Sterke Erven Logo

Volgens Biohuis erkenning voor bio in stikstofplannen, vergunningverlening blijft zorgenkind

03 min
Biohuis-voorzitter Pipie Smits van Oyen
Biohuis-voorzitter Pipie Smits van Oyen
Biohuis is voorzichtig positief over de stikstofplannen van het kabinet. De belangenorganisatie ziet dat biologische landbouw nadrukkelijk wordt gepositioneerd als oplossing voor de opgaven rond stikstof, natuur en water. Wel vindt Biohuis dat het kabinet onvoldoende voortgang boekt bij het vlot trekken van de vergunningverlening.

Volgens voorzitter Pipie Smits van Oyen zijn veel voorstellen uit de inzet van Biohuis terug te vinden in het vrijdag gepresenteerde pakket. „Het kabinet omarmt de positieve meerwaarde die biologisch boeren biedt voor mens, dier en omgeving. Wel hadden we meer verwacht van het loskomen van de vergunningverlening. Nu is het zaak snel aan de slag te gaan, zodat boeren en tuinders weer perspectief krijgen."

Meer omschakeling

Biohuis noemt het positief dat biologische landbouw nadrukkelijk wordt genoemd als toekomstperspectief voor bedrijven in overgangszones rond Natura 2000-gebieden en kwetsbare wateren. Daardoor verwacht de organisatie dat meer boeren zullen kiezen voor omschakeling naar biologisch.

Groei afzet nodig

Die groei kan volgens Biohuis alleen succesvol zijn als ook de afzet van biologische producten meegroeit. Daarom noemt de organisatie het aangekondigde Versnellingspakket Biologische Landbouw een cruciale pijler onder de kabinetsaanpak. Positief is dat het kabinet uiterlijk 1 april 2027 harde afspraken wil maken met supermarkten over een grotere afzet van biologische producten. Als dat niet lukt, sluit het kabinet wetgeving niet uit. Ook wil de rijksoverheid voortaan minimaal 50 procent biologische producten inkopen.

Rekenkundige ondergrens

Kritischer is Biohuis over de vergunningverlening. Volgens de organisatie is juist een snelle hervatting daarvan essentieel voor het vertrouwen van boeren in de stikstofaanpak. Ook pleit Biohuis voor een snelle invoering van de rekenkundige ondergrens, zodat bedrijven weer ontwikkelruimte krijgen.

Biologische akkerbouw

Verder is de organisatie tevreden over de financiële ondersteuning voor omschakelende boeren. Het kabinet wil onder meer de inkomensdip tijdens de omschakelperiode opvangen, de kosten voor Skal-certificering vergoeden en investeren in kennis, onderzoek en innovatie. Ook krijgt de biologisch akkerbouw extra aandacht via zogeheten doorbraakprojecten.

Versnellingspakket grootste zorg

De grootste zorg van Biohuis betreft de financiering van het versnellingspakket. Buiten de overgangszones is voor de hele periode 43 miljoen euro beschikbaar voor de biologische sector. Dat is volgens de organisatie ontoereikend. „Alleen voor marktontwikkeling hebben we eerder al gepleit voor 35 miljoen euro per jaar. Gezien de gewenste groei van de biologische sector is het gereserveerde bedrag volstrekt onvoldoende", aldus Smits van Oyen.

Onduidelijkheid doelsturing

Volgens Biohuis bestaat daarnaast nog onduidelijkheid over de uitwerking van doelsturing voor biologische bedrijven. De organisatie pleit voor een systeem dat meer uitgaat van grondgebruik dan van bestaande fosfaatrechten en wacht de verdere uitwerking voor onder meer de biologische varkens- en pluimveehouderij af.

Biologische mest

Tot slot is Biohuis tevreden dat het kabinet bij de voorgestelde grondgebondenheid rekening wil houden met de specifieke eisen voor het gebruik van biologische mest. ‘Met de inzet op grondgebondenheid wordt een afstandscriterium voor 25 km voorgesteld voor mestafzet’, constateert de belangenvereniging van biologische boeren.

Beeld: Biohuis

Tags
BiologischMaatschappijPolitiekRegelgevingStikstofemissie