Sterke Erven Logo

Juni-levering vanuit een sobere bewaring

02 min
Akkerbouwer Jaap Vos uit Vlissingen bewaart zijn fritesaardappelen meestal tot in juni, in vier cellen zonder veel technische snufjes. Het lukt de Zeeuwse teler om vrijwel altijd een prima kwaliteit te leveren, ondanks het gebrek aan koude nachten in het voorjaar, zo dicht bij de Noordzeekust. Toch gaat het soms fout.

Volgens de teler begint goed bewaren op het land, met een goede bespuiting met MH tegen spruitvorming. Vervolgens moet het niet te droog en niet te warm zijn tijdens de oogst. „Als september droog is en 25 graden, dan is het goed fout”, is zijn ervaring. „Dan kun je niet lang bewaren, want de celspanning is dan te hoog. De knollen zijn dan extra kwetsbaar voor beschadiging, zoals door harde kluiten.”

Tijdens het rooien en het inschuren is het de kunst om de knollen zonder beschadigingen in de cel te krijgen. Vos rijdt normaal gesproken weinig grond mee naar binnen. Daarom heeft Vos geen last van stortkegels bij het inschuren.

De nabijheid van de kust maakt het bewaren extra lastig. „Er zijn hier weinig koude nachten in het voorjaar. Als het in het oosten ’s nachts bijvoorbeeld 4 graden is, dan is het hier soms wel 15 graden. Het valt niet mee om ze dan rustig te houden. Soms zijn er wel één of twee koude nachten. Dan ga ik gelijk draaien om de temperatuur in de cel naar beneden te krijgen, soms wel drie of vier graden in één keer.”

Lees het hele verhaal in Vakblad Akkerwijzer van oktober.

Tekst:

Beeld: Agrio

Tags
AkkerbouwBewaring
Lees meer in het vakblad
In Vakblad Akkerwijzer lees je wat speelt in jouw sector, met kennis, verhalen en duiding voor de praktijk.