Sterke Erven Logo

Tweede Kamer wil luchtwasser schrappen uit Maatlat Duurzame Veehouderij

03 min
De Tweede Kamer heeft hiervoor een verzoekmotie van Esther Ouwehand van de PvdD ondersteund om de luchtwassers uit de Maatlat Duurzame Veehouderij (MDV) te halen. De motie werd gesteund door D66, PVV en de linkse oppositie, waardoor er Kamermeerderheid was. Een motie van de Tjeerd de Groot (D66) en William Moorlag (PvdA) voor een afbouwscenario van de intensieve veehouderij, vond geen ondersteuning.

Ouwehand vindt dat luchtwassers het brandgevaar in stallen vergroten en ook bijdragen aan slacht stalklimaat met wat zij noemt ‘ernstige en structurele dierenwelzijnsproblemen, zoals benauwdheid, pleuritis, chronisch hoesten en longontstekingen bij varkens tot gevolg'. Opvallend aspect is dat Varkens in Nood ‘toevallig’ afgelopen week een rapport over de NVWA gepubliceerd, waarin de stichting stelt dat er een gebrekkige controle op het stalklimaat is en dat er aan de slachtlijn veel longproblemen worden geconstateerd. Dit rapport, dat evenwel nog niet geverifieerd is, heeft ongetwijfeld meegeholpen om ondersteuning te vinden voor de motie.

Twijfels over luchtwassers

Volgens Ouwehand zijn er naast slecht stalklimaat ook twijfels over de efficiëntie van luchtwassers om geur en ammoniak uit stallucht te filteren. Met motie stellen de partijen dat ze niet langer willen dat de overheid luchtwassers stimuleert en subsidieert. Stallen die aan de MDV voldoen, hebben een lagere milieubelasting, vergroten het dierwelzijn en draagt bij aan de verduurzaming van de veehouderij. Veehouders kunnen met een MDV-certificaat op zak ook particperen aan de Milieu-investeringsaftrek (MIA), Willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil) en komen ook in aanmerking voor het Borgstellingsfonds. In de afgelopen 12 jaar zijn er zo’n 6000 MDV-certificaten afgegeven.

Afbouwscenario intensieve veehouderij

Tijdens het debat gisteren (donderdag) wilde Tjeerd de Groot (D66) en William Moorlag (PvdA) ook een afbouwscenario voor de intensieve veehouderij. Ze vinden dat de intensieve veehouderij niet toekomstbestendig vanwege 'de omgang met het dier en ‘de risico's voor de volksgezondheid en het milieu'. Door de uitbraak van het coronavirus is het volgens beiden nog urgenter geworden om tot een herbezinning te komen van de relatie tussen veehouderij en de gezondheid van omwonenden en de risico's voor de volksgezondheid.

Relatie niet duidelijk

Maar of die relatie zo duidelijk en risicovol is als de twee politici veronderstelling, wordt niet door de wetenschap niet bevestigd. Zeker niet in Nederland. De verschillende VGO-onderzoeken hebben tot op heden nauwelijks tot onomstotelijk bewijs geleid, bestaat er geen enkele verband met corona en de Nederlandse veehouderij; ook niet als het gaat om fijnstof vanuit en veehouderij en de ernst van de corona zieken. Bovendien is corona niet afkomstig van de veehouderij en als laatste moeten de twee politici heel goed weten dat Nederland een intensief monitoringsprogramma hebben aangaande zoönose. Zo wordt sinds de Q-koortsuitbraak elke ziekte-uitbraak op een veehouderij scherp gecontroleerd en gemonitord door onder de GD. Hierdoor was Nederland het eerste land dat de besmettingen van nertsen vrijwel direct ontdekt, waardoor er snel en adequaat gereageerd kon worden. Het risico op een zoönose-uitbraak is in Nederland door de monitoring klein.

Beeld: Ruth van Schriek

Bron: Ministerie van LNV

Tags
VarkensStalinrichtingOndernemerschapPolitiekRegelgeving