Sterke Erven Logo

IBR-aanpak verandert: GD adviseert actie vóór 2027

02 min
Een dierenarts vaccineert een koe
Royal GD roept melkveehouders die binnen een Veterinaire Eenheid (VE) de IBR-status ‘onverdacht’ hebben op om zich voor te bereiden op de wettelijke aanpak van IBR die op 1 januari 2027 ingaat. Volgens GD kan het voor deze bedrijven aantrekkelijk zijn om nog vóór die datum de overstap naar een IBR-vrije status te maken.

Aanleiding voor de oproep van GD is de wettelijke bestrijding van infectieuze bovine rhinotracheïtis (IBR). Die wordt vanaf 2027 voor alle rundveebedrijven verplicht door het ministerie van LVVN.

De nieuwe regeling bouwt voort op het huidige IBR-programma van ZuivelNL, maar brengt ook veranderingen met zich mee. Zo vervalt vanaf komend jaar de mogelijkheid om voor IBR als Veterinaire Eenheid (VE) – bijvoorbeeld een melkveebedrijf met bijbehorende jongveelocatie(s) – te werken. Daardoor krijgt iedere locatie met een eigen UBN een afzonderlijke IBR-deelname en bewaking.

Volgens GD heeft dat gevolgen voor bedrijven die nu gebruikmaken van meerdere locaties binnen een VE. Voor de uitwisseling van runderen tussen locaties kan vanaf 2027 aanvullend bloedonderzoek nodig zijn wanneer geen actie wordt ondernomen.

Eenvoudige route naar IBR-vrije status

In een brief aan melkveehouders wijst GD erop dat bedrijven die al langer dan twee jaar de status ‘onverdacht’ hebben, relatief eenvoudig IBR-vrij kunnen worden via bloedonderzoek van specifieke diergroepen.

Bedrijven die korter dan twee jaar onverdacht zijn, kunnen eveneens de overstap maken, maar daarvoor is koppelonderzoek nodig.

GD stelt dat een IBR-vrije status bij de invoering van de wettelijke regeling voordelen biedt. Bedrijven zouden daarmee aanvullende onderzoeken en eisen kunnen voorkomen en dieren eenvoudiger tussen IBR-vrije locaties kunnen verplaatsen.

GD: Nu overstappen kan voordelen bieden

Wanneer melkveebedrijven geen actie ondernemen vóór 1 januari 2027, blijft de bewaking via tankmelkonderzoek weliswaar bestaan, maar vallen jongveelocaties vanaf deze datum automatisch onder een vaccinatieplicht. Ook moeten runderen die vanaf een jongveelocatie worden aangevoerd op het melkveebedrijf dan worden onderzocht op IBR. Daarnaast kan het volgens de diergezondheidsorganisatie later lastiger en kostbaarder worden om alsnog de status IBR-vrij te verkrijgen.

GD adviseert melkveehouders daarom tijdig hun situatie te beoordelen en te bekijken welke route richting 2027 het beste past bij hun bedrijf. Veehouders die de overstap naar een IBR-vrije status willen maken, moeten die volgens de organisatie vóór 1 januari 2027 hebben afgerond.

Beeld: Ellen Meinen

Bron: Royal GD

Tags
MelkveeDiergezondheidJongveePolitiekRegelgeving