Sterke Erven Logo

Krimp veestapel zichtbaar in de mineralenbalans van de totale sector

02 min
De hoogte van het stikstofbodemoverschot is sterk gerelateerd aan de weersomstandigheden. Het natte voorjaar van 2024 verkortte voor veel teelten het groeiseizoen, met als logisch gevolg minder stikstofvastlegging in de gewassen en dus meer stikstof die achterblijft in de bodem.

In 1990 was het stikstofoverschot meer dan twee keer zo hoog als nu, dat valt af te lezen in de mineralenbalans van de landbouw van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Laagste opbrengst in 30 jaar

Het stikstofoverschot in de landbouw is het deel van de aangevoerde stikstof dat niet wordt omgezet in landbouwproducten, maar in de bodem achterblijft of verdwijnt naar de lucht. In 2024 steeg het stikstofoverschot met 13 procent in vergelijking met 2023. De tarweoogst leverde de laagste opbrengst op in 25 jaar. Bij mais was zelfs sprake van de laagste opbrengst in 30 jaar.

De lage gewasopbrengsten leiden tot een stikstofbodemoverschot van 220 miljoen kilogram stikstof, een stijging van 21 procent ten opzichte van een jaar eerder. In 2023 waren de gewasopbrengsten bovengemiddeld, waardoor de toename van het bodemoverschot in 2024 extra hoog uitvalt.

Krimp veestapel zichtbaar

De hoeveelheid stikstof die via de lucht verdwijnt daalde met 7 procent. Als belangrijkste oorzaken hiervoor noemt het CBS de krimp van de veestapel en het toepassen van stalinnovaties.

De twee grootste aanvoerbronnen van stikstof in de landbouw zijn krachtvoer met 384 miljoen kilogram en kunstmest met 201 miljoen kilogram stikstof. De aanvoer van stikstof via krachtvoer nam met 3 procent af ten opzichte van 2023, doordat het stikstofgehalte in krachtvoer lager is en doordat de veestapel krimpt.

De aanvoer van stikstof via kunstmest steeg daarentegen met 2 procent.

Minder dierlijke mest

Nederland moet zich voor het bemesten van landbouwgrond met dierlijke mest houden aan de norm van 170 kilogram stikstof per hectare landbouwgrond. Onder speciale voorwaarden mocht Nederland tot en met 2025 afwijken van deze norm. Sinds 2023 is de derogatie stapsgewijs afgebouwd, en vanaf 2026 is er geen uitzonderingspositie meer voor Nederland.

De uitscheiding van stikstof in dierlijke mest bedraagt 449 miljoen kilogram, 3 procent minder dan in 2023. Hiervan is 332 miljoen kilogram stikstof aangevoerd naar landbouwgrond.

Beeld: Susan Rexwinkel

Bron: CBS

Tags
MelkveeRegelgevingPolitiek