Ministerie van Klimaat en Groene Groei blijft bij haar standpunt
Minister wil geen breed onderzoek naar zwerfstroom veehouderijen

Het beheersen van zwerfstroom is volgens de minister een technisch en geen beleidsmatig vraagstuk. De verantwoordelijkheid voor de correcte aanleg, het onderhoud en de controle van de installaties ligt primair bij de veehouder zelf en bij de gecertificeerde installateur.
Dat blijkt uit de antwoorden op schriftelijke vragen van de SGP-Tweede Kamerleden Flach en Stoffer, die eerder deze week zijn gepubliceerd. De SGP en lokale partijen pleitten voor hernieuwd onafhankelijk onderzoek, omdat de problemen op meerdere nabijgelegen bedrijven spelen en de toenemende elektrificatie van de omgeving mogelijk nieuwe uitdagingen meebrengt.
Volgens de minister is multidisciplinair onderzoek echter pas aan de orde als mogelijke oorzaken binnen afzonderlijke vakgebieden, zoals de eigen elektrische installatie of de afstelling van apparatuur, zijn uitgesloten.
Onderzoek vindt geen externe oorzaak
Daarnaast gaven gesprekken met de provincie Zuid-Holland, de gemeente en kennispartijen de afgelopen anderhalf jaar volgens de minister geen nieuwe inzichten. Ook blijkt uit een DNV-onderzoek van 15 juni dat windturbines, zonneparken en batterijsystemen op enkele meters afstand geen waarneembare zwerfstromen bij landbouwdieren veroorzaken.
In een specifieke casus bij melkveehouder André van den Oudenrijn in Ooltgensplaat (ZH) concludeerde DNV, na beoordeling van het oorspronkelijke onderzoek en een door een ingenieursbureau uitgevoerde second opinion, dat er geen aanwijzingen waren voor externe invloeden. Wel constateerde kennisinstelling Det Norske Veritas (DNV) dat de elektrische installatie van het melkveebedrijf zelf vermoedelijk niet aan de veiligheidsnormen voldeed.
Melkveehouder bestrijdt conclusies over zwerfstroom
Melkveehouder Van den Oudenrijn laat desgevraagd weten dat hij zich niet kan vinden in de antwoorden van de minister. Volgens hem wordt bij de beoordeling van de problemen onvoldoende gekeken naar de samenhang tussen elektrotechniek en diergezondheid. Juist die combinatie is volgens de melkveehouder noodzakelijk om mogelijke oorzaken van afwijkend gedrag en gezondheidsproblemen bij koeien te achterhalen.
Iets waarin hij zich gesteund ziet door de visie van het college van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, dat ook van mening is dat een uitgebreid multidisciplinair onderzoek nodig is op het gebied van diergeneeskunde, gedrag van dieren, elektrotechniek en eventuele andere factoren. Al geeft de provincie ook aan het proces te willen faciliteren ‘aangezien er op dit terrein geen wettelijke taak bij de provincie ligt’.
Van den Oudenrijn is daarom kritisch op het standpunt dat mogelijke oorzaken eerst binnen afzonderlijke vakgebieden moeten worden onderzocht. „Een organisatie als de Gezondheidsdienst voor Dieren, met alle respect, dat zijn dierdeskundigen. Dus die hebben geen verstand van elektrotechniek of elektrotechnische interventies die je op een locatie doet”, zegt de melkveehouder. Aan de andere kant hebben elektrotechnische deskundigen volgens hem onvoldoende kennis van de mogelijke gevolgen voor dieren. De stichting EMV & (Dier)welzijn, waarvan hij woordvoerder is, probeert juist alle disciplines bij elkaar te brengen.
Ook zet Van den Oudenrijn vraagtekens bij de conclusies van DNV over het onderzoek waarnaar de minister verwijst. Hij betwijfelt onder andere of DNV in deze kwestie als volledig onafhankelijk kan worden beschouwd, vanwege de activiteiten van het bedrijf rond de energietransitie en ‘net zero’. De veehouder zegt hierover verder in gesprek te zijn met wetenschappers.
Melkproductie steeg 40 procent na technisch ingrijpen
De melkveehouder wijst daarbij op de ontwikkelingen op zijn eigen bedrijf. Volgens hem is de melkproductie na technische ingrepen met ongeveer 40 procent gestegen, terwijl onder meer het voer, de koeien en de stal hetzelfde zijn gebleven. Ook zouden de diergezondheid en de overleving van kalveren zijn verbeterd. Een oorzakelijk verband tussen de elektrische ingrepen en deze verbeteringen is nog niet onafhankelijk wetenschappelijk vastgesteld.
Van den Oudenrijn wil daarom juist dat verder wetenschappelijk onderzoek wordt uitgevoerd. Daarbij moet onder meer worden gekeken naar de gebruikte meetmethode voor elektrische verstoringen. Volgens hem gaan wetenschappers zich daarover buigen. „Wij vinden gewoon dat dit correct onderzocht moet worden”, zegt hij.
Stefan Buning
Geboren en getogen op een melkveebedrijf in de Achterhoek. Sinds 1998 werkzaam als redacteur bij Agrio. Als chef Melkvee is hij samen met zijn team verantwoordelijk voor het kritisch volgen van alles wat er in en om de melkveehouderij in Nederland gebeurt.
Erik Colenbrander
Ervaren freelance vakjournalist (52), opgeleid als ingenieur melkveehouderij en van jongs af aan gefascineerd door de boerenwereld en in het bijzonder de melkveehouderij en het weer. Met veel plezier richt ik me de laatste jaren ook op de akkerbouw, in het kader van een 'leven lang leren'.
Beeld: Ellen Meinen


