Sterke Erven Logo
8

Duizenden mollen per seizoen

804 min
Erwin Plant uit het Gelderse Halle-Heide vangt al jaren mollen. Je kunt wel zeggen fulltime, maar toch is hij eigenlijk in dienst als ongediertebestrijder. Op maandagmiddag 1 maart heeft Plant zijn quad uitgeladen voor het controleren van klemmen op twee percelen in de Achterhoek. Eén van de percelen betreft ruim 3 hectare wintertarwe.
De mollen variëren in grootte. Ooievaars en roofvogels lusten alle maten volgens Plant.
De uitrusting van de mollenvanger, die voor de verandering de mollen van vanmiddag heeft verzameld. Meestal laat hij ze in de wei achter, waar ze een dag later altijd zijn weggehaald.
Bij elke pvc-buis wacht weer een verrassing. Zit er wel of niet een mol in de klem?
In ongeveer de helft van de klemmen die Plant zet, treft hij een dode mol. In de tekst de uitleg.
De staart van een mol werkt als antenne. Is de doorgang zo groot dat de staart geen grond raakt, dan is er iets niet pluis.
Erwin Plant, ongediertebestrijder en mollenvanger.
Op z'n quad legt Plant vele kilometers af.
Het scherpe gebit van een vers gevangen mol.

Samen met z’n vrouw vangt Plant van oktober tot en met bemesten in het voorjaar, mollen. Duizenden per seizoen. Plant zit niet alleen in de Achterhoek, boeren weten hem langzamerhand overal te vinden. Prachtige grond, wijst Plant, die bijna alsof hij zélf een mol is met zijn grote handen begint te graven en direct wormen te pakken heeft. De mollenvanger zegt dat het hier biologische grond van een varkenshouder betreft die eigen voer teelt. „Dat biologische zie je direct aan de hoeveelheid actieve insecten en wormen. De mooiste grond die er is, ook voor mollen dus”, lacht Plant. Dit voorjaar lijken er meer mollen te zijn dan anders. „Na drie droge jaren zijn de wormen dieper gegaan, op zoek naar vocht en voedsel. De mollen gingen mee naar benee. Nu is het weer wat natter, máár echt nog steeds niet op niveau, en hop, de mollen komen ook weer omhoog.”

Klemmen zetten op safe

Boeren sturen de mollenvanger steeds vaker een plattegrondje van de percelen die ze door Plant mollenvrij willen laten maken. Plant rekent voor zijn werk per hectare. Ieder krijgt een contract met een vaste prijs per hectare. „Voor iedereen hetzelfde. Als ik 120 mollen uit 10 hectare vang, krijg ik net zoveel als wanneer ik er maar zeven vang.” De mollenvanger zegt de klemmen niet zuinig te zetten. „Ik speel graag op safe. Ik zet er liever twintig voor het vangen van tien mollen, dan dat ik er acht zet en een week later nog weer twee mollen moet vangen.” Vaak is zo’n perceel dan ook in één keer mollenvrij volgens Plant. Hij rijdt echter sowieso twee weken later nog eens langs voor controle. Omdat hij alle hopen uit elkaar heeft getrapt, ziet hij precies waar eventueel toch nog weer activiteit is.

Fine-tunen in het voorjaar

Deze mollenvanger gaat altijd direct na de maisoogst op pad met zijn quad. „Als ik dan vóór januari overal al ben geweest, heb ik een hoop minder mollen in het voorjaar. Eigenlijk ben ik dan in het voorjaar alleen nog wat aan het fine-tunen”, lacht Plant, die ervan geniet ‘vrij schoon’ het voorjaar in te gaan.

Ooievaars voeren

De gevangen mollen die Plant uit de klem heeft gehaald, laat hij meestal achter in de wei. Een dag later zijn ze altijd al weg. „Want je kunt ooievaars en roofvogels beter dode mollen voeren, dan dat ze de kuikens van weidevogels vreten, toch.”

Witte mollen

Onlangs werd Plant gebeld om in Duitsland te komen vangen. Daar had hij wel oren naar, want het grasland ziet er daar vaak zwart uit van de molshopen. Tót hij er achter kwam dat het vangen van mollen daar verboden is. „Daar krijg je voor elke klem een vette bekeuring.”

In al die jaren heeft Plant slechts twéé witte mollen gevangen. Om precies te zijn; zijn vrouw heeft die gevangen. Tot zijn grote spijt natuurlijk.

Beeld: Ruth van Schriek

Tags
VarkensMelkveeBodemVoerGelderland