Sterke Erven Logo

‘Mest moet je opwaarderen, niet wegwerken’

02 min
Lang hebben Nederlandse veehouders hun mest gezien als afvalproduct, dat zij ‘weg moeten werken’ door middel van mestverwerking. Maar dat is een verkeerd doel, betoogde Martin Scholten, algemeen directeur dierwetenschappen van de Wageningen Universiteit, op het congres precisiebemesting in Gorinchem.

„Mestverwerken moet niet als doel hebben om de mest weg te werken, maar om de mest op te waarderen tot een gewenst product”, licht Scholten toe. „Akkerbouwers en veehouders zouden daarbij meer kunnen samenwerken. Gewasresten kunnen dienen als veevoer en dierlijke mest kan kunstmest vervangen.”

De directeur dierwetenschappen verdedigde dit op de bijeenkomst het landbouwbeleid van de laatste decennia, dat vooral gericht was op verhoging van efficiëntie. „We moeten trots zijn en blijven op de efficiëntie die wij hier behalen, maar nu moeten we verder ontwikkelen. Kringlooplandbouw is de toekomst.”

Reststromen verwaarden

Die efficiëntie zelf kan volgens Scholten ook nog wel wat beter. „Slechts een derde van de grondstoffen wordt uiteindelijk geconsumeerd door de burger. Dat komt onder andere doordat heel veel reststromen ongebruikt blijven. Dat kan en moet beter. Als je als boer ‘kringloopgrondstoffen’ gebruikt, die afval zijn van andere productieprocessen, ben je goed bezig. Beter dan wanneer je grondstoffen speciaal voor je eigen productie aanvoert.”

Niet alleen de boeren zelf moeten zorgen voor een sluitende kringloop, vindt Scholten. „Ieder aanverwant bedrijf aan de landbouw heeft zijn verantwoordelijkheid om bij te dragen aan kringlooplandbouw.”

Beeld: Ruth van Schriek

Tags
MelkveeBodemDierlijke mestKunstmestKunstmestvervangersVoerZuid-Holland