Sterke Erven Logo

Stikstofclaim ziet nieuwe knelgevallen

Stikstofplannen kabinet zijn 'onbegrijpelijk en disproportioneel' volgens LTO, BBB verwacht protesten, Agractie ziet vooral een krimpplan

011 min
Boerenprotest
De BBB voorspelt boerenprotesten.
Het kabinet presenteerde vandaag ingrijpende stikstofmaatregelen. Daarna stroomden direct de eerste reacties vanuit de landbouw en andere belanghebbenden binnen.

LTO Nederland: 'Onbegrijpelijk en disproportioneel'

De stikstofaanpak die het kabinet vandaag presenteerde, bevat maatregelen die diep in zullen grijpen in de bedrijfsvoering van veel boeren en tuinders, stelt LTO Nederland. Voor cruciale maatregelen geldt dat de keuze onbegrijpelijk en disproportioneel is, vindt LTO. Zoals de omgang met zonering rondom natuurgebieden, en de voorgestelde uitwerking van grondgebondenheid. „Pijnlijke maatregelen”, zegt LTO-voorzitter Ger Koopmans:. „Waarvan volstrekt onduidelijk is hoe ze aansluiten en optellen tot de doelen die gehaald moeten worden.”

Tegelijkertijd worden in het pakket ook de eerste goede stappen gezet om tot beter werkbaar beleid te komen: „Het uit de wet halen van de kritische depositiewaarde (KDW), het invoeren van een rekenkundige ondergrens en het (gefaseerd) loskomen van vergunningverlening zijn belangrijke randvoorwaarden om uit de stikstofcrisis te komen. Het kabinet stelt dat provinciale handhavings- en intrekkingsverzoeken voor PAS-melders met dit pakket kunnen worden voorkomen. Positief is ook dat het kabinet de feitelijke staat van de natuur beter wil meten, en aan terreinbeherende organisaties resultaatverplichtingen voor natuurherstel op gaat leggen.”

Met die constatering reageert LTO-voorzitter Ger Koopmans op de vandaag gepresenteerde plannen van de ministeriële Taskforce Landbouw, Stikstof & Natuur: „De landbouw wil bijdragen aan een forse reductie van de stikstofuitstoot. Maar om die stappen te kunnen zetten, móet de vergunningverlening loskomen. Emissiereductie en vergunningverlening moeten hand in hand gaan. Want hoe kan een ondernemer zijn bedrijf verduurzamen als hij daar niet in kan investeren? De Kamerbrief maakt niet duidelijk wanneer vergunningverlening daadwerkelijk vrijkomt. Terwijl de doelen voor 2035 vaststaan, – en de sector daaraan gehouden wordt. Het kabinet kiest ervoor de rekenkundige ondergrens pas eind volgend jaar in te voeren, en omkleed dat met beheersmaatregelen waarvan onduidelijk is wat ze voor de landbouw betekenen. Het tempo van de vergunningverlening moet omhoog, er moet nog veel onduidelijkheid worden weggenomen en een aantal voorstellen moet echt worden ingetrokken en veranderd.”

'Niemand is gehouden aan het onmogelijke'

Koopmans: „Als je tegen boeren zegt dat ze stappen moeten zetten, dan moeten ze die stappen ook kunnen zetten”, vervolgt Koopmans: “Boeren staan klaar om te investeren in emissie-reducerende maatregelen. In bewezen innovaties, in stalaanpassingen en in management­maatregelen. Maar zij kunnen niet verantwoordelijk worden gehouden om 100% van de doelen te halen als zij daarvoor maar 50% van de middelen tot hun beschikking hebben. Die disbalans moet zo snel mogelijk worden opgelost. Niemand is gehouden aan het onmogelijke.”


Een deel van het vandaag aangekondigde beleid zal met Rijksinstructieregels bij de provincies worden gelegd, en daar verder uitgewerkt worden. Daarmee krijgen provincies een zware (mede)­verantwoordelijkheid voor cruciale zaken zoals de invulling van zonering rondom stikstofgevoelige natuurgebieden. Rondom 100 natuurgebieden worden zones ingevoerd waar extra emissiereductie gerealiseerd moet worden. Samen met provincies, gemeenten, waterschappen en NAJK riepen we het Rijk op om te kiezen voor zones van 250 meter. „We roepen de provincies dan ook op om dit beleid gezamenlijk met agrariërs vorm te geven, en gezamenlijk te zoeken naar een alternatieve invulling als de doelen daarmee ook worden gehaald. Voor veel agrariërs in deze zones zal vergaande extensivering de enige realistische optie zijn, terwijl onduidelijk is op wat voor verdienmodel die bedrijven kunnen bouwen. Nergens in de brief gaat de minister in op het toekomstige verdienvermogen en verdienmodel van boeren en tuinders."

Koopmans: „Positief is dat partijen in deze zones óók de mogelijkheid krijgen om de doelen via een provinciaal gebiedsproces te realiseren. Dan kunnen overheden, agrariërs en andere grondeigenaren gezamenlijk puzzels leggen waarin, op basis van de WILG-systematiek, de rechtszekerheid en het inkomen van alle betrokkenen geborgd is. En waarbij het hele ‘trappetje van Remkes’ op tafel ligt.”

PAS-meldersaanpak onvoldoende

Voor het legaliseren van de PAS-melders verwijst het kabinet naar het Programma maatwerkaanpak PAS-melders waarvan we weten dat het lang niet alle PAS-melders een garantie op legalisatie biedt. En voor de Interimmers wordt een ‘verkenning’ aangekondigd. Koopmans: „Dat is absoluut onvoldoende. De stikstofaanpak moet op zo’n manier worden uitgewerkt dat PAS-melders en Interimmers wél een garantie op legalisatie krijgen. Juist voor hen biedt invoering van een rekenkundige ondergrens een oplossing. Cruciaal is het invoeren van een hedendaags referentiemoment om veilig te stellen dat PAS-melder en Interimmers in een definitief gelegaliseerde situatie kunnen komen.”

Het doel van grondgebondenheid is het verbeteren van de waterkwaliteit. De introductie van een eenvoudige norm van 2,6 GVE voor iedereen, zonder de optie om waterkwaliteitsdoelen te realiseren via doelsturing, is strijdig met wat de coalitie in haar eigen regeerakkoord heeft opgenomen stelt LTO. 'Op deze manier gaat de maatregel weinig bijdragen aan waterkwaliteitsverbetering. Sterker nog: het zal kostprijsverhogend werken, en daarmee druk zetten op de investeringsmogelijkheden om daadwerkelijk te investeren in ammoniakreductie.' Koopmans: „Het is onbegrijpelijk dat doelsturing geen onderdeel uitmaakt van grondgebondenheid. Dat moet echt anders.”

In de Kamerbrief schrijft de minister dat veel zaken nog verder ingevuld moeten worden en dat de voorgestelde koers niet overal definitief is. Die uitwerking wordt bepalend voor het succes van de aanpak. Koopmans: „Het voorgestelde beleid en veel van de voorgestelde maatregelen zullen diep ingrijpen in de bedrijfsvoering van agrariërs. Als je van boeren en tuinders vraagt om zulke grote stappen te zetten, dan heb je de plicht om hun daar ook duidelijkheid en handelingsperspectief over te geven. Ik roep het kabinet, de Tweede Kamer en de provincies op om zo snel mogelijk vanaf de zomer, samen met agrarische partijen, het hele pakket te verbeteren en te concretiseren op zo’n manier dat boeren en tuinders daarmee uit de voeten kunnen. Dat maatregelen duidelijk, haalbaar en realistisch zijn. Dat de daadwerkelijke vergunningverlening versneld wordt. En dat boeren ook kunnen leveren wat er van hen gevraagd wordt. Wij zijn bereid daaraan een bijdrage te leveren. Maar dan moet er bij overheden de bereidheid zijn om het beleid zo aan te passen dat boerengezinnen vergunningen krijgen, kunnen verduurzamen en een goed inkomen kunnen verdienen.”

Vee&Logistiek: 'Desastreuze stikstofplannen zorgen voor kaalslag landbouwsector'

Vee&Logistiek Nederland voorziet een complete kaalslag op het platteland die de voedselvoorziening in gevaar brengt. Niet alleen voor veel agrarische ondernemers wordt het onmogelijk gemaakt om hun bedrijf voort te zetten; dit dreigt ook voor veel ondernemers in de veelogistieke keten.

'Het kabinet legt grote cirkels om natuurgebieden waarbinnen vrijwel geen landbouw meer mogelijk is. Daarnaast moet de melkveehouderij grondgebonden worden, gaat de rekenkundige ondergrens naar een halve mol en gaat de kritische depositiewaarde uit de wet. Het hele pakket aan maatregelen moet Nederland van het stikstofslot halen', schrijft Vee&Logistiek.

De plannen zijn desastreus en vernietigend voor alle hardwerkende boeren en hun gezinnen en moeten daarom van tafel”, zegt Helma Lodders, voorzitter van Vee&Logistiek Nederland. „Bovendien focussen de maatregelen primair op de veehouderij zonder ook maar één oog te hebben voor ondernemers in andere schakels in de keten of over consequenties nagedacht te hebben.”

Alle veehouders en ondernemers in de veelogistieke sector worden keihard getroffen en geconfronteerd met ingrijpende maatregelen, gedwongen krimp en bedrijfsbeëindiging, stelt de belangenbehartiger. 'Het pakket aan maatregelen biedt geen toekomstperspectief voor blijvers en stoppers worden maximaal gefaciliteerd. Daarmee gaat veel geld, kennis en ervaring de sector uit.' Lodders: „Het stikstofpakket is een compleet sloopplan van de agrarische sector. De optelsom van alle maatregelen leidt tot een zeer forse krimp en bovendien is er geen enkele garantie dat daarmee de vergunningverlening los komt.”

Het stikstofpakket raakt niet alleen de veehouderij, volgens de organisatie. Lodders: „De stapeling van maatregelen treft het gehele agrocluster, dat wereldwijd zo bekend staat om haar innovatie, efficiëntie, duurzaamheid en voedselproductie, in het hart en biedt niet het noodzakelijke perspectief en is daarmee onvoldoende. Uiteindelijk leiden alle maatregelen tot minder voedsel van Nederlandse bodem en import uit landen waar men het minder nauw neemt met de regels."

NAJK: 'Uitwerking allesbepalend'

De kabinetsbrief komt voor de jonge generatie boeren en tuinders hard binnen, stelt NAJK. 'De brief bevat vergaande maatregelen, zoals grondgebondenheid en zonering, die grote gevolgen hebben voor jonge boeren en tuinders. Tegelijkertijd ziet NAJK dat het kabinet belangrijke stappen in de goede richting zet. Voor NAJK zijn vergunningverlening, legalisering van PAS-melders en interimmers en handelingsperspectief cruciaal geweest in de gesprekken, deze punten staan in het pakket. Veel moet nog nader worden uitgewerkt. Deze uitwerking is alles bepalend of deze plannen ook daadwerkelijk het benodigde handelingsperspectief bieden.'

„Het kabinet heeft op een aantal belangrijke punten onze inzet overgenomen", stelt NAJK-voorzitter Gerben Boom. „Dat is een belangrijke stap en laat zien dat onze inbreng ertoe doet. Tegelijkertijd leggen deze plannen zware opgaven bij jonge ondernemers. De verdere uitwerking moet nu bewijzen dat zij ook daadwerkelijk de ruimte krijgen om te blijven ondernemen, investeren en het bedrijf over te nemen."

'GVE-norm onbegrijpelijk'

De kabinetsplannen leggen een zeer zware last op de schouders van jonge boeren en tuinders, stelt NAJK. 'De voorgestelde grondgebondenheidsnorm van 2,6, zonder een logische koppeling aan doelsturing voor waterkwaliteit, is volgens NAJK onbegrijpelijk en raakt de Nederlandse melkveehouderij onnodig hard. Ook de voorgenomen zonering van 500 tot 1.000 meter rondom Natura 2000-gebieden legt een ingrijpende en verstrekkende opgave neer bij veel jonge ondernemers. Cruciaal is concreet handelingsperspectief voor een ondernemer in de zone, dit moet zo snel als mogelijk worden geregeld. De landbouw krijgt een belangrijke rol bij de invulling van de gebiedsplannen. Voor NAJK is dit essentieel omdat plannen samen met het gebied moeten worden uitgewerkt. Hoewel NAJK positief is over de keuze voor doelsturing op ammoniak en broeikasgassen, zijn de voorgestelde normen op bedrijfsniveau ingrijpend en vragen vergaande stappen van jonge ondernemers.'

De afgelopen maanden heeft NAJK zich intensief ingezet om de belangen van jonge boeren en tuinders onder de aandacht te brengen. 'Daarbij heeft NAJK vijf randvoorwaarden centraal gesteld: een juridisch houdbare basis voor vergunningverlening, definitieve legalisatie van PAS-melders en interimmers, ruimte voor haalbare verduurzaming, doelsturing als basis van beleid en sterk ondersteunend beleid voor jonge boeren en tuinders. In de kabinetsbrief ziet NAJK dat op deze punten stappen zijn gezet.'

Blij met rekenkundige ondergrens

PAS-melders en interimmers krijgen zicht op legalisatie, ziet NAJK. 'Voor PAS-melders en interimmers wordt een permanente vergunningsoplossing onderzocht en uitgewerkt op basis van een hedendaags referentiemoment. Hiermee ontstaat de mogelijkheid om de jarenlange onzekerheid over handhavingsverzoeken en stilstand echt op te lossen. NAJK heeft zich heel hard gemaakt voor deze stap en zal er in de uitwerking op toe zien dat deze ondernemers in het bezit komen van een onherroepelijke vergunning. Immers begint verduurzaming bij vergunningverlening en rechtszekerheid. Daarnaast komt vergunningverlening stapsgewijs los en de rekenkundige ondergrens wordt ingevoerd, dit betekent dat ondernemers op termijn hun bedrijven weer kunnen doorontwikkelen. Met de geboden ruimte op verduurzaming via passende maatregelen en ondersteuning bij investeringen kunnen de eerste stappen worden gezet.'

NAJK is groot voorstander van doelsturing, en daarom positief dat het kabinet deze omschakeling volgt. 'Maar goed ondersteunend beleid moet ervoor zorgen dat jonge ondernemers deze opgaven kunnen dragen. Het trappetje van Remkes maakt het mogelijk stappen te zetten, maar de concrete ondersteuning in uitvoering van deze stappen is nog onvoldoende uitgewerkt.'

De vestigingsteun is voor langere tijd beschikbaar gesteld voor jonge boeren en tuinders die hun bedrijf willen voortzetten of overnemen. 'NAJK ziet dit als een belangrijke eerste stap om de volgende generatie agrarisch ondernemers te ondersteunen. Ook vindt NAJK het belangrijk dat de verantwoordelijkheid voor de opgaven breder wordt gedeeld. Niet alleen de landbouw, maar ook terreinbeheerders en de industrie krijgen een afrekenbare doelstelling binnen de aanpak.'

Stikstofclaim: nieuwe knelgevallen

Vanuit stichting Stikstofclaim is er nog geen inhoudelijke reactie. Voorzitter Jan Cees Vogelaar laat weten dat '27 kantjes en een zwik bijlagen iets meer studie vergt dan vanuit de heup schieten'. Hij zegt op basis van zijn eerste indruk al wel: „Tot nu toe zie ik veel doelsturing-waanzin in de plannen. En het kabinet blijft hangen in het bestaande stikstofnarratief. Verder zie ik een paar goede voornemens voor PAS-melders en interimmers, maar maakt het kabinet nieuwe knelgevallen in de bufferzones."

BBB: 'Boeren hebben de trekkers al gestart'

De landbouwplannen van het kabinet zijn volgens BBB een frontale aanval op de Nederlandse landbouw. 'De plannen vernaggelen de toekomst van de veehouderij, de voedselzekerheid en het platteland', schrijft BBB in een statement.

BBB waarschuwde bij het aantreden van landbouwminister Jaimi van Essen al voor de koers die zou worden ingezet. „Riemen vast”, zei BBB-Kamerlid Caroline van der Plas in februari. Ze zegt nu: „Maar inmiddels is duidelijk dat riemen bij dit kabinetsbeleid niet meer helpen. Wat nu dreigt, is een fataal ongeluk voor de Nederlandse landbouw. De minister zet met zijn plannen de sloophamer op boerengezinnen en stevent af op een beleid dat de veehouderij, het platteland en de voedselproductie blijvend beschadigt.”

'Boeren hebben de trekkers al gestart en BBB steunt de boerenprotesten die zich ongetwijfeld zullen ontketenen', stelt BBB. Van der Plas: „Deze plannen betekenen in feite een halvering van de veestapel en daarmee het verdwijnen van opnieuw duizenden familiebedrijven. Alles wat BBB in het vorige kabinet aan perspectief voor boeren in de steigers heeft gezet, dreigt met deze plannen met de sloophamer te worden afgebroken. Bufferzones van 500 meter en 1 kilometer, samen met nieuwe normen voor grondgebondenheid, betekenen voor vele duizenden boerenbedrijven de nekslag.”

Volgens BBB komt hiermee opnieuw een beleid terug dat is gebaseerd op een al jaren durende stikstof-obsessie. „Europa vraagt helemaal niet om stikstofreductie als doel op zichzelf voor natuurherstel. In Nederland wordt stikstof opnieuw gebruikt als instrument om de landbouw uit ons land te jagen. Dit is geen natuurbeleid en geen toekomstbeleid. Dit is een politieke aanval op onze boeren. Achter woorden als ‘transitie’, ‘perspectief’ en ‘duurzaamheid’ schuilt opnieuw dezelfde boodschap: boeren moeten kleiner worden of verdwijnen. En de gevolgen beperken zich niet tot de landbouw. Ook toeleveranciers, loonwerkers, transportbedrijven, de voedselverwerkende industrie en hele regio’s worden hier het slachtoffer van de stikstofwaanzin.”

Boeren worden al jarenlang geconfronteerd met voortdurend veranderende regels, gebroken beloften en groeiende onzekerheid. Duizenden boerengezinnen hebben de afgelopen jaren hun bedrijf al moeten beëindigen. „Met deze plannen dreigt die ontwikkeling verder te worden versneld. Boeren zijn niet boos omdat zij niet willen veranderen. Zij zijn woedend omdat zij keer op keer worden bedrogen. Investeringen die gisteren nog werden aangemoedigd, blijken vandaag ineens niet meer voldoen. Met iedere boer die verdwijnt, verdwijnt ook het vertrouwen in de overheid.”

Natuurmonumenten: 'Begin van het einde van de natuur- en stikstofcrisis'

Natuurmonumenten ziet in de vandaag gepresenteerde kabinetsplannen een langverwachte én hoogstnoodzakelijke doorbraak in de stikstofaanpak. 'Het geeft perspectief op natuurherstel door meerdere problemen tegelijk aan te pakken en daarmee stap voor stap weer ruimte te creëren voor woningbouw, boeren en ondernemers. Essentieel is dat Nederland dit pakket omarmt en in beweging komt om dit uit te gaan voeren. Dit vraagt om actie van álle overheden en betrokken partijen', schrijft de natuurorganisatie.

„Dit kan het begin zijn van het einde van de natuur en -stikstofcrisis", zegt Jeroen de Koe, directeur van Natuurmonumenten. „Het is een omvangrijk pakket, waarbij zonering de ruggengraat is, omdat het meerdere problemen tegelijk aanpakt: stikstof, water, en meer ruimte voor natuur. Goed dat het kabinet kiest voor stevige zones en gaat voor een grondgebonden landbouw."

Duidelijkheid is daarbij geboden, zo vragen natuurbeheerders en (boeren)ondernemers van het kabinet: „Het moet kraakhelder zijn wat er binnen die zones dan precies wel en niet mogelijk is. Dat geeft boeren ook duidelijkheid en perspectief. Uiteindelijk gaat het erom dat het totale pakket leidt tot een land in balans met natuur: in natuurgebieden, in de zones daar omheen en in het land als geheel.''

Met overgangszones kiest het kabinet ervoor om te werken aan systeemherstel. Natuurmonumenten: 'Met heldere afspraken geef je letterlijk meer ruimte aan natuur en breng je vervuiling omlaag. Dan keren planten en dieren terug in natuurgebieden én de rest van het land. Extensiever beheerde landbouwgrond (minder mest, geen pesticiden, koeien in de wei) wordt kruidenrijker. Met meer bloemen, insecten en vervolgens vogels. Ook in natuurgebieden zelf neemt de soortenrijkdom toe. Bijvoorbeeld op de het Noord-Brabantse natuurgebied de Kampina, die kampt met te veel stikstof en met verdroging. Verminder je dat door in overgangszones het waterpeil omhoog te brengen en de stikstofuitstoot omlaag, dan zal de heide weer tot leven komen. Soorten komen terug, ons water wordt schoner, onze natuur en daarmee ook onze leefomgeving gezonder.'

Natuurmonumenten roept kabinet, Kamer, provincies en waterschappen op het stikstofpakket en de gekozen richting te omarmen. 'Hier snakken natuur, boeren, ondernemers en woningzoekenden al jaren naar. Maar: plannen alleen herstellen de natuur niet. Het komt nu aan op concretiseren, vastleggen en uitvoeren.'

Twaalf provincies (IPO) over stikstofpakket: 'Steunen ingeslagen weg, want Nederland moet van het slot'

De twaalf provincies, verenigd via IPO, steunen in de basis de weg die het kabinet met het stikstofpakket is ingeslagen. Zij zien veel van de bouwstenen die zij met maatschappelijke partners samen eerder hebben opgesteld terug in het pakket. En zij waarderen dat het kabinet keuzes maakt na een traject van intensieve afstemming. Tegelijk leggen de provincies een aantal belangrijke aandachtspunten op tafel onder meer als gaat om voldoende structurele middelen voor natuurherstel, snelle invoering van de Rekenkundige Ondergrens (RKO), perspectief voor de landbouw en maatwerk in gebieden. Daarover willen de provincies in gesprek gaan met het Rijk, zodat we gezamenlijk kunnen doorpakken.

„Er is naar ons geluisterd en dat zien we terug in dit pakket”, zegt Ina Adema, voorzitter van het Interprovinciaal Overleg (IPO). „Het kabinet zet een belangrijke stap om Nederland van het slot te halen en daar willen wij aan bijdragen. De details bekijken we de komende weken zorgvuldig, maar de richting steunen we.”

Natuurherstel de basis

Wel onderstrepen de provincies nog eens dat natuurbeheer en natuurherstel het fundament onder de hele aanpak is. Zonder geborgd natuurbeheer en -herstel komt er geen ruimte voor vergunningen. „Natuurherstel en -beheer zijn de basis. Er komen middelen beschikbaar om direct aan de slag te gaan. Ook op lange termijn blijft die beschikbaarheid nodig. Daarover voeren we graag het gesprek, onder meer over de herziening van het Natuurpact.”

Voor het agrarisch natuur- en landschapsbeheer geldt dat de ambitie net zo groot is. 'Het kabinet stelt een verdubbeling van het areaal naar 280.000 hectare voor. Het sluit aan bij wat wij hebben voorgesteld in de bouwsteen Agrarisch natuur- en landschapsbeheer. Agrarisch natuurbeheer brengt natuur en boer samen: de boer beheert het landschap.'

De boer wil investeren, de PAS melder wil verder met zijn onderneming, de woningzoekende wil een woning, de ondernemer zonder vergunning moet met zijn bedrijf verder. „Mensen wachten al jaren op een oplossing. Invoering van de RKO is volgens de provincies de sleutel: die maakt het mogelijk om activiteiten met beperkte uitstoot weer mogelijk te maken. De RKO is voor velen het verschil tussen stilstand en beweging. Zodra het juridisch houdbaar is, moet die RKO er komen.” Het Rijk pakt hierin regie en provincies pakken hun rol om de snelle invoering mogelijk te maken.

Er is in het pakket oog voor het perspectief voor de landbouwsector, vinden de provincies. De provincies vragen daarbij aandacht voor de stapeling van maatregelen, die het verdienvermogen van boeren te boven kan gaan. „Wij voelen mee met de sector. Een boer moet kunnen blijven ondernemen. En de opgave ligt niet alleen bij de landbouw: alle sectoren moeten meedoen.”

Tot slot vraagt de zonering rond Natura 2000-gebieden om ruimte voor maatwerk. Een generieke aanpak past niet overal. „Geen twee gebieden zijn hetzelfde. Wij kennen het gebied, de boer en de natuur. Dat het kabinet ruimte laat voor provinciale plannen en gebiedseigen oplossingen, is hard nodig en dat die ruimte geboden wordt is winst.”

Er is immers door provincies de afgelopen jaren met veel energie en aandacht voor de gebieden gewerkt aan een provinciale aanpak. 'Dat daar nu ook ruimte voor is, doet recht aan die inspanning. Om de vergunningverlening te vereenvoudigen is een systeemwijziging wenselijk. De verkenning van het kabinet om de systematiek van natuurvergunningverlening in lijn te brengen met de vergunningverlening milieu kan dan ook op steun van de provincies rekenen.'

De komende maanden werken Rijk en provincies de aanpak samen verder uit. „We staan klaar. Daar waar wij een bijdrage kunnen leveren, doen we dat. Zoals we dit ook hebben gedaan door verschillende bouwstenen aan het kabinet aan te bieden als basis voor dit pakket. Laten we samen doorpakken.”

Agractie: plannen Van Essen desastreus voor de veehouderijsector

De vandaag door minister Van Essen aangekondigde plannen zijn volgens Agractie desastreus voor de Nederlandse veehouderij. 'Het pakket bestaat uit een stapeling van maatregelen die leiden tot een forse krimp van de veestapel. Dat raakt niet alleen boeren, maar ook de toeleverende, verwerkende en dienstverlenende bedrijven die afhankelijk zijn van de sector', schrijft Agractie in een verklaring.

Agractie schrijft: 'Vooral boeren in de omgeving van Natura 2000-gebieden (500 meter, 1000 meter of zelfs tot 10 km zoals op de Veluwe het geval is) worden zwaar getroffen. In die gebieden moet in 2035 maar liefst 62-70 procent emissie gereduceerd zijn ten opzichte van 2019. Dat betekent feitelijk dat boeren voor de keuze staan om of te stoppen of ingrijpend te extensiveren.'

Maar ook veehouders die verder van Natura 2000-gebieden gevestigd zijn, ontkomen niet aan nieuwe beperkingen, ziet Agractie. 'Zij krijgen te maken met een afrekenbaar emissieplafond per bedrijf, gebaseerd op 42-46 procent emissiereductie in 2035 t.o.v. 2019, uitmondend in een norm per fosfaatrecht én bovendien een strenge grondgebondenheidsnorm van max. 2,6 grootvee-eenheden per hectare.'

Agractie wijst op een bijeenkomst in de Tweede Kamer. 'Deze week bleek tijdens een debat in de Tweede Kamer opnieuw dat het stikstofbeleid tot nu toe - en dus ook het beleid van het kabinet-Jetten - volgens diverse wetenschappers gebaseerd is op een modellenwerkelijkheid. Ronald Meester, Han Lindeboom en Jaap Hanekamp maakten in de Tweede Kamer duidelijk dat zowel de Kritische Depositiewaarden (KDW's) als de berekende stikstofdeposities (berekend met Aerius) zeer discutabel zijn.'

Volgens hen kan en mag hierop geen beleid worden gebaseerd. Agractie pleit al jaren voor natuurbeleid dat uitgaat van de feitelijke staat van de natuur en niet van modelberekeningen. „Kijk per gebied zorgvuldig naar de staat van de natuur en als die natuurherstel behoeft, kijk dan wat daar echt voor nodig is. En als duidelijk is dat daarvoor ook de stikstofdepositie omlaag moet, doe dan met smalle significantiestroken langs die stikstofgevoelige natuur; dus niet om het hele natuurgebied heen.” Met de invoering van zulke significantiestroken kan ook de vergunningverlening vlot getrokken worden, zoals Agractie al jaren bepleit.

'KDW uit de wet halen misleidend'

Het kabinet wil de KDW uit de wet halen. Deze zin is uitermate misleidend stelt Agractie, want de KDW staat helemaal niet in de wet volgens de boerenorganisatie. Bovendien lost het de vergunningenproblematiek niet op. Agractie is wel voorstander van het schrappen van de huidige KDW-doelstellingen, maar niet van het vervangen daarvan door wettelijke emissiereductiedoelen. 'Daarmee wordt de ene modellenwerkelijkheid namelijk vervangen door een andere. Bovendien haalt het voornemen niets uit als niet ook het Greenpeacevonnis (50 procent areaal onder KDW in 2030) van tafel gaat.'

