Royal HZPC Group: weerbare aardappelteelt vraagt om meer dan veredeling

„Alles wat in de veredeling niet voldoet aan de hoogste eisen, moet je later ergens anders in de keten managen. Als je het in de veredeling oplost, kan de rest van de keten daarop leunen”, legt Graveland uit. Hij raakt daarmee een fundamenteel verschil in denken: gewasbescherming is namelijk vaak gericht op het beheersen van problemen, veredeling richt zich op het voorkomen ervan.
Weerbaarheid gaat voor hem verder dan alleen ziekteresistentie. „Uiteindelijk is een weerbaar ras een betrouwbaar ras. Een ras moet onder uiteenlopende omstandigheden blijven presteren. Niet alleen wanneer het seizoen meezit, maar ook wanneer het klimaat zich minder voorspelbaar gedraagt.” Dat laatste wordt volgens Graveland steeds belangrijker: droge jaren, natte jaren, hittepieken en nieuwe ziektedruk zorgen ervoor dat veredelaars voortdurend nieuwe afwegingen moeten maken. Ook in Nederland. „We zien dat de extremen toenemen. Dat heeft effect op de weerbaarheid van de plant.”
Resistentie is geen eindpunt
Een resistent ras is voor Royal HZPC Group geen eindpunt, maar een voorsprong die je zorgvuldig moet beheren. Sommige resistenties, zoals tegen virus, zijn zeer stabiel. Andere, zoals tegen phytophthora, kunnen op termijn worden doorbroken doordat ziekteverwekkers zich aanpassen. „Bij bepaalde resistenties moet je gericht blijven beschermen om te voorkomen dat de ziekte zich aanpast. Daarmee bescherm je uiteindelijk ook de duurzame inzetbaarheid van het ras.” Zolang niet het volledige rassenpakket van een teler virusresistent is, blijft voor Graveland bestrijding van bijvoorbeeld luizen nodig voor de rest.
Volgens Frank van der Werff, hoofd productie bij Royal HZPC Group, zit daar misschien wel het grootste misverstand in het huidige debat. Een resistent ras betekent namelijk niet dat een teler achterover kan leunen. „Een teler heeft altijd keuzes en mogelijkheden om de ziektedruk te verlagen”, legt hij uit. „Door meerdere maatregelen te combineren, kun je veel bereiken.” Juist die combinatie van genetica, teeltmaatregelen, gewasrotatie en vakmanschap bepaalt uiteindelijk hoe weerbaar een teeltsysteem werkelijk wordt. „Het één kan niet zonder het ander.”
De kennis over resistentie en weerbaarheid is de afgelopen jaren sterk toegenomen. Veredelaars begrijpen niet alleen steeds beter hoe resistentie werkt, maar ook hoe ziekteverwekkers zich gedragen en aanpassen. Tegelijkertijd ontstaan er nieuwe uitdagingen. De invloed van klimaatverandering vraagt om andere raseigenschappen. Tegen schimmelziektes, maar ook tegen droogte, hitte en andere abiotische omstandigheden.
Andere keuzes bij het treffen van teeltmaatregelen
„Sommige ziekten die jarenlang nauwelijks zichtbaar waren, steken opnieuw de kop op. Tegelijkertijd verschijnen nieuwe bedreigingen. Zo vormt stolbur in delen van Zuid-Europa een groeiend probleem. De ziekte wordt verspreid door cicaden, insecten die zich na warme periodes verplaatsen”, stipt Van der Werff aan. Het benadrukt waarom weerbaarheid steeds breder moet worden bekeken dan alleen gewasbescherming. Stikstofbehoefte, waterbeschikbaarheid en datagedreven teeltmodellen vormen een aantal onderwerpen dat belangrijker wordt bij het treffen van maatregelen door de teler. Dat geldt ook voor de keuze van een ras op een bepaald perceel. „Telers kijken steeds bewuster naar de omstandigheden op hun bedrijf. Op basis van bodem, ziektedruk en perceel geschiedenis maak je keuzes die bijdragen aan een weerbaarder gewas.” Ook ziet Van der Werff dat sommige telers bewust kiezen voor vroege rassen, zodat gewassen bepaalde ziekten eenvoudig voor kunnen blijven.
„De uitdaging zit echter niet alleen in de veredeling zelf. Die zit ook in de acceptatie in de keten van nieuwe duurzame rassen die ook meer waarde toevoegen in opbrengst en kwaliteit”, voegt Robert Graveland toe. „Wij moeten een ras betrouwbaar introduceren. Daarna moeten klanten en telers het ras leren kennen en leren telen. Dat kost tijd, maar is essentieel. Wij moeten ons aanpassen aan het klimaat dat op ons afkomt, binnen economisch haalbare teeltsystemen die de maatschappij graag ziet. Daar werken we iedere dag aan.”
Martin de Vries
Geboren en getogen in het Friese Oudehaske ontwikkelde Martin een grote interesse voor de landbouw. Als opgeleid journalist specialiseerde hij zich in de akkerbouw. Zijn overmatige dosis aan nieuwsgierigheid zet hij in voor het team rond Akkerwijzer.
Beeld: Martin de Vries
Bron: Royal HZPC Group


