Gemiddelde prijs landbouwgrond 21 procent hoger dan 2025
Prijs landbouwgrond stijgt met 7,1 procent naar 116.200 euro per hectare

De gemiddelde prijs van bouwland stijgt in het derde kwartaal met 14,3 procent naar 140.700 euro per hectare. Een kwartaal geleden was dit nog 123.100 euro per hectare. De prijs in het derde kwartaal ligt maar liefst 31 procent hoger dan diezelfde periode in 2025. Toen werd een stuk bouwland verhandeld voor gemiddeld 106.700 euro per hectare.
Ook bij grasland blijft de prijs toenemen. De gemiddelde prijs van grasland loopt met 2,3 procent op naar 96.800 euro per hectare. Dit is twaalf procent hoger dan de prijs in 2025. Toen was de gemiddelde prijs van grasland 94.600 per hectare.
Grote provinciale verschillen bij grondprijs
Provinciaal zijn er grote verschillen. In de meeste provincies stijgt de gemiddelde grondprijs. In Groningen is deze procentueel het hoogst met 6,5 procent. In Flevoland, Limburg, Zeeland en Utrecht neemt de prijs toe met 3 procent. In Gelderland is dit 2,8 procent. Iets lagere procentuele stijgingen zijn er in Overijssel (1,8 procent), Zuid-Holland (1,3 procent) en Friesland (0,9 procent). In Noord-Brabant en Noord-Holland blijft de grondprijs stabiel ten opzichte van het tweede kwartaal.
Alleen in Drenthe is er sprake van een afname. De gemiddelde grondprijs zakt daar met 0,6 procent. Volgens het Kadaster heeft dat ermee te maken dat de provinciale kwartaalprijzen zijn berekend als het voortschrijdende gemiddelde over vier kwartalen. Terwijl de landelijke kwartaalprijs de daadwerkelijke prijs van het kwartaal is, loopt het provinciale voortschrijdende gemiddelde iets achter op de landelijke ontwikkeling van de kwartaalprijs.
Provinciale verschillen bij grondhandel
Uit het kwartaalbericht blijkt dat er meer grond wordt verhandeld. In het derde kwartaal wisselde 6.500 hectare landbouwgrond van eigenaar. Dat is 26 procent meer dan in hetzelfde kwartaal van 2025. Sinds het vierde kwartaal van 2025 tot en met het derde kwartaal van 2026 is in totaal 35.500 hectare grond verhandeld. Dat is 760 hectare of 5,8 procent meer dan in dezelfde periode een jaar eerder.
De relatieve grondmobiliteit over de vier laatste kwartalen is gestegen met 0,13 procentpunt en komt uit op 1,99 procent. In dezelfde periode het jaar daarvoor was dit 1,86 procent. De relatieve grondmobiliteit is het verhandelde areaal afgezet tegen het totaal areaal landbouwgrond.
Op provinciaal niveau zijn er verschillen in de grondhandel. Met 0,6 procentpunt was de toename het grootst in Flevoland en Utrecht. In Zuid-Holland daalt de mobiliteit daarentegen met 0,2 procentpunt en in Overijssel en Limburg met 0,1 procentpunt. In Friesland blijft de relatieve grondmobiliteit gelijk.
Tabel. Grondprijs per provincie en ontwikkeling ten opzichte van het tweede kwartaal
|
Provincie |
Grondprijs Q3 2026 (euro/ha) |
Ontwikkeling t.o.v. tweede kwartaal 2026 |
|
Flevoland |
221.400 |
+3 procent |
|
Groningen |
98.200 |
+6,5 procent |
|
Friesland |
73.400 |
+0,9 procent |
|
Drenthe |
95.000 |
-0,6 procent |
|
Overijssel |
101.700 |
+1,8 procent |
|
Gelderland |
101.300 |
+2,8 procent |
|
Limburg |
100.500 |
+3 procent |
|
Noord-Brabant |
125.400 |
nagenoeg gelijk gebleven |
|
Zeeland |
97.700 |
+3 procent |
|
Zuid-Holland |
111.200 |
+1,3 procent |
|
Noord-Holland |
121.400 |
nagenoeg gelijk gebleven |
|
Utrecht |
101.900 |
+3 procent |
Bron: Kadaster
Bas Lageschaar
Bas Lageschaar groeide op tussen de weilanden in de Achterhoek. Daardoor had hij altijd al belangstelling voor de agrarische sector. Voor Agrio zit hij in de redactie politiek en beleid. Bas volgt het laatste (regionale) nieuws op de voet en schrijft voor de regionale websites en verschillende printuitgaven.
Beeld: Kadaster
Bron: Kadaster




