Vrijstelling blijft noodzakelijk in strijd tegen tulpengalmijt

Om te beginnen: wat zijn op dit moment de belangrijkste knelpunten in bloembollen?
„Het meest actuele knelpunt is en blijft toch wel de tulpengalmijt. Om die effectief te kunnen bestrijden, wordt er vol ingezet op de bouw van ULO/CATT-cellen. Dit jaar worden er zo’n 50 nieuwe cellen opgeleverd; volgend jaar gaat het totaal aantal cellen waarschijnlijk boven de honderd uitkomen. ULO/CATT is dus hard op weg om het huidige middel te kunnen vervangen. In die zin is het een knelpunt met uitzicht op een duurzame oplossing.
Dat geldt helaas veel minder voor de onkruidbestrijding. Omdat we in tulp geen effectieve na-opkomstmiddelen meer hebben, ligt de nadruk steeds meer op de nog beschikbare bodemherbiciden. Maar van de drie bodemherbiciden die nu nog beschikbaar zijn, vallen er op korte termijn twee weg en van de laatste is ook niet zeker of het een lange toekomst heeft. Dat legt een enorme druk op de sector. Hoewel er sterk wordt ingezet op robotisering, heeft deze techniek ook zijn beperkingen, met name op het gebied van capaciteit. Een goede set onkruidbestrijdingsmiddelen kunnen we dus eigenlijk helemaal niet missen.
Ook de luisbestrijding zal de komende jaren een gigantische uitdaging worden. Veel insecticiden staan op de nominatie om te verdwijnen en voor de overblijvende middelen zullen forse etiketbeperkingen gaan gelden. De focus zal daardoor sterk op minerale olie komen te liggen, maar alleen daarmee houden we de opbrengst niet overeind. Een lichtpuntje is dat we goede resultaten boeken met de selectierobot; die zal daarom een steeds grotere rol gaan spelen bij viruspreventie in bollen. Verder zal het belang van een snelle opbouw van een schone partij de komende jaren sterk toenemen."
Bollen telen wás al een uitdagend vak, maar de komende jaren zal dit in mijn ogen nog veel uitdagender worden.
Terug naar de bestrijding van tulpengalmijt. In hoeverre is de huidige vrijstelling nog noodzakelijk?
„Zoals gezegd is de bollensector in hoog tempo aan het omschakelen naar bestrijding via ULO/CATT-behandeling. Maar dit neemt niet weg dat de vrijstelling voor Movento voorlopig nog heel hard nodig is. Dit jaar is er voor zo’n 7.100 hectare aan het middel besteld. Dat betekent dat bijna de helft van het tulpenareaal vooralsnog afhankelijk is van deze toepassing.”
Wat is er nodig om een vrijstelling te krijgen?
„Om een vrijstelling te krijgen, moeten we allereerst duidelijk maken waarom de bestrijding van tulpengalmijt absoluut noodzakelijk is. Daarnaast moet helder zijn waar we als sector ‘staan’ met de bestrijding van tulpengalmijt, wat het perspectief is en in hoeverre er aan een effectief en duurzaam alternatief wordt gewerkt. Door de bouwwerkzaamheden van ULO/CATT-cellen te inventariseren – en duidelijk te maken dat er momenteel maximaal wordt gebouwd – kunnen we het perspectief redelijk goed in kaart brengen én duidelijk maken dat we op de goede weg zitten.
Verder is er natuurlijk geld nodig om de vrijstellingsaanvraag te kunnen bekostigen. Die financiering verloopt via Agrodis, de brancheorganisatie voor toeleveranciers van gewasbeschermingsmiddelen. Naast producent Bayer zijn er drie grote distributeurs – Agrifirm GMN, Farm Plus en ProfytoDSD – die hieraan meebetalen. Voor seizoen 2026 ging het om een bedrag van circa € 27.000.”
Wordt er volgend jaar opnieuw een vrijstelling aangevraagd?
„Ja, de aanvraag voor 2027 is inmiddels onderweg en ik heb goede hoop dat we die vrijstelling ook weer gaan krijgen. Zoals gezegd kunnen we aantonen dat er heel veel wordt geïnvesteerd in de bouw van ULO/CATT-cellen en dat alle beschikbare bouwcapaciteit daarvoor ook wordt benut. Volgend jaar zijn we dus een eind verder met ULO/CATT, maar nog niet zover dat het overgrote deel van de telers hier ook daadwerkelijk gebruik van kan maken. We hebben de vrijstelling dus nog zeker een jaar nodig.
Om de toepassing wat praktijkvriendelijker te maken, pleiten we in de nieuwe aanvraag niet alleen voor de driftreducerende maatregel van 97,5 procent DRT-klasse met 1,5 meter teeltvrije zone, maar ook voor 95 procent DRT-klasse met 2,5 meter teeltvrije zone en 75 procent DRT-klasse met 3 meter teeltvrije zone. Voordeel hiervan is dat meer telers het middel met hun eigen veldspuit kunnen toepassen en daarvoor niet hoeven uit te wijken naar loonbedrijven met een spuit in een hogere DRT-klasse.
Een knelpunt hierbij is wél dat de beslissing hierover waarschijnlijk niet voor het tulpenplantseizoen zal vallen.”
Dat maakt het voor telers lastig om hierop te anticiperen. Hoe dan ook houden we telers hier zo goed mogelijk van op de hoogte.
En na 2027? Wat gebeurt er dan?
„2027 zal vrijwel zeker het laatste jaar zijn dat er een vrijstelling komt voor het middel. Bayer heeft in 2022 aangegeven dat het de toelating niet verder zal ondersteunen. Normaliter is er tot vijf jaar nadien een vrijstelling mogelijk. 2027 zou daarmee het laatste seizoen zijn.”
Tekst: Bayer Crop Science
Beeld: Bayer Crop Science



