'De strijd is nog lang niet gestreden'

Het is wel een belangrijk onderwerp. Elk jaar verhuren wij een aantal hectares voor bloembollen. Aansluitend komt er winterbloemkool of broccoli op. Doordat ons land dicht bij het Markermeer ligt, is er relatief weinig kans op vorstschade in de kool. Vervolgens komt er snijmais op met afsluitend een aantal jaren gras. Zo houden wij de grasmat jong en fris. Met de extra verdienste kun je weer investeren in je bedrijf of iets extra’s doen. Er zijn legio bedrijven die met een akkerbouwer of bollenboer grond uitwisselen. Deze grond geef je dan uit gebruik. Gaat al jaren goed maar de overheid heeft de regels aangepast. Daarmee vervalt de werkafspraak van 31 mei 2014.
Maar kun je het land dan nog wel verhuren voor o.a. kool?
Grond van een bollenboer kan wel na één bollenteelt 5 jaar in het gras om ziektedruk tegen te gaan. Maar grond van de melkveehouder niet. Eerst moet er een schriftelijke gebruikersovereenkomst opgesteld worden. Dat is nog wel te overzien. Je kunt de landbouwvrijstelling nog wel behouden als de wisselteelt ten goede komt aan de bodemgesteldheid en de kwaliteit van de grond. Maar als de melkveehouder zijn grond uitleent voor bollen telt dit dan mee voor de bodemgesteldheid of kwaliteit? Zoals ik het nu lees, is het dat niet zo. De grondprijzen stijgen sterk. Dus wat doet dat met de landbouwvrijstelling voor de periode van de teelt. Het kan maar zo oplopen tot vele duizenden euro’s per hectare die je dan extra moet ontvangen voor huur. Dat kan financieel nooit uit. Maar kun je het land dan nog wel verhuren voor o.a. kool? En als je het bedrijf geruisloos doorschuift aan je bedrijfsopvolger kun je deze belastingclaim ook doorschuiven?????
Juist door wisselteelt worden er veel minder chemische middelen gebruikt
In de staatscourant van 5 november 2025 (38606) staat bij punt 6 de nieuwe 'eisen' te lezen. Er zijn verschillende voorwaarden waar je aan moet voldoen om de vrijstelling te kunnen behouden. De bodemgesteldheid moet je wel kunnen aantonen aan een inspecteur die het kan komen controleren.
Het is eigenlijk bezopen: juist door wisselteelt worden er veel minder chemische middelen gebruikt. En let ook op met de mestafzet. Je moet immers 80% mest op eigen land kunnen plaatsen anders moet je bemonsterd afvoeren en heb je geen recht meer op boer-boer transport. Het wordt er allemaal niet makkelijker op. Via de Tweede Kamerfractie van BBB zijn er tijdens de commissie al vragen gesteld. Zelf ben ik er nog niet gerust op, dus aanvullende vragen staan op papier en worden ingediend bij de minister. Het zou erg fijn zijn als er voor het plantseizoen duidelijkheid komt voor de sector.
De sector strijdt niet voor loonsverhoging en ook niet voor extra vrije dagen
Tijdens het schrijven van deze column staat de radio aan. Het journaal praat over de boerenprotesten. Paternotte vertelde in een interview dat iedereen het wel eens was met de stikstofbrief, hij had geen trekker gezien op de weg. Hij was iets te voorbarig. In de provincie Brabant komt het bericht om vijf natuurvergunningen van kippenboeren in te trekken. Dat was olie op het vuur. Iedereen is woest. De wegen lopen vol met trekkers en andere acties. Een vergunning is en blijft een vergunning. Wat veel mensen buiten de sector vergeten, is dat de sector niet strijdt voor loonsverhoging, ook niet voor extra vrije dagen. Er is maar één ding en dat is boer blijven of voor de jonge nieuwe generatie om boer te worden. Daar hebben we alles voor over. De boer is een voedselproducent, accountant, natuurbeheerder, vrijwillige brandweer, sneeuwschuiver in één. De sociale spil van een dorp/regio. En daar verdienen wij de kost mee. De strijd is nog lang niet gestreden, het eind is nog niet in zicht. Maar we houden vol. Opgeven is geen optie.
Ingrid de Sain, melkveehouder in Schellinkhout en fractievoorzitter BBB Noord-Holland schrijft op persoonlijke titel.
Tekst: Ingrid de Sain
Beeld: Ellen Meinen