Naast de stikstofmaatregelen wordt de melkveehouderij ook nog geconfronteerd met een strenge grondgebondenheidsnorm van 2,6 grootvee-eenheden per hectare. Waarom zo vraagt Agractie zich af. 'Het kan toch niet zo zijn dat een oude afspraak met Brussel in het kader van de derogatie hieraan ten grondslag ligt? Agractie vraagt zich af welk probleem de nieuwe grondgebondenheidsnorm oplost, nu de derogatie niet meer bestaat.'

Op het eerste oog lijkt het dat er miljarden euro’s naar de agrarische sector worden gesluisd om de sector perspectief te bieden. Maar schijn bedriegt, volgens Agractie. 'Een groot deel van het geld gaat naar stoppers en niet naar bedrijven die willen ontwikkelen en/of verduurzamen. Weliswaar wordt er ook geld uitgetrokken voor verduurzaming maar daarbij is het nog maar de vraag of en wanneer bedrijven vergunningen kunnen krijgen voor technische innovaties.'

Voedselproductie

Volgens Agractie leidt een forse krimp van de veestapel tot minder voedselproductie en een grotere afhankelijkheid van import, terwijl bevolkingsgroei en toenemende geopolitieke spanningen juist vragen om een sterke eigen voedselproductie. 'Waarom geven we dit strategische wapen uit handen', zo vraagt Agractie zich af.

Agractie vindt dat Nederland afscheid moet nemen van beleid dat gebaseerd is op modellen in plaats van de feitelijke situatie. 'We moeten ophouden met onszelf in de voet te schieten. Agractie heeft ook schoon genoeg van het argument dat de juridische werkelijkheid ons noodzaakt om dit soort drastische maatregelen te nemen. De juridische werkelijkheid is namelijk het gevolg van verkeerde wetgeving. En daar zijn politici verantwoordelijk voor, niet de Raad van State. Volgens de organisatie ligt de oplossing in andere wetgeving onder het motto: waar een wil is, is een weg.'

NVP: 'Pluimveehouders niet als een probleem gaan zien'

De Nederlandse Vakbond Pluimveehouders (NVP) maakt zich grote zorgen over de gepresenteerde stikstofplannen van het kabinet. 'De voorgestelde zones rond Natura 2000-gebieden kunnen grote gevolgen hebben voor agrarische ondernemers, terwijl onduidelijk blijft of deze maatregelen daadwerkelijk leiden tot natuurherstel, juridische houdbaarheid en het vlottrekken van vergunningverlening', schrijft de organisatie.

'Volgens de NVP dreigt opnieuw een beleidspakket waarin boeren als eerste de rekening betalen, terwijl effectiviteit en proportionaliteit onvoldoende zijn aangetoond. Pluimveehouders hebben de afgelopen jaren fors geïnvesteerd in verduurzaming, emissiereductie en innovatie. Die inspanningen moeten worden erkend en mogen niet worden weggestreept door generieke maatregelen die vooral afhangen van de ligging van een bedrijf', stelt NVP.

Zorgelijk

Waar eerder vooral werd gesproken over aanvullende maatregelen rond de Veluwe en De Peel, lijken de plannen nu betrekking te hebben op veel meer Natura 2000-gebieden. Daarmee is de impact aanzienlijk breder dan aanvankelijk werd gesuggereerd. De NVP vindt het zorgelijk dat bedrijven binnen zones van 500 of 1.000 meter zwaarder worden geraakt, terwijl die afstanden worden gemeten vanaf de grens van een Natura 2000-gebied en niet vanaf de daadwerkelijk stikstofgevoelige habitats. 'Daardoor kunnen ondernemers worden geconfronteerd met vergaande beperkingen, zonder dat duidelijk is of hun bedrijf doorslaggevend bijdraagt aan de belasting van kwetsbare natuur', stelt NVP.

De NVP plaatst stevige vraagtekens bij de gekozen zonering. 'Een generieke zone van 1.000 meter rond natuurgebieden is ingrijpend en vraagt om een duidelijke ecologische en juridische onderbouwing. Maatregelen moeten aantoonbaar effectief, proportioneel en uitvoerbaar zijn.'

„Pluimveehouders vragen niet om uitzonderingen, maar om beleid dat klopt. Als bedrijven zwaar worden geraakt, moet vooraf duidelijk zijn dat de maatregel noodzakelijk, effectief en juridisch houdbaar is”, zegt NVP-voorzitter Ewout Klok.

Veluwe en De Peel

Voor de pluimveesector is nog onduidelijk welke concrete normen of verplichtingen zullen gelden. Het kabinet begint naar verwachting met normen voor de melkveehouderij, waarna andere sectoren volgen. 'De NVP zal de verdere uitwerking kritisch beoordelen op uitvoerbaarheid, proportionaliteit en rechtsgelijkheid. Juist in gebieden als de Veluwe en De Peel kunnen de gevolgen groot zijn. Veel pluimveebedrijven liggen in of nabij kwetsbare gebieden, terwijl er nauwelijks breed toepasbare en juridisch geborgde innovatieoplossingen beschikbaar zijn om op korte termijn emissies te reduceren.'

Het kabinet presenteert de plannen mede als oplossing om vergunningverlening, woningbouw en infrastructuur weer op gang te brengen. 'De NVP waarschuwt voor het beeld dat boeren daarmee worden neergezet als primaire oorzaak van de stilstand. Dat is onjuist en werkt polariserend.'

De aangekondigde verhoging van de rekenkundige ondergrens kan juist ruimte bieden voor vergunningverlening en perspectief bieden aan PAS-melders, denkt NVP. 'Als het kabinet toch kiest voor vergaande gebiedsmaatregelen die vooral bij agrarische ondernemers neerslaan, moet overtuigend worden onderbouwd waarom minder ingrijpende alternatieven onvoldoende zijn.'

Innovatie is bovendien alleen mogelijk als ondernemers vergunningen kunnen krijgen om nieuwe technieken toe te passen, denkt NVP. 'Zonder vergunningsruimte ontstaat een neerwaartse spiraal waarin ondernemers niet kunnen investeren, doelen niet halen en vervolgens met verdere beperkingen of afroming worden geconfronteerd.'

Stapeling van maatregelen

De NVP maakt zich zorgen over de stapeling van sectorale emissieplafonds, gebiedsgerichte beperkingen, aanvullende normen en mogelijke kortingen op productierechten. 'Ondernemers hebben behoefte aan duidelijkheid, stabiliteit en beleid waarop zij investeringen kunnen baseren. Ook de bredere gevolgen voor voedselproductie, werkgelegenheid en de agrarische keten moeten worden meegewogen. Het beperken of verdwijnen van bedrijven raakt niet alleen pluimveehouders zelf, maar ook toeleveranciers, verwerkers en de Nederlandse voedselvoorziening.'

De NVP roept het kabinet op te kiezen voor maatregelen die juridisch houdbaar, uitvoerbaar en doelgericht zijn. De pluimveesector is bereid verantwoordelijkheid te nemen, maar verwacht een eerlijk speelveld, duidelijk perspectief en beleid dat daadwerkelijk bijdraagt aan oplossingen.

„De pluimveesector wil blijven investeren in verduurzaming en innovatie. Daarvoor is wel vertrouwen nodig: duidelijke regels, vergunningsruimte en een overheid die ondernemers niet alleen als probleem ziet, maar ook als onderdeel van de oplossing,” aldus Klok.

Voor de NVP staat voorop dat stikstofbeleid gebaseerd moet zijn op realisme, innovatie en rechtszekerheid — niet op het eenzijdig aanwijzen van boeren als probleem. De NVP blijft de verdere uitwerking kritisch volgen en zich inzetten voor de belangen van pluimveehouders.

Pluimveehouders vragen niet om uitzonderingen, maar om beleid dat klopt

Regio Foodvalley: 'Enorme klus met veel impact, maar we moeten aan de slag'

„Dit wordt een enorme klus. De impact op onze regio is groot, met name bij agrarisch ondernemers. Maar we moeten en willen aan de slag", zegt Jan Pieter van der Schans, wethouder in Ede en portefeuillehouder landelijk gebied in Regio Foodvalley in een reactie op de kabinetsplannen om Nederland van het stikstofslot af te halen.

Regio Foodvalley ziet in de vandaag gepresenteerde kabinetsplannen veel aanknopingspunten om Nederland van het stikstofslot te krijgen. Van der Schans: „De doelen die het kabinet heeft ondersteunen we. Het is de hoogste tijd dat Nederland weer in beweging komt. Daarvoor is natuurherstel en een forse reductie van stikstofuitstoot noodzakelijk. Tegelijkertijd zijn de plannen ingrijpend en hebben ze forse impact op onze regio en met name de agrarische ondernemers."

De regio, een samenwerking tussen gemeenten bij de Veluwe, is blij dat de Aanpak Veluwe een prominente plaats krijgt in de kabinetsplannen. Dit plan werd vorige week samen met de andere gemeenten op de Veluwe, de provincie Gelderland, waterschappen en rijk gepresenteerd. De Aanpak Veluwe bevat concrete maatregelen om vergunningsverlening op gang te brengen en de natuur te herstellen met forse opgaven voor natuurbeheer, andere sectoren en waterbeheer naast de agrarische ondernemers. Van der Schans: „Onze agrarische sector bieden we perspectief met duidelijke randvoorwaarden. Hun vakmanschap staat centraal. We stellen agrarisch ondernemers in staat om hun stikstofuitstoot fors te verminderen, met innovatie en managementmaatregelen."

Regio Foodvalley ziet en erkent dat hiermee opnieuw veel afkomt op boeren in de regio: „De klus is enorm en we kunnen ons goed voorstellen dat agrarisch ondernemers vragen en zorgen hebben over wat dit voor hen betekent. Onze inzet als lokale overheid is duidelijk: wij willen in onze regio een sterke agrarische sector behouden. Deze kabinetsbrief is een belangrijke eerste stap. Aan het kabinet en de kamer vragen we om ervoor te zorgen dat bij iedere vervolgstap ondernemers en lokale overheden in staat worden gesteld om de doelen uit deze brief daadwerkelijk tot uitvoering te brengen. Zo zijn we in staat om langjarig, met de juiste instrumenten, op een verantwoorde manier samen met boeren en boswachters aan de slag te gaan."

Biohuis: Biologische landbouw krijgt erkenning in stikstofaanpak

De biologische landbouwsector reageert met gemengde gevoelens op het pakket maatregelen dat het kabinet vandaag heeft gepresenteerd, stelt Biohuis. 'Voor alle agrarische ondernemers is het van belang dat de vergunningverlening zo snel mogelijk weer loskomt. Juist omdat er grote stappen gevraagd worden, is de juridische kant van de medaille belangrijk voor draagvlak voor het pakket. Daarvoor was een concretere invulling en sneller tijdspad van het loskomen van de vergunningverlening verwacht. Positief is dat bij de stikstofaanpak biologische landbouw wordt gezien als oplossing rond kwetsbare natuur- en watergebieden. Daarmee krijgt de sector erkenning voor de meerwaarde die het biedt.'

Tegelijkertijd benadrukt Biohuis dat een sterke groei van het biologische aanbod alleen succesvol kan zijn als ook de marktvraag versneld wordt ontwikkeld.

Pipie Smits van Oyen, voorzitter van Biohuis: „Het kabinet omarmt de positieve meerwaarde die biologisch boeren biedt voor mens, dier en omgeving. We zien veel van onze inzet terug in het pakket dat vandaag is opgeleverd. Echter hadden we meer verwacht van het loskomen van de vergunningverlening. Nu is het zaak om snel aan de slag te gaan, zodat boeren en tuinders weer perspectief krijgen op hun toekomst.”

Het pakket dat vandaag is gepresenteerd is ook voor de biologische sector van belang, stelt Biohuis. 'Naar verwachting zorgt het ervoor dat meer boeren en tuinders de overstap naar biologische landbouw zullen maken. Met name de regels die gaan gelden in de nabijheid van Natura 2000-gebieden en kwetsbare watergebieden maken omschakeling aantrekkelijker. De verwachte snelle groei van het biologische aanbod vraagt echter ook om een gelijke groei van de marktvraag. Daarom is het langverwachte Versnellingspakket Biologische Landbouw, dat onder meer ingaat op marktgroei, een cruciaal onderdeel van de kabinetsaanpak.'

Voor de vergunningverlening had Biohuis meer urgentie verwacht vanuit het kabinet. 'De snelle invoer van de rekenkundige ondergrens is bijvoorbeeld een maatregel waarmee bedrijven weer toekomst zien en vanuit de sector draagvlak onder het pakket zal komen. Het moet daarmee een startpunt zijn in de stikstofaanpak, in plaats van een einddoel.'

Overgangsgebieden

Voor bedrijven in overgangszones rond Natura 2000-gebieden en kwetsbare wateren biedt extensivering, en vooral omschakeling naar biologische landbouw, een aantrekkelijk toekomstperspectief. 'Voor Biohuis is daarbij altijd het uitgangspunt geweest dat biologische certificering een vrijwillige ondernemerskeuze moet blijven. Biologische en extensieve bedrijven die eerder al hebben geïnvesteerd in stikstofreductie worden daarin erkend, zodat zij niet opnieuw voor dezelfde opgave worden gesteld.'

Door de ingezette koers zal de biologische sector naar verwachting sterk groeien, waardoor de landelijke ambitie van 15 procent biologisch areaal dichterbij komt. 'Tegelijkertijd leven onder biologische boeren zorgen over de gevolgen van die snelle groei voor de balans tussen vraag en aanbod. Juist daarom is het versnellingspakket dat voortkomt uit de motie Bromet van groot belang.'

Om de marktvraag mee te laten groeien, wil het kabinet voor 1 april 2027 tot harde afspraken komen met supermarkten over een grotere afzet van biologische producten. Als dat niet lukt, zal het via wetgeving afgedwongen worden. 'Daarnaast geeft de overheid zelf het goede voorbeeld door minimaal 50 procent biologische producten in te kopen, vooral van Nederlandse bodem, en medeoverheden op te roepen hetzelfde te doen.'

Skal-kosten vergoeden

Het kabinet maakt een duidelijke keuze om biologische certificering aantrekkelijk te maken als toekomstbestendig verdienmodel. 'Zo komt er eenmalig financiële steun voor de inkomensdip tijdens de omschakelperiode, worden Skal-certificeringskosten vergoed en ingezet op kennisdeling, onderzoek en innovatie. Dat met het wegnemen van de Skal-kosten zowel omschakelende als bestaande biologische ondernemers profiteren, is voor Biohuis een mooi resultaat waar al langer voor is gepleit. Met doorbraakprojecten wil het kabinet aan de slag om biologische ketens te ondersteunen waar het niet goed gaat. Zo wordt de biologische akkerbouw uitgelicht als aandachtsgebied, omdat het financieel afgelopen jaren niet goed is gegaan in dat deel van de sector.'

De zorgen van Biohuis richten zich niet op de plannen in het versnellingspakket, maar op de financiering ervan. In de overgangszones wordt budget beschikbaar gesteld om het aantrekkelijker te maken om biologisch te boeren. 'Buiten de zone-aanpak is echter slechts 43 miljoen euro gereserveerd voor de gehele periode voor biologisch. Terwijl van dit bedrag veel gedaan moet worden om te zorgen voor bestaansperspectief voor biologische boeren op de lange termijn.'

Smits van Oyen: „Gezien de door de overheid gewenste en verwachte snelle groei van het aanbod, vindt Biohuis dat volstrekt onvoldoende en roepen we op dit te verhogen. Alleen voor marktontwikkeling hebben we eerder al gepleit voor 35 miljoen euro per jaar, in lijn met het eerdere sectorplan.”

Op onderdelen bestaat nog onduidelijkheid over de gevolgen voor biologische bedrijven. Voor melkveehouders wordt doelsturing geïntroduceerd op basis van bestaande fosfaatrechten. 'Biohuis heeft gepleit voor een andere systematiek op basis van hectares, omdat de koppeling met fosfaatrechten impliciet intensivering stimuleert. Bij de verdere uitwerking houdt Biohuis zich vast aan de toezegging van het kabinet om in gesprek met sector en wetenschap te komen tot handelingsperspectief voor biologische bedrijven om emissies te reduceren en de al grote bijdrage aan maatschappelijke opgaven verder te versterken. Ook voor biologische varkens- en pluimveehouders is nog onzeker welke gevolgen doelsturing op basis van dierplaatsen zal hebben voor de sector. In de brief wordt gemeld dat in 2027 hier meer bekend over wordt.'

Grondgebondenheid

Met de inzet op grondgebondenheid wordt een afstandscriterium voor 25 km voorgesteld voor mestafzet. 'Het kabinet heeft het pleidooi van Biohuis overgenomen om rekening te houden met de bijzondere eisen die in de biologische landbouw gelden ten aanzien van het gebruik van mest van biologische oorsprong. In de afgelopen maanden heeft Biohuis intensief overleg gehad met minister, ambtenaren en politiek. Het resultaat daarvan is redelijk goed terug te lezen in de kamerbrief. Waar onze inzet niet overgenomen kon worden, zijn wel handreikingen gedaan om tot een goede uitkomst te komen. De aandachtspunten en zorgen die nog open staan worden gedeeld met de Tweede Kamer in aanloop naar het debat van 1 juli.'

Beeld: Ruth van Schriek

Tags
AkkerbouwBiologischMelkveeVarkensPluimveeNatura 2000Natuur & LandschapPolitiek