Sterke Erven Logo
Column

Karin Bergmans-Elshof: Geen kerstdiner zonder boeren?

Column03 min
Zonder boeren geen eten en dus geen kerstdiner, dat is zonder meer waar natuurlijk. Zo zong ook de in november overleden Vader Abraham, oftewel Pierre Kartner, in 2019 nog: “Zonder boeren geen eten, dat geldt ook voor Den Haag. En met twee maten meten, ligt zo zwaar op de maag. Want een land zonder akkers, is een land zonder ziel. Zonder weiland en stallen, wordt het land onstabiel.” En het geschiedde in die dagen, dat op menig protestbord inderdaad Geen Boer- Geen Voer te lezen viel. Maar hebben we hier zonder Néderlandse boeren geen kerstdiner? Dat is natuurlijk een héél andere vraag.

Om te beginnen spelen álle boeren in Nederland een belangrijke rol in de voedselproductie. Maar het is niet zo dat Nederlanders direct hoeven te vrezen voor voedseltekorten of honger als er minder boeren zijn. Immers, een groot deel wordt toch naar het buitenland vervoerd? Inderdaad, ongeveer 70 procent van wat onze boeren aan voedsel produceren, wordt geëxporteerd. Overigens blijft het meeste, heel lokaal, in de driehoek Londen/Parijs/Berlijn. Dat dan weer wel.

De resterende 30 procent blijft in Nederland. Als er minder boeren zijn, of minder produceren, zal er evengoed meer dan genoeg overblijven om Nederland van eten te voorzien. Maar dát komt omdat we niet alleen veel exporteren, maar ook veel importeren. Met name aardappelen, granen, fruit, spijsolie en suiker worden elders uit Europa gehaald.

Het maakt ons namelijk niet zoveel uit waar het vlees vandaan komt, als het maar lekker goedkoop is.

Nederland is overigens niet groot genoeg om, zonder export, aan onze totale voedselconsumptie te voldoen, we zullen dan met ons huidige eetpatroon voedsel moeten blijven importeren. Het is lastig om uit te zoeken hoe afhankelijk we nou precies zijn van onze eigen boeren. Via export gaat 60 procent van onze zuivel de grens over en 70 procent van het vlees. Maar we importeren tegelijkertijd ook veel vlees, omdat dat weer voordeliger is voor de Nederlandse consument. Het maakt ons namelijk niet zoveel uit, waar het vlees vandaan komt, als het maar lekker goedkoop is. Onze supermarkten hebben ons zo opgevoed. Eén plus één gratis. Twee halen, één betalen. Tweede gratis. Hamsteren maar, want het is in de aanbieding.

In landen als Frankrijk is dat anders. Daar vindt men het wél heel belangrijk dat het vlees en andere voedingsmiddelen uit eigen land komen. Hier ligt dat lastig. Varkensvlees bijvoorbeeld. Dat wordt flink geëxporteerd, omdat van één varken wel veertig producten worden gemaakt. De karbonade en hamlappen belanden hier nog wel in de supermarkt en op ons bordje. Maar de oren blieven wij niet, die gaan naar China, want daar is dat een delicatesse. Het is dus meer een verdelingsvraagstuk.

Maar staat u bij het kerstdiner straks gerust even stil bij de boeren, Nederlands of niet. Boeren wereldwijd voorzien ons toch ook deze kerst maar weer van voldoende, veilig en voordelig voedsel. Fijne feestdagen, eet smakelijk en tot volgend jaar.

Beeld: Karin Bergmans-Elshof

Tags
AkkerbouwMaatschappijMarktFlevoland