Ondanks groei is slechts 1,7 procent van het Vlaamse landbouwareaal biologisch

Het biologisch landbouwareaal groeide in 2025 met 2,4 procent. Het areaal komt daarmee op 10.483 hectare, dat is 1,7 procent van de totale oppervlakte cultuurgrond in Vlaanderen. In Nederland is 4,8 procent van de landbouwgrond biologisch. Eind 2025 waren er in Vlaanderen 639 landbouwers onder biocontrole, vijf meer dan een jaar eerder. Het aandeel biologische landbouwbedrijven komt daarmee op drie procent. Dat is een lichte stijging van 0,8 procent, maar wel een toename van bijna de helft ten opzichte van tien jaar geleden.
Tuinbouw blijft de meest voorkomende bedrijfsspecialisatie in de biosector. Meer dan de helft van de Vlaamse biolandbouwers (53 procent) is hierin gespecialiseerd, met de teelt van vollegrondsgroenten als grootste groep. Akkerbouw en veeteelt volgen met elk 18 procent. Binnen de veehouderij zijn pluimvee- en melkveebedrijven het sterkst vertegenwoordigd.
Groenten en kruiden verliezen terrein
Grasland neemt in Vlaanderen 43 procent in, tegenover 41 procent in 2024. Ter vergelijking: in Nederland bestaat 74 procent van het biologisch landbouwareaal uit grasland. Daarnaast wordt 29 procent van het Vlaamse bioareaal gebruikt voor voedergewassen, voornamelijk klavergewassen.
Akkerbouwgewassen beslaan 992 hectare, goed voor negen procent van het bioareaal. Groenten en kruiden nemen een vergelijkbaar aandeel in, maar verliezen terrein. Hun oppervlakte daalde vorig jaar met zeven procent tot 972 hectare. De biologische fruitteelt neemt 791 hectare in gebruik en behoudt daarmee een aandeel van acht procent.
Pluimvee trekt groei veestapel
Vlaanderen telt in 2025 twee biologische veehouders minder dan een jaar eerder. Daarmee houdt een kwart van de gecertificeerde biologische bedrijven vee, in Wallonië ligt dat aandeel met 64 procent aanzienlijk hoger. De biologische veestapel groeide met vier procent. Voor het tweede jaar op rij is die groei te danken aan pluimvee. Zonder deze diergroep zou het aantal dieren onder biocontrole licht dalen, met één procent. Naast pluimvee nam ook het aantal biologische varkens toe, met twee procent.
Bij runderen, geiten en vooral schapen is daarentegen sprake van een afname. Bij runderen is het inmiddels het derde jaar op rij dat het aantal afneemt, met vier procent. Toch is in tien jaar tijd de totale biologische veestapel met ruim de helft toegenomen. Het biologische aandeel in de Vlaamse veestapel blijft echter voor de meeste diersoorten zeer beperkt.
Meer bioboeren combineren landbouw met andere activiteiten
Steeds meer bioboeren zijn ook gecertificeerd voor andere activiteiten in de biologische keten. In 2025 geldt dat voor bijna een kwart van de bedrijven, tegenover 18 procent in 2020. Distributie is de meest voorkomende bijkomende activiteit. Honderd van de 639 biolandbouwers zijn hiervoor gecertificeerd. Ruim acht op de tien van hen verkopen bioproducten rechtstreeks aan de consument. Een kwart handelt ook met andere ondernemingen. Naast de biolandbouwers telt Vlaanderen nog 1.388 andere bedrijven die actief zijn in de biologische keten. Het totaal komt daarmee op 2.027 unieke bedrijven, één procent minder dan een jaar eerder.
Anna Veltman
Opgegroeid op het gemengd biodynamische bedrijf van Warmonderhof. Gestudeerd aan de HAS in Dronten en Wageningen UR. Naast het werk op ons biologische akkerbouwbedrijf in Biddinghuizen ben ik werkzaam als redacteur voor Ekoland.
Beeld: Natasja Beverloo
Bronnen: Vilt.be, Agentschap Landbouw en Zeevisserij


