Sterke Erven Logo

Provinciale Staten trappen op de rem

Zuid-Holland wacht met nieuwe besluiten rond stikstof op landelijk beleid

04 min
Zuid-Holland steunt de gebiedsprocessen met vier jaar.
Het provinciebestuur van Zuid-Holland mag geen grote stappen zetten op het platteland, zolang het landelijke stikstofbeleid in Den Haag nog niet is vastgesteld. Daarnaast moet er ook altijd met partijen in de gebiedsprocessen overlegd worden als de provinciale aanpak door landelijk stikstofbeleid eventueel gewijzigd moet worden. Deze voorstellen van SGP en ChristenUnie kregen steun van een meerderheid in Provinciale Staten.

Het Zuid-Hollandse college van Gedeputeerde Staten (GS) vroeg aan Provinciale Staten om tweejarig commitment uit te spreken voor de gebiedsprocessen die nu lopen in de verschillende regio's.

Zorgen waren er tijdens het debat van meerdere kanten over de impact die het landelijk aangekondigde stikstofbeleid van het kabinet kan gaan hebben op de provinciale aanpak voor het landelijk gebied (ZH-PLG). De SGP diende daarom een amendement in dat de provincie opdraagt geen nieuwe besluiten te nemen die op korte termijn door nieuwe landelijke wet- en regelgeving rond stikstof kunnen worden beïnvloed of ingehaald. „We willen voorkomen dat gebiedsprocessen die al in gang zijn gezet, een andere dimensie krijgen door landelijk beleid", betoogt Nico de Jager van de oppositiepartij. Dat voorstel haalde een meerderheid.

Mocht het wel gebeuren dat de provinciale aanpak door landelijke regels aangepast moet worden, dan zou dit altijd in overleg met de gebiedspartners moeten gebeuren. Dit amendement van ChristenUnie kreeg unanieme steun van de voltallige Zuid-Hollandse volksvertegenwoordiging.

Stikstofzonering noodzakelijk?

BBB vroeg aandacht voor de stikstofzonering. Provinciale Staten stelden in december van het vorige jaar vast dat er een zonering van maximaal 250 meter rond stikstofgevoelige habitats komt bij de Nieuwkoopse Plassen & De Haeck. De grootste coalitiepartij vindt dat de provincie niet zomaar één op één grotere zones van 500 meter of een kilometer moet overnemen vanuit Den Haag. „We moeten voorkomen dat stikstofzonering wordt aangevuld met generieke zones die vanuit andere drukfactoren noodzakelijk zijn", stelt Ad Merks (BBB). Daarvoor zou dan eerst een gebiedsspecifieke onderbouwing over nut en noodzaak, effectiviteit en proportionaliteit van zonering gemaakt moeten worden.

Dat geen zonering nodig is, zou dan ook bij het Rijk aangegeven kunnen worden. Provincies hebben namelijk de mogelijkheid om een zogenoemd omwisselbesluit te nemen, waarbij zij alternatieve plannen kunnen aandragen zolang het maar aantoonbaar bijdraagt aan hetzelfde doelbereik als de landelijk voorgestelde maatregel. Volgens BBB liggen er kansen binnen de gebiedsprocessen om dit te kunnen doen. Gedeputeerde Robert Tieman (BBB) riep op om de motie aan te houden tot er meer duidelijkheid is over landelijke stikstofzonering. BBB kon zich daarin vinden.

Additionaliteit onderbouwen

Ondanks dat er veel onduidelijkheid is over de invulling van het landelijke stikstofbeleid, hoeft de provincie niet stil te zitten. In de stikstofbrief van het kabinet van eind juni staat dat provincies nu al een plan op kunnen stellen, als zij met plannen kunnen onderbouwen dat de natuur er niet op achteruitgaat, het zogenoemde additionaliteitsvereiste. Er zou dan weer intern en extern gesaldeerd kunnen worden. Coalitiepartij VVD diende een motie in om dit te doen en de aanpak in de vier Natura 2000-gebieden rond de Rotterdamse haven voort te zetten en af te ronden. Deze gebiedsgerichte aanpak zou bijna gereed zijn. Stikstofontwikkelingen bij de haven zouden dan weer mogelijk zijn.

Op basis van de resultaten en lessen van de 'havenaanpak' krijgt de provincie de opdracht om uiterlijk in het tweede kwartaal van 2027 terug te komen bij de Staten met een plan van aanpak voor de additionaliteitsonderbouwing van de andere stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden binnen de provincie.

Steun voor vervolgaanpak ZH-PLG

Statenbreed was er uiteindelijk steun voor de vervolgaanpak van ZH-PLG, op enkele oppositiepartijen PVV, JA21 en FvD na. Die zien helemaal niets in de provinciale aanpak omdat ze kritisch zijn op de stikstofmodelwerkelijkheid en ook vraagtekens zetten bij de noodzaak, effectiviteit en doelmatigheid van de aanpak in relatie tot natuurherstel (PVV, JA21, FvD).

Omdat de vervolgaanpak wel een meerderheid haalde, worden de komende tijd de plannen in de verschillende deelgebieden verder geconcretiseerd en werkt de provincie aan flankerend beleid, zoals financiële ondersteuningsregelingen voor boeren. Het college wilde voor twee jaar commitment uitspreken voor de gebiedsprocessen, maar dat vond de SGP te weinig. „Op twee jaar kun je je horizon niet verbreden als agrarisch ondernemer", vindt Nico de Jager (SGP). De oppositiepartij diende een amendement in om die termijn te verhogen naar vier jaar. Dat voorstelde haalde een meerderheid. Ook gedeputeerde Tieman kon zich vinden in het vierjarige commitment.

Provincie moet meer regie pakken

Daarbij moet er voortvarend aan de slag gegaan blijven worden. Mocht er extra ambtelijke capaciteit, kennis of geld nodig zijn voor de uitvoering van de gebiedsprocessen, dan wil de Staten dat het provinciebestuur met voorstellen terugkomt bij de volksvertegenwoordiging (motie coalitiepartij PRO en medeondertekend door coalitiepartij VVD en oppositiepartijen Volt, SGP en Jou ZH).

Daarnaast moet Zuid-Holland meer regie voeren bij gebiedsprocessen waar doelen, maatregelen, of ambities onvoldoende concreet zijn. 'Gebiedsgericht werken betekent niet dat de provincie zich terughoudend moet opstellen wanneer doelen onvoldoende worden bereikt of fundamentele keuzes worden uitgesteld', luidt de motie van coalitiepartij PRO en VVD en oppositiepartijen SP, Volt, Jou ZH en SGP. Het college kon zich hier uiteraard wel in vinden.

Beeld: Ruth van Schriek

Tags
MelkveeNatura 2000PolitiekVergunningZuid-Holland