Zuid-Holland rectificeert ‘maandje vegetarisch’ na opmerking Agrifacts

Volgens de provincie zouden bezoekers met een ‘maandje vegetarisch’ maar liefst 45.636 liter water besparen. De provincie was afgegaan op de zogenaamd ‘water footprint-berekeningen’ voor landbouwproducten. „Wij hebben publicaties van NRC en de Wageningen Universiteit als bron gebruikt”, aldus Rateb Abawi van de provincie Zuid-Holland. STAF wees de provincie er vervolgens via Twitter op dat het waterverbruik in hoofdzaak regenwater betreft dat op akkers en weilanden valt. Op regenwater kunnen burgers volgens STAF helemaal niet besparen.
Rectificatie
De provincie heeft via een email en een bericht op Twitter laten weten aan STAF dat de poster inmiddels is verwijderd van de toiletdeur. „Zij kwamen met goede argumenten en hebben zelf andere bronnen gebruikt, dus ik vind het goed dat ze willen zorgen dat er juiste informatie op de posters staat”, aldus Abawi. De posters waren echter voor één interne bijeenkomst opgehangen en al verwijderd op het moment dat STAF rectificatie eiste bij de provincie.
STAF geeft aan het ‘bijzonder zorgelijk te vinden dat vooraanstaande organisaties, zoals een overheid, niet in staat blijken te zijn om landbouwrapporten te lezen en om daaruit correcte conclusies te trekken’. „De provincie Zuid-Holland wordt door de maatschappij beschouwd als een autoriteit; wanneer de overheid informatie publiekelijk maakt, wordt daar dan ook veel waarde aan gehecht. Wanneer het om foutieve informatie gaat, is dat erg schadelijk voor de landbouw”, zegt voorzitter John Spithoven van STAF.
Planbureau voor de Leefomgeving
Eerder zorgde STAF ervoor dat het Planbureau voor de Leefomgeving moet toegeven dat ze met een factor tien had overdreven als het gaat over de impact van vlees eten op het klimaat. Vervolgens moest ook waterbedrijf Vitens haar uitingen rectificeren.
Rapport na rapport
„Ons doel is om objectiviteit te brengen in het debat over de landbouw”, zei Spithoven in een eerder interview met Agraaf. „Er wordt enorm veel over de landbouw geschreven, en er verschijnt rapport na rapport. Maar de gegevens in die rapporten kloppen lang niet altijd.”
Erin Veenink
Erin studeerde af in 2016 aan de School voor Journalistiek, niet wetende dat ze ooit als landbouwjournalist aan het werk zou gaan. Na enkele jaren als radio- en televisieverslaggever te hebben gewerkt, lonkte toch het schrijven en kwam ze terecht op de redactie bij Agrio. Haar interesse in zowel landelijke als lokale politiek komt hier niet ongelegen. Een voorliefde voor de agrarische sector heeft ze al lang. Dit werd aangewakkerd tijdens de zomervakanties in Denemarken, waar ze werkte bij een melkveehouderij met Jersey koeien van haar oom en tante.
Beeld: Ellen Meinen

