Sterke Erven Logo
Kennispartner

De plant vitaal door het seizoen

Samenwerken aan een bemestingsstrategie voor gras en mais

Kennispartner7 min
De plant vitaal door het seizoen
De plant vitaal door het seizoen
“Aan het eind van het jaar verkoop ik nog gras. Wij hebben altijd over, en de kwaliteit is goed.” Voor melkveehouder Arie Blom uit De Glind is het bijna vanzelfsprekend geworden. Achttien jaar geleden begon hij samen met dealer Wim van Maanen uit Barneveld en Van Iperen aan proeven met vloeibare meststoffen. Inmiddels is er veel veranderd. “De ruimte met nutriënten wordt steeds krapper”, zegt Gerard Postma, specialist ruwvoer bij Van Iperen. “Tegelijk moet de grasplant het hele seizoen door blijven leveren.”

De ruimte om te bemesten neemt jaar op jaar af. Minder drijfmest, minder stikstof, minder speelruimte. Voor melkveehouders in een NV-gebied, zoals dat van Arie Blom, komt daar nog een korting van 20 procent op stikstof bovenop. Postma: “Vroeger had je veel ruimte in drijfmest en stikstof. Stikstof nam in eerste instantie heel veel rollen over. Nu die ruimte er niet meer is, moeten we andere wegen bewandelen. Met andere elementen kun je vergelijkbare resultaten boeken.”

Het uitgangspunt is een vitale plant. Een gewas dat goed in zijn vel zit, groeit langer door, is minder gevoelig voor schimmels en heeft minder gewasbescherming nodig. “Voelt die plant zich vitaal, dan hebben we geen last van schimmels”, zegt Postma. “En dat heeft enorm veel profijt voor de koeien.”

En dat heeft enorm veel profijt voor de koeien.

Vier momenten in het seizoen

De grasplant kent door het seizoen heen twee pieken: een grote piek in het voorjaar tot en met de derde snee, en een tweede piek in het najaar als de mineralisatie weer op gang komt. Daartussen ligt de zomerdip: voeding komt niet meer vrij, de plant zit in de stress. Onder de campagnenaam ‘De kracht van het moment’ verdeelt Van Iperen het seizoen in vier perioden, met per periode een passende bemestingsstrategie.

In de eerste twee snedes, tijdens de eerste piek, ligt het zwaartepunt op de basis: een gerichte stikstofgift, fosfaat voor de start, en al vroeg borium om het fotosyntheseproces aan te jagen en het nitrogenase enzym te versterken. Bij de derde snee verschuift het accent. Fosfaat valt eruit, bladmeststoffen worden belangrijker, omdat die makkelijker door de plant worden opgenomen. In de stressperiode en daarna draait het om vitaal houden: borium blijft, andere sporenelementen komen erbij. Postma: “Wat maakt die plant mee, waar gaat hij doorheen, welke processen spelen daar? Hoe kunnen we hem op elk moment ondersteunen?”

Wat borium doet

Borium is het element dat in alle vier de perioden terugkomt. Het versterkt de fotosynthese: de plant maakt meer voeding, die via de sapstroom naar het wortelpakket gaat. Daar maakt het bodemleven voeding rondom de wortels vrij, die de plant vervolgens weer opneemt. Hoe meer fotosynthese, hoe meer voeding er uiteindelijk in de plant zit. Daarnaast versterkt borium het nitrogenase-enzym in de bodem; dat enzym bindt stikstof uit de lucht en legt die vast in de bodem. Postma: “Heel belangrijk, juist op plekken waar weinig stikstof voorhanden is.”

Er wordt al vijftien jaar gepleit voor borium in gras. “Maar het werd nooit toegepast, omdat we die stikstof wel hadden”, vertelt Postma. “Nu zien we dat we met dit soort elementen hele goede resultaten boeken.” Proeven op diverse percelen in Nederland leverden 500 kilo droge stof per hectare extra op, en overal neemt de kwaliteit zienderogen toe.

Achttien jaar proefboer

Volgens Arie Blom zorgt Power Basic Bravo voor veel meer ondergras. “Dat blijkt iedere keer weer uit proeven die Van Maanen heeft gedaan. Door een perceel bemest met KAS loop je makkelijk. Bij Power Basic lijkt er op het oog niet meer te staan, maar loopt het veel zwaarder.” De opbrengst is dus hoger. Daar komt nog bij dat de geur van het gras voor koeien heel aantrekkelijk is. Van Iperen liet bodem- en grasmonsters analyseren door een gespecialiseerd bedrijf en zag dat de soort meststoffen de samenstelling van bacteriën en schimmels in de bodem beïnvloedt, en daarmee de geur van het gras.

