Column van Wija Koers
‘Bedank de boer’

Boeren produceren voedsel. Dat is het meest zichtbare deel van hun werk, maar het verhaal is veel groter. Ze dragen ook bij aan landschap, economie, verenigingen, buurtschappen, cultuur, noaberschap en sociale samenhang. Aan wandelpaden, dorpsfeesten, evenementen en aan alles wat een gebied leefbaar maakt.
We zijn geen voorbijgangers in het gebied. Dit gebied is wie we zijn. Het is gevormd door generaties vóór ons en we hebben het als het ware in bruikleen gekregen om het met respect door te geven aan de volgende generatie.
Dat begint al jong
Misschien hoeven we kinderen helemaal niet uit te leggen waarom zo’n plek bijzonder is. Boerderijkindjes weten dat vaak vanzelf. Ze zijn trots op thuis, op de trekker, op de dieren, op het land, op papa en mama. Ze zien nog haarscherp wat bijzonder is aan de plek waar ze opgroeien.
De kunst is om dat niet kwijt te raken. Want wie zelf ziet wat waardevol is, kan het ook beter aan een ander laten zien.
Waar komen die aardappelen vandaan?
Misschien begint waardering wel veel eenvoudiger dan we denken: bij weten waar ons voedsel vandaan komt.
Een middelbareschoolklas is op bezoek bij een boer. Er rijdt een trekker met een kipper vol aardappelen voorbij. De leerlingen kijken ernaar en vragen: „Waar komen die aardappelen vandaan?” De boer loopt naar het land en trekt een aardappelplant uit de grond. Hij vertelt: „Dit voorjaar heb ik hier één aardappel in de grond gestopt. Als je er goed voor zorgt, heb je in het najaar een plant met misschien wel tien aardappelen. Kijk maar eens.”
Stomverbaasde gezichten. Voor een boer is dat de gewoonste zaak van de wereld. Voor veel anderen allang niet meer. En precies daar ligt een opdracht. Niet alleen goed voedsel produceren, maar ook blijven vertellen hóé dat gebeurt, wat daarvoor nodig is en wat landbouw betekent voor het gebied.
Samen plannen maken
Die avond in Westerbork zag je verbinding letterlijk gebeuren. Verschillende organisaties hadden samen de schouders onder de avond gezet. Drie jonge vrouwen uit verschillende Boermarken riepen met de Boerhoorn de zaal bijeen. Dat beeld bleef bij mij hangen, omdat het precies laat zien wat we veel vaker zouden moeten doen: elkaar opzoeken, ook als we niet overal hetzelfde over denken.
Want waarom zouden boeren wachten tot anderen plannen maken voor het gebied waarin zij wonen en werken? Waarom zouden we niet vaker zelf met collega-boeren bespreken waar we met ons gebied naartoe willen? Wat willen we behouden? Wat moet beter? Wat hebben we nodig om hier over tien, twintig of dertig jaar nog goed te kunnen boeren en leven?
Daar is trots voor nodig. En verbinding. Niet omdat dat mooi klinkt, maar omdat je samen veel sterker staat in het gesprek over je eigen omgeving.
Trots geeft verbinding, verbinding geeft invloed
Invloed op de toekomst van ons platteland, zodat ook onze kinderen hier kunnen blijven wonen, werken en leven. Zo’n avond gun je elke boer. Misschien is dát uiteindelijk wel de mooiste betekenis van Bedank de Boer. Niet wachten tot een ander vanzelf ziet wat je waard bent, maar zelf laten zien wat je doet, wat je betekent en waarom dat ertoe doet. Elkaar opzoeken, samen plannen maken en samen het verhaal van landbouw en platteland vertellen.
Die avond in Westerbork begon met de Boerhoorn en eindigde met Mooi Wark. Eerst het verhaal van het platteland, daarna de muziek van het platteland. Inhoud, saamhorigheid en plezier op één avond. Zo’n avond gun je elke boer.
Want waardering kun je niet opeisen. Maar je kunt er wel voor zorgen dat mensen zien, begrijpen en voelen wat je betekent.
Respect dwing ie af!
Tekst: Wija Koers
Beeld: Ellen Meinen



