Sterke Erven Logo
10

Blik in nieuw DNA-laboratorium van NAK

1003 min
De NAK heeft recent een nieuw DNA-laboratorium geopend, waar aardappelonderzoeken grootschalig worden uitgevoerd met de PCR-onderzoekstechniek. Akkerwijzer nam een kijkje in dit nieuwe laboratorium. Bekijk de foto’s.Voorheen maakte de NAK gebruik van de Elisatoets. Hierbij moesten de knollen eerst in de kas worden opgekweekt om blad te kunnen oogsten voor monstermateriaal. Dat uitgroeien duurde vier tot zes weken. De nieuwe onderzoekstechniek levert een flinke tijdwinst op. Pootgoedtelers ontvangen hun uitslag nu al binnen twee weken in plaats van de voormalige zes weken. Daarnaast is de grootschalige inzet van efficiënte combinatieonderzoeken tijdens de nacontrole van pootaardappelen mogelijk. Nu kan één monster worden onderzocht op virussen, de Erwinia-bacterie en de bruin- en ringrotbacterie.Lees ook: ‘De NAK moet in Emmeloord blijven’ 
Het onderzoek begint met het snijden van kapjes en pitjes. Dit wordt uitgevoerd door circa 45 mensen.
Per monster van 200 knollen worden 4x50 kapjes gesneden voor Erwinia en virus.
Daarnaast snijdt de medewerker van alle knollen één pitje voor het bruin- en ringrotonderzoek.
De kapjes en pitjes worden gescheiden opgevangen. Het kleine potje is voor het bruin- en ringrotonderzoek, het zakje voor het onderzoek naar Erwinia en virus.
In het laboratorium worden de pitjes en kapjes, apart van elkaar, aangevuld met gedestilleerd water en vermalen tot een troebele substantie.
Met buisjes worden van ieder papje vier monsters genomen die in kleine buisjes worden gedaan.
Deze kleine buisjes, vier per monster, worden in een plaatje gezet. Per dag onderzoekt de NAK tien tot twaalf van deze plaatjes. Een robot voorziet de inhoud van magnetische deeltjes die de eveneens magnetisch geladen DNA in het monster scheiden van de rest. Het DNA-materiaal bevat al het DNA uit het monster, dus van zowel de aardappel als het eventueel aanwezige virus, dat nog niet zichtbaar is. Daarom wordt een stofje toegevoegd dat het virus versneld laat vermenigvuldigen. Nu is het eventueel aanwezige virus duidelijk zichtbaar en kan een monster al dan niet besmet worden verklaard.
Met deze 96 wells pipet vullen de labmedewerkers de blokken voor de DNA isolatie apparatuur.
Het onderzoek naar bruin- en ringrot vindt in een ander deel van het laboratorium plaats. Aan de potjes met de pitjes wordt een middel toegevoegd. Na intensief schudden komt de quarantaineziekte vrij. Druppeltjes van deze vloeistof worden voorzien van een antiserum op glazen plaatjes onder de microscoop bekeken. Als het monster besmet is met bruin- of ringrot is dat te zien aan een fluoriserend licht. In dat geval is deze partij verdacht, en doet de NAK melding bij de NVWA, die vervolgonderzoek doet.
Met enige regelmaat worden tussen de echte monsters ook blinde monsters gedaan. ‘Die moeten onze mensen er uit kunnen halen’, zegt senior vakspecialist PCR Linda Smits. ‘Daarmee houden we hen scherp.’

Beeld: Fenneke Wiepkema

Tags
AkkerbouwConsumptieaardappelenPootaardappelenBruinrot