Als de pinken uitbreken, staat iedereen op

We zitten aan de koffie en de telefoon gaat. Of we pinken kwijt zijn. Nou ja, dat zou kunnen als iemand het hek heeft opengedaan, zegt mijn man. Iedereen springt overeind. Jas aan, klompen aan. Geen tijd om de beker koffie leeg te drinken. De beller is onze achterbuurman en dat is een dorp verderop. Ik spring in de auto en rijd over de weg naar de buurman toe. Manlief gaat met onze zoon op de shovel het land in.
Aangekomen bij de buurman staan inderdaad onze pinken op het dijkje achter hun woonhuis. Hun zoon heeft gelukkig de hekken dichtgedaan, zodat ze niet verder kunnen lopen. Achterom, via het erf, met de auto de dijk op. Ik roep: „Meiden, we gaan naar huis!” Ze horen mijn stem en kijken gelijk. Ondanks de onrust geniet ik daar dan weer wel van. Onze dochter gaat achter het stuur zitten en onze schoonzoon en ik lopen naar de pinken. We krijgen ze in de goede richting en de wandeling naar huis start.
Het gaat eigenlijk best goed. Ondertussen bellen we om te horen of de kudde compleet is. Ik denk dat iedereen het herkent: beesten los en onrust (paniek) in het gezin. Het is niet vragen of de kinderen en aanhang willen helpen. Het is automatisme. Ook al werk je niet op het bedrijf, toch gaat het vee altijd voor.
Bijna een uur later staat alles weer gezond en veilig in de wei. De stroomdraad was van het apparaat afgegaan en daardoor konden de pinken uitbreken. Iedereen heeft dus zorgvuldig het hek dichtgedaan. Geruststellende gedachten. We kunnen weer naar huis en nieuwe, warme koffie inschenken.
En als we weer aan de koffie zitten, zit ik te overdenken dat het eigenlijk prachtig is dat wij als boerengezin zo in elkaar steken. Problemen met loslopend vee en het hele gezin met aanhang komt automatisch in actie. Niet vragen: wil je of kom je ook helpen? Nee, gewoon gelijk in de actieve houding. Het besef dat de dieren alles zijn.
Voor ons is dat gewoon. Voor een buitenstaander is dat niet te begrijpen.
En daar wringt de schoen. Maar hoe krijgen we dat de mensen, en zeker in Den Haag, aan het verstand? Samen komen we verder, maar hoe …?
Mijn oproep aan de ambtenaren, ministers en staatssecretarissen: ga met de mensen in het landelijk gebied in gesprek
Ik zit te denken. Als we nu alle ambtenaren in Den Haag een week in de kost nemen. Alle werkzaamheden mee laten uitvoeren. Bij elke storing ook hun bed uit en meewerken met wat er op dat moment moet gebeuren.
Zelf hebben wij een keer één dag een ambtenaar van LVVN gehad. Een leuk initiatief, maar aankomen als de trein arriveert, dan nog een stukje fietsen, koffie drinken, twee uurtjes meehelpen en dan weer naar huis. Want 17.00 uur is het einde van de werkdag.
Het was echt superleuk en verbindend. Maar zo’n dag geeft niet goed weer wat het echte boerenleven is. Het zou een goed voorbeeld zijn. Elke student moet immers stage lopen. Dus de ambtenaren ook. En dan ook op verschillende bedrijven, zodat er een goede binding komt met de werkelijkheid.
De sector die ons voedt, bijna gratis ons uitzicht verzorgt, vaak de sociale taken op zich neemt in de gemeenschap. En dit alles met de minste klimaatimpact, de hoogste voedselproductie, het hoogste dierenwelzijn en het minste gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. En wat ik verder nog vergeet op te schrijven.
Laat elkaar in de waarde, of je nu wel of geen vlees eet en wel of geen zuivel gebruikt. Het interesseert mij geen ene suikerbiet, maar laat elkaar in zijn of haar waarde. Stop met het ongevraagd opdringen van een mening.
En dan mijn oproep aan de ambtenaren, ministers en staatssecretarissen: ga met de mensen in het landelijk gebied in gesprek. Maak daar tijd voor vrij. Het brengt zoveel kennis mee, waarop je altijd verder kunt bouwen.
Help Nederland écht vooruit.
Ingrid de Sain is melkveehouder in Schellinkhout,
ook fractievoorzitter BBB Noord-Holland,
schrijft op persoonlijke titel.
Tekst: Ingrid de Sain
Beeld: Ellen Meinen


