Uitrijdperiode dierlijke mest verlengd tot 15 september

De uitrijdperiode voor drijfmest op grasland in alle grondsoortregio’s wordt verlengd tot en met 15 september. Hetzelfde geldt voor de uitrijdperiode van vaste dierlijke mest op grasland op zand- en lössgronden.
De minister volgt hiermee het advies van de Commissie Deskundigen Meststoffenwet, de CDM. Die wijst erop dat, als in de laatste dagen van augustus nog veel mest wordt uitgereden op verdroogde grond, dat risico’s voor uit- en afspoeling met zich meebrengt. Een verlengde uitrijdperiode zal zorgen voor een betere benutting van de stikstof in de mest, en dat verdient zowel vanuit landbouwkundig als vanuit milieukundig oogpunt de voorkeur. Tegelijk leidt een verlenging van de uitrijdperiode niet tot een betekenisvolle toename van de uit- en afspoeling van nitraat ten opzichte van de reguliere uitrijdperiode.
Uiterste rooidatum verschoven
Voor de eco-activiteit ‘vroeg ras rooigewas’ stelt de minister de uiterste rooidatum van 1 september uit tot 1 oktober, de inzaaidatum van vanggewassen op zand of lössgrond.
Sectororganisaties hadden om deze aanpassingen gevraagd. Ook BBB-Tweede Kamerlid Caroline van der Plas had in Kamervragen om gevraagd om een verlenging van de uitrijdperiode. Met dit besluit gaat de minister op die verzoeken in.
Wim van Gruisen
Zoon van een Zuid-Limburgse pluimveehouder met eigen slachterij, geschoold als econoom. Sinds 2011 in dienst van Agrio, waar hij artikelen schrijft voor de regio- en vakbladen en de Agrio-websites. Zijn focus lag aanvankelijk op landbouweconomie, tegenwoordig vooral op de Haagse en Brusselse politiek.
Beeld: Ellen Meinen