Koeien vinden het lekkerder

Zegt Postma. “En het is kwalitatief beter. De DVE/ OEB verhouding wordt gunstiger en er komt meer DVE in.”

Voor Blom telt het resultaat. Zijn bedrijf omvat 69 hectare, met koeien als kerntak en kippen ernaast. “Het hart ligt bij de koeien. Daar kun je van leven, maar dan houdt het ook op. De kippen zorgen voor de inkomsten.” Twee van zijn kinderen denken erover om verder te gaan met het bedrijf; dat is de reden om recent grond bij te kopen.

Kennis en praktijk samen

De samenwerking tussen Van Iperen, dealer Van Maanen en Blom werkt langs duidelijke lijnen. Van Iperen ontwikkelt de strategie en de producten. Voor de proeven zijn boeren nodig, en dus dealers die dat samen met hun klanten in de praktijk uitvoeren. Van Maanen brengt de kennis bij de melkveehouders in de regio en voert het werk uit. Gerard van Maanen, die het bedrijf langzaam overneemt van zijn vader Wim: “Wat een gemiddelde loonwerker niet doet, doen wij wel. We werken met spotsprayen, taakkaartbemesting en precisietechniek. Daar onderscheiden wij ons in. We mogen steeds minder, en toch lukt het ons elke keer weer goede resultaten te boeken. Die regels maken ons niet altijd blij, maar ze brengen ons wel op een hoger niveau. Dat is de innovatieve kracht van de sector.”

Twee keer per jaar komt een klankbordgroep van dealers uit het hele land bij elkaar. “Dan kijken we waar we tegenaan lopen en welke kant we op willen”, zegt Postma. Inzichten uit andere sectoren worden meegenomen. “In de akkerbouw werken we al jaren met bladmeststoffen. Wat daar werkt, kopiëren we naar gras en mais. Een akkerbouwer heeft net als een melkveehouder een plant die door zijn stressperiodes heen moet om aan het eind een goed product te kunnen oogsten. Daar leren we van elkaar.” Van Maanen: “Van Iperen is onze kennisbank. We doen het samen.”

Verder dan borium

Het pakket wordt stap voor stap uitgebreid. Na Powerleaf Borium komen calcium, magnesium, mangaan, zink, ijzer en aminozuren in beeld: allemaal elementen die goed via het blad worden opgenomen. Aminozuren zijn extra interessant, omdat ze zowel bijdragen aan de eiwitvorming als de plant door stressmomenten heen helpen.

Voor Blom is de noodzaak duidelijk. “Ik moet jaarlijks ruim 2.000 kuub mest afvoeren. Dat is mest die we vroeger gewoon op ons eigen land konden gebruiken, maar dat mag niet meer. Het kost me 70 mille. Dan ga je veel meer de breedte zoeken.” Het stikstofoverschot daalt al jaren; er wordt meer afgevoerd dan teruggebracht. Postma: “Dat is een disbalans. We moeten oppassen dat we de bodem niet langzaam leeg trekken. Daarom werken we aan een bemestingsstrategie die de plant vitaal houdt, met breder gereedschap.”

Wat in Nederland aan opbrengst en kwaliteit gehaald wordt, halen ze nergens, vinden ze alle drie. “Dat besef is er nauwelijks”, zegt Blom. “Mede door die wet- en regelgeving moesten we steeds slimmer en innovatiever worden.” Postma sluit aan: “We mogen steeds minder nutriënten opbrengen, maar met breder gereedschap en het slim inzetten van bladmeststoffen halen we juist een hogere opbrengst van hogere kwaliteit. En daar blijft het niet bij. Hoe beter we het groeimodel leren kennen, hoe gerichter we kunnen sturen. De ontwikkeling staat niet stil.”

Tekst:

Beeld: Van Iperen

Tags
MelkveeGraslandRuwvoerStikstofemissieVoerMest
Logo Van Iperen

van Iperen

Al ruim honderd jaar is Van Iperen actief in de agrarische sector; akkerbouw, groenvoorziening, bloembollenteelt, fruitteelt, tuinbouw én veehouderij. Al sinds 1921 komen onze specialisten bij klanten over de vloer. Onze specialisten adviseren en ondersteunen onze klanten om hun gewassen optimaal te voeden, versterken en beschermen.