, acht of negen wegen schoon gespoten. Daar is minder stof dan in leghennenstallen”, zei een bezoeker. Een andere bezoeker zei dat er bij de ombouw van stallen nog al eens dingen mis gaan omdat wordt vergeten kabels te vervangen. Volgens Jan Verhoijsen kan de sector beter zelf actie ondernemen dan dat de politiek beslist en tal van regels opstelt.
Over de stelling ‘Pluimveehouder moet kritischer zijn op toeleverancier’ waren de meningen verdeeld. Pluimveeweb had Aalt den Herder van de NVP gevraagd de discussie over dit actuele onderwerp in goede banen te leiden. Aangezien hij verhinderd was, leidde Gerrit Hiddink van Pluimveeweb de stelling. „Een pluimveehouder is een klant en die moet en mag altijd kritisch zijn”, zei vleeskuikenhouder Klaas Knol. „In de fipronilzaak zijn pluimveehouders in zee gegaan met een IKB erkend bedrijf. Als pluimveehouder kun je niet alles laten onderzoeken. Zelfs de NVWA kan dat niet”, zei een pluimveehouder. Deze pluimveehouder kreeg veel bijval. Een andere bezoeker vroeg zich af of LTO/NOP en NVP hierin een rol kunnen vervullen door pluimveehouders erop attent te maken niet met bepaalde leveranciers in zee te gaan. Na afloop van de discussies konden de bezoekers onder het genot van een hapje en drankje nog gezellig napraten over de interessante avond.

Beeld: Amber Heering, Kelly Veltman

Tags
PluimveeMarktPolitiekRegelgevingNoord-Brabant