Sterke Erven Logo

24 procent bijenvolken overleeft winter niet

04 min
Een gezond bijenvolk met koningin
In de winter van 2025-2026 is 24 procent van de Nederlandse honingbijenvolken gestorven Beeld:
De winter van 2025-2026 was opnieuw zwaar voor de Nederlandse honingbij. Uit de jaarlijkse wintersterfte-enquête blijkt dat 24 procent van de bijenvolken de winter niet heeft overleefd. Daarmee zet de stijgende trend van de afgelopen jaren door: voor het vierde jaar op rij ligt de wintersterfte boven de 20 procent.

De enquête is uitgevoerd door onderzoekers van Wageningen University & Research (WUR) in samenwerking met de Nederlandse Bijenhoudersvereniging (NBV), Imkers Nederland, biologisch-dynamische imkers (BD-imkers) en beroepsimkers (BVNI). Het onderzoek is gedaan in opdracht van het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN).

Wintersterfte verschilt sterk per provincie

De wintersterfte verschilt sterk per provincie. Groningen kende met 41,5 procent de hoogste sterfte, terwijl Overijssel met 16,9 procent het laagste percentage noteerde. In Zeeland, Utrecht en Noord-Holland lag de wintersterfte iets boven het landelijke gemiddelde. Hoewel het landelijke sterftecijfer inmiddels meerdere jaren boven de 20 procent ligt, verschilt de ontwikkeling per regio. De precieze oorzaak daarvan is niet bekend. Volgens de onderzoekers kunnen verschillen in imkerpraktijken en lokale omstandigheden hierbij een rol spelen.

Wintersterfte op provinciaal niveau. Overijssel had gemiddeld genomen het kleinste wintersterftepercentage (16,9%) en Groningen het grootste (41,5%)

Meerdere oorzaken van wintersterfte bij honingbijen

Wintersterfte heeft verschillende oorzaken, die per jaar en per locatie kunnen verschillen. Zo is het verlies van een koningin tijdens de winterperiode vrijwel altijd fataal voor een bijenvolk. Ook een tekort aan voedsel, ziekten en een verzwakte conditie voorafgaand aan de winter kunnen bijdragen aan hogere sterfte. De parasitaire mijt Varroa destructor en de virussen die deze verspreidt, blijven daarnaast een belangrijke bedreiging voor de gezondheid van honingbijen. Een effectieve bestrijding van de varroamijt is daarom essentieel om bijenvolken sterk genoeg de winter in te laten gaan. Uit de enquête blijkt dat 86,9 procent van de Nederlandse imkers afgelopen winter maatregelen tegen de varroamijt heeft genomen. Dat percentage is in lijn met voorgaande jaren: 84,6 procent in 2025 en 86,8 procent in 2024.

Rol Aziatische hoornaar nog onduidelijk

De invloed van de Aziatische hoornaar op de wintersterfte is vooralsnog niet vast te stellen. Deze invasieve wespensoort jaagt onder meer op honingbijen om haar larven van voedsel te voorzien. De verspreiding van de soort in Nederland neemt wel snel toe. In 2024 meldde 24,7 procent van de imkers de aanwezigheid van de Aziatische hoornaar in hun omgeving. In 2025 was dat aandeel gestegen naar 56,4 procent. Onderzoekers verwachten dat de impact van deze exoot de komende jaren kan toenemen, al is het effect op de wintersterfte nog onzeker.

Jaarlijkse enquête volgt gezondheid bijenvolken

Aan de jaarlijkse COLOSS-enquête, die in meer dan veertig landen wordt uitgevoerd, namen dit jaar 840 Nederlandse imkers deel. Dat vertegenwoordigt bijna 8 procent van alle Nederlandse bijenhouders. Nederland telt naar schatting ongeveer 11.000 actieve imkers. Slechts 2,5 procent van hen is geheel of gedeeltelijk afhankelijk van inkomsten uit de bijenhouderij. Van de deelnemers gaf 55,6 procent aan dat alle bijenvolken de winter hadden overleefd. Tegelijkertijd verloor 7 procent van de imkers de volledige bijenstand.

De jaarlijkse enquête bevat vragen over de imker en de bijenstand, wintersterfte en de gezondheid van de overlevende volken, Varroa-besmetting en behandelmethoden, en het voorkomen van relevante ziekten en plagen, waaronder DWV, CBPV en Vespa velutina. Ook worden er vragen gesteld over onder andere de manier van imkeren, voedselaanbod en bijvoeren, honingproductie en enkele sociaaleconomische aspecten.

Onderzoeker Severine Kotrschal geeft aan dat het gebruik van pesticiden in de omgeving van de bijenstand in de huidige enquête nog niet specifiek wordt meegenomen. Kotrschal: „We zijn momenteel echter in gesprek met het ministerie van LVVN over hoe we een completer beeld kunnen krijgen van de gezondheid van honingbijen in Nederland. Daarbij bespreken we ook de mogelijkheid om in toekomstige enquêtes meer informatie te verzamelen over de directe omgeving en het landschap rond de bijenstand, inclusief het gebruik van pesticiden.”

Overzicht van de gemeten wintersterfte over de periode 2005 tot en met 2025. De blauwe lijn geeft het vijfjarig gemiddelde weer op basis van voorgaande jaren.

Beeld: René Holtslag

Bron: WUR

Tags
BiologischAgrarisch natuurbeheerBiologisch dynamischMinisterie landbouwNatuur & Landschap