Sterke Erven Logo

Recordhoeveelheid energie in maïskuil van 2024

02 min
De maïskuilen van 2024 bevatten met gemiddeld 1002 VEM meer energie dan het langjarig gemiddelde van 989 VEM. Dit is vooral te danken aan de goede verteerbaarheid van de celwanden. Tot die conclusie komt Eurofins, dat de afgelopen maanden de voederwaarde bepaalde van 13.000 snijmaïskuilen.

Nog nooit eerder passeerde het gemiddelde de grens van 1000 VEM. Zelfs in het topjaar 2014 bleef de hoeveelheid energie met 999 VEM net iets lager, meldt Eurofins.

Hoge celwandverteerbaarheid

Het afgelopen maïsseizoen begon laat door het natte voorjaar. Vooral in Zuid-Nederland werd veel maïs pas laat gezaaid. Dankzij het groeizame zomerweer kon een groot deel van de achterstand worden ingehaald. Omdat september en oktober relatief warm waren, verliep de afrijping gunstig laat in het seizoen.

De hoge VEM is het gevolg van een goede verteringscoëfficiënt van de organische stof (VCOS) van 77,4 procent. Dit komt vooral door de hogere verteerbaarheid van de celwanden (NDF) van 57,1 procent. Hoe hoger de NDF, hoe beter de koe in staat is om de celwanden te benutten.

Ook het zetmeelgehalte lag met 372 gram per kilogram boven het langjarig gemiddelde van 367 gram per kilogram. Het gemiddelde droge stofgehalte was met 381 gram per kilogram eveneens bovengemiddeld.

Oogst in september erg goed

Eurofins merkt op dat de spreiding in de geanalyseerde waarden groot was door de extreme weersomstandigheden van afgelopen jaar. Vooral de kwaliteit van in september geoogste snijmaïs was hoog, met een VEM van 1018 en een zetmeelgehalte van 388 gram per kilogram. De kwaliteit van later gehakselde snijmaïs daalde. Kuilen van in november geoogste maïs bevatten gemiddeld 971 VEM en 341 gram per kilogram zetmeel.

Ook regionaal zijn er verschillen. In Zuid-Nederland was de kwaliteit gemiddeld wat lager ten opzichte van de rest van Nederland.

Beeld: Ellen Meinen

Bron: Eurofins

Tags
MelkveeBodemGrasMaisVoer